Suïcidale gedachten en zelfdoding bij leerlingen op het VO

Suïcidale gedachten en zelfdoding bij leerlingen op het voortgezet onderwijs
1 / 18
volgende
Slide 1: Tekstslide
Mens & MaatschappijBeroepsopleiding

In deze les zitten 18 slides, met tekstslides en 1 video.

time-iconLesduur is: 30 min

Onderdelen in deze les

Suïcidale gedachten en zelfdoding bij leerlingen op het voortgezet onderwijs

Slide 1 - Tekstslide

Welke rol heeft een docent op het voortgezet onderwijs bij suïcidale gedachten van leerlingen?

Slide 2 - Tekstslide

Feiten vooraf
  • In Nederland overlijden ieder jaar rond de 100 jongeren onder de 23 jaar aan zelfdoding. 
  • Deze jongeren worstelde met hun seksuele geaardheid,
  • Worstelde met de gevolgen van seksueel en fysiek geweld,
  • Waren slachtoffer van pesten,
  • Of ervaarden een gespannen thuissituatie.

Slide 3 - Tekstslide

Verbanden tussen verschillende casussen 

  • Meisjes: Onzekere meisjes met een perfectionistische instelling, ze kregen psychische problemen, verzuimden school en kwamen in een negatieve spiraal terecht.

  • Jongens: Diagnose zoals autisme, ADHD en dyslexie. Zij hadden weinig aansluiting met leeftijdsgenoten en docenten en moesten afstromen naar speciaal onderwijs.

Slide 4 - Tekstslide

Agenda
  • In deze les leren we waarschuwingssignalen en risicofactoren voor zelfdoding te benoemen en te herkennen. 

  • In deze les leren we welke stappen we als docenten kunnen ondernemen in het geval van een suïcidale leerling. 

Slide 5 - Tekstslide

Suïcidale gedachten en zelfdoding
  • Tussen denken aan de dood en zelfdoding zit nog een hele weg. 

  • Het is niet zozeer de wens om dood te zijn die bij suïcidale gedachten voorop staat, maar het verlangen te ontsnappen aan een moeilijke situatie die ondraaglijk en uitzichtloos lijkt.




Slide 6 - Tekstslide

5 veelvoorkomende oorzaken van suïcidale gedachten
  • Iemand ervaart verlies.
  • Iemand deed al eerder een poging tot zelfdoding. 
  • Iemand heeft psychische problemen.
  • Iemand heeft een dierbare verloren door zelfdoding.
  • Iemand is sociaal geisoleerd en heeft geen steun van vrienden of familie.



Slide 7 - Tekstslide

Gedachten die spelen 
  • ‘ik wil niet meer'
  • ‘ik wil de pijn niet meer'
  • ‘niemand zal me missen als ik er niet meer ben'
  • ‘ik zal me nooit meer beter gaan voelen'
  • ‘mensen zijn beter af zonder mij'
  • ‘ik verdien het niet om te leven'

Slide 8 - Tekstslide

Stappenplan voor docenten in het VO 

  • Stap 1: Herken de signalen van suïcidale gedachten bij een leerling.
  • Stap 2: Maak de vermoedens bespreekbaar met de leerling.
  • Stap 3: Wijs de weg naar hulp.
  • Stap 4: Evaluatie van het gesprek met betreffende leerling en het hulpteam. 

Slide 9 - Tekstslide

Slide 10 - Tekstslide

Slide 11 - Video

Stap 1: Stap 1: Herken de signalen van suïcidale gedachten bij een leerling.
  • Somberheid
  • Afzondering
  • Luidruchtig aanwezig zijn
  • Absentie zonder duidelijke reden
  • Verminderende schoolprestaties
  • Plotselinge veranderingen in gedrag of gevoel
  • Vage of concrete uitspraken die op suïcidaliteit zouden kunnen duiden
  • Verbetering van stemming die te mooi is om waar te zijn als gevolg van een genomen besluit om uit het leven te stappen
  • Afscheid nemen door persoonlijke spullen weg te geven
  • Niet goed voor zichzelf zorgen

Slide 12 - Tekstslide

Stap 2: Maak de vermoedens bespreekbaar met de leerling.
  • Vraag eerst open hoe het gaat. 
  • Benoem de signalen die je hebt gezien.
  • Geef aan dat je je zorgen maakt en vraag door naar wat er aan de hand is.
  • Vraag of de leerling wel eens aan zelfmoord denkt. 
  • Als een leerling aan zelfmoord denkt, vraag dan verder naar deze gedachten. Vermijd ten alle tijden het woord “waarom”, omdat dat kan suggereren dat je oordeelt. 
  • Geef de leerling het gevoel dat je ziet hoe moeilijk hij of zij het heeft en bevestig dat je zijn of haar wanhoop ziet. 
  • Geef geen advies en kom niet met oplossingen voor de problematiek. 
  • Beloof nooit een geheim te bewaren aan de leerling.

Slide 13 - Tekstslide

Stap 3: Wijs de weg naar hulp.
  • Hier maakt de docent of professional onderscheidt tussen wat hij of zij doet bij concrete zelfmoordplannen en situaties waarin er wel suïcidale gedachten zijn, maar geen concrete plannen.

  • Hier komt het punt dat de zaak kan worden overgedragen aan een professional binnen het schoolteam of een gespecialiseerde externe hulpverlener.


Slide 14 - Tekstslide

Bij concrete plannen tot zelfdoding
  • Bied aan mee te willen denken over andere oplossingen.
  • Verwijs binnen de school door, zonder dat de leerling zich door jou afgewezen voelt.
  • Breng direct de ouders op de hoogte. 
  • Breng de huisarts of crisisdienst op de hoogte. Wil de leerling niet meewerken, geef dan aan dat je je zorgen maakt en welke stappen je gaat ondernemen. 
  • Bel 112 als je denkt dat de leerling kort na jullie gesprek een poging tot zelfdoding wil gaan doen.
  • Blijf bij de leerling tot er hulp is, en laat de leerling nooit alleen van school vertrekken.

Slide 15 - Tekstslide

Bij niet-concrete plannen tot zelfdoding
  • Laat de leerling vertellen over waarom hij of zij dood wil.
  • Toon je waardering voor het feit dat hij of zij er zo open over praat, zeg dat je de wanhoop ziet en samen op zoek wil naar hulp. Vraag hierbij om de instemming van de leerling. 
  • Bespreek de eerste mogelijke vervolgstappen, zoals een afspraak maken met de huisarts, contact opnemen met de behandelaar van de leerling (wanneer die er al is), samen ouders op de hoogte brengen, of steun zoeken bij anderen zoals familie, vrienden, buren of een dienst als 113online.

Slide 16 - Tekstslide

Stap 4: Evaluatie van het gesprek met betreffende leerling en het hulpteam. 
  • Dat doet de docent of professional zowel met de leerling, als met het team en de leidinggevende. Het is hierbij belangrijk dat er duidelijke afspraken worden gemaakt voor een vervolg.
  • Evaluatiemomenten inplannen.

Slide 17 - Tekstslide

Vragen?



Slide 18 - Tekstslide