Thema 12 Vriendschap taak 3

Thema 12 Vriendschap
Taak 3
1 / 15
volgende
Slide 1: Tekstslide
NT2ISK

In deze les zitten 15 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

time-iconLesduur is: 60 min

Onderdelen in deze les

Thema 12 Vriendschap
Taak 3

Slide 1 - Tekstslide

🎯Lesdoelen:
 
Ik kan een verhaal schrijven bij een foto en daarin duidelijk vertellen wie de personen zijn en wat er gebeurt.

Slide 2 - Tekstslide

Huiswerk
Wat moest je doen? 
  • Vertaal de volgende 10 woorden (22 t/m 32) van de woordenlijst en maak een zin met de woorden.

Leg je huiswerk op tafel 


Slide 3 - Tekstslide

Hij was op school, ........ dat hij ziek was
A
omdat
B
ondanks
C
niet

Slide 4 - Quizvraag

Deze puzzel is ...
A
klaar
B
onvolledig
C
compleet
D
kapot

Slide 5 - Quizvraag

onpersoonlijk
A
iets wat niet van jezelf is en geen eigen karakter heeft
B
Iemand niet zien
C
Zeggen dat je iets niet goed vind
D
Bij iemand komen

Slide 6 - Quizvraag

Je moet .... 4 uur thuis zijn.

Slide 7 - Open vraag

Taak 3
Verhalen schrijven

Slide 8 - Tekstslide

Activiteiten
Wat kun je doen met vrienden?

Slide 9 - Woordweb

Opdracht
Je krijgt een foto van vrienden die een activiteit doen.
Hier schrijf jij een verhaal bij. 
Bedenk zelf wat er gebeurd en wie de vrienden zijn. 
Schrijf minimaal een half A4 vol met jouw verhaal.

Slide 10 - Tekstslide

Verhaal
Geen verhaal
Henk, Simon en Kees gingen samen fietsen. Toen viel Simon van de fiets. Kees en Henk gingen gelijk helpen, maar Simon begon hard te lachen. Hij vond het heel grappig.........v
De vrienden fietsen.
Ze fietsen in het bos.
Het is leuk.

Slide 11 - Tekstslide

✏️ OPDRACHT
Je krijgt een foto van vrienden die samen een activiteit doen.

👀 Kijk goed naar de foto.   
🧠 Bedenk zelf wat er gebeurt.
 📖 Schrijf een verhaal.
📝 Schrijf minimaal een half A4.  
Gebruik hele zinnen.
timer
15:00

Slide 12 - Tekstslide


👀 Kijk goed naar de foto. 
 🧠 Bedenk zelf wat er gebeurt. 
📖 Schrijf een verhaal.

In jouw verhaal schrijf je:
Wie zijn de vrienden?
Waar zijn ze?
Wat doen ze?
Wat gebeurt er?
Hoe loopt het af?

📝 Schrijf minimaal een half A4. Gebruik hele zinnen.
🧠 HULP BIJ HET SCHRIJVEN
🔹 Begin
Dit zijn …
Ze zijn in / op …
Het is …

🔹 Midden
Eerst …
Daarna …
Plotseling …
Toen …

🔹 Einde
Uiteindelijk …
Op het einde …

Ze voelden zich …
timer
15:00

Slide 13 - Tekstslide

Opdracht
Schrijf een verhaal over vrienden bij een foto.
Minimaal een half A4. 
Klaar? Woordjes leren: 

Slide 14 - Tekstslide

📊 BEOORDELINGSRUBRIC– VERHAAL BIJ EEN FOTO
A2: ☐ Mijn verhaal heeft een begin, midden en einde.
☐ Ik gebruik tijdwoorden (eerst, daarna, toen).
☐ Ik schrijf meerdere zinnen die goed bij elkaar passen.
☑ Mijn verhaal is minimaal een half A4.

B1: ☐ Mijn verhaal is logisch opgebouwd.
☐ Ik gebruik verbindingswoorden (maar, omdat, terwijl, hoewel).
☐ Ik beschrijf gevoelens of gedachten.
☐ Ik gebruik verschillende zinnen en tijdsvormen.
☑ Mijn verhaal leest soepel en samenhangend.
💬 FEEDBACK  ⭐ Wat ging goed?  🔧 Wat kan beter? 

Slide 15 - Tekstslide