Inductie en Deductie
Bronnen van Kennis
Inductie en Deductie
Bronnen van Kennis
Vakfiche: inductie en deductie
Je herkent en benoemt de verschillende bronnen van kennis.
Bronnen zijn:
• verhalen
• geheugen
• afleiding
• zintuigen
• introspectie
Je legt het verschil uit tussen waarneming en kennis aan de hand van de grotallegorie van Plato.
Je legt uit hoe kennis wordt opgebouwd binnen het rationalisme volgens René Descartes:
• deductieve aanpak
• methodische twijfel
Je legt uit hoe kennis wordt opgebouwd binnen het empirisme volgens John Locke en David Hume:
• inductieve aanpak
Je herkent en benoemt empirisme en rationalisme in een gegeven voorbeeld.
Je legt de verschillen uit tussen empirisme en rationalisme.
Filosofische kennistheorie (epistemologie)
• Epistemologie = de filosofische studie van kennis
• Onderzoekt de aard, oorsprong en grenzen van menselijke kennis
• Kernvragen:
- Hoe weten mensen dat iets waar is?
- Waar komt kennis vandaan?
- Kunnen mensen absolute zekerheid bereiken?
Bronnen van kennis
Verhalen (mythes, religie, geschiedenis, ervaring)
Geheugen
Afleiding (logisch denken)
Zintuigen
Introspectie
Verhalen als bron van kennis
• Mythes, religieuze en historische verhalen
• Geven betekenis aan de werkelijkheid
• Kennisoverdracht tussen generaties
• Beperkingen: niet altijd betrouwbaar, fantasie-elementen
• Wetenschappelijk alternatief: observatie en bewijs
Wat was ook al weer het verschil tussen mythos en logos?
Geheugen en afleiding
• Geheugen:
- Onthouden van ervaringen en informatie
- Beperkingen: vergeten, foutieve herinneringen
• Afleiding:
- Logisch nadenken om nieuwe kennis te krijgen
- Voorbeeld deductie:
Alle mensen zijn sterfelijk
Socrates is een mens
Dus Socrates is sterfelijk
Zintuigen en introspectie
• Zintuigen: zien, horen, voelen, ruiken, proeven
- Waarneming als basis voor informatie
- Wetenschappers gebruiken observaties en experimenten
• Introspectie:
- Nadenken over eigen gedachten en gevoelens
- Zelfreflectie op overtuigingen en emoties
Som de vijf bronnen van kennis op.
Sleepvraag
verhalen
Afleiding
zintuigen
introspectie
geheugen
Ik las in de Flair dat co-housing wel handig kan zijn.
Ik denk logisch na.
Ik denk na over hoe ik me voel.
Ik onthoud wel even dat dit niet zo goed lukt.
Plato en de grotallegorie
Plato en de grotallegorie
• Gevangenen zitten vastgeketend in een grot
• Ze zien alleen schaduwen op de muur
• Ze denken dat schaduwen de werkelijkheid zijn
• Een gevangene komt vrij en ontdekt de ware wereld
• Betekenis: zintuiglijke waarnemingen kunnen misleiden
• Echte kennis bereiken we via rationeel nadenken
Wat symboliseert de grot van Plato?
De illusie van de werkelijkheid
De schaduw van de waarheid
De lichtbron
De weg naar kennis
Wie is de filosoof achter de grot?
Aristoteles
Socrates
Plato
Epicurus
Wat gebeurt er met de gevangenen?
Ze zien de echte objecten
Ze kunnen niet praten
Ze zien alleen schaduwen
Ze zijn vrij
Wat vertegenwoordigen de schaduwen?
De waarheid zelf
De ideale vormen
De onwetendheid van mensen
De natuur
Welke uitkomst is mogelijk na ontsnapping?
Inzicht in de werkelijkheid
Geen verandering
Terug naar de schaduw
Meer gevangenen maken
Rationalisme
Rationalisme: kennis via rede
• Filosofische stroming: kennis ontstaat via het verstand
• René Descartes als grondlegger
• Methodische twijfel aan zintuigen en herinneringen
• "Cogito, ergo sum" - Ik denk, dus ik ben
• Deductieve redenering als basis voor kennis
Methodische twijfel van Descartes
• "Ik twijfel aan mijn zintuigen, herinneringen en overtuigingen"
• Systematisch twijfelen aan alles wat betwijfelbaar is
• Zoeken naar een onbetwijfelbaar fundament
• Conclusie: het feit dat ik twijfel bewijst dat ik denk
• "Cogito, ergo sum" als onbetwijfelbare zekerheid
Deductie: voorbeeld van geldige redenering
• Premisse 1: Alle mensen zijn sterfelijk
• Premisse 2: Socrates is een mens
• Conclusie: Dus Socrates is sterfelijk
• Waarom geldig?
- De conclusie volgt noodzakelijk uit de premissen
- Als de premissen waar zijn, kan de conclusie niet onwaar zijn
- Van algemeen naar specifiek
Wat is de basis van het rationalisme?
Kennis via ervaring
Kennis via geloof
Kennis via zintuiglijke waarneming
Kennis via de rede of verstand
Wie is een belangrijke vertegenwoordiger van het rationalisme?
David Hume
Immanuel Kant
Friedrich Nietzsche
René Descartes
Wat betekent 'Cogito, ergo sum'?
Ik voel, dus ik besta
Ik denk, dus ik besta
Ik weet, dus ik besta
Ik zie, dus ik besta
Wat is methodische twijfel?
Vertrouwen op zintuigen
Vaststellen van feiten
Geloven in alles
Twijfelen aan onzekere dingen
Wat is de deductieve aanpak?
Vertrouwen op emotionele overtuigingen
Afleiden van specifieke principes
Gebaseerd op persoonlijke ervaringen
Vertrekken vanuit algemene principes
Empirisme
Empirisme: kennis via ervaring
• Filosofische stroming: kennis ontstaat via ervaring en waarneming
• Belangrijke denkers: John Locke en David Hume
• Locke's tabula rasa: mens wordt geboren als onbeschreven blad
• Alle kennis via ervaring en zintuigen
• Hume: kennis gebaseerd op indrukken, geen absolute zekerheid
John Locke en tabula rasa
• Tabula rasa = "onbeschreven blad"
• De mens wordt geboren zonder aangeboren kennis of ideeën
• De geest is bij geboorte leeg, als een wit vel papier
• Alle kennis komt voort uit ervaringen en zintuiglijke waarnemingen
• Staat tegenover het rationalisme: geen aangeboren ideeën
David Hume en inductie
• Voorbeeld inductie:
- Meerdere raven zijn zwart
- Dus alle raven zijn zwart
dus: van het specifieke geval -> algemeen
• Hume's kritiek:
- Geen absolute zekerheid over toekomstige gebeurtenissen
- Onze verwachtingen zijn gebaseerd op gewoonte, niet op logica
- Voorbeeld: zon komt elke dag op, maar dat is geen garantie
Wat stelt het empirisme over kennis?
Kennis is aangeboren bij de geboorte.
Kennis is niet te bewijzen.
Kennis komt alleen uit boeken.
Kennis ontstaat via ervaring en waarneming.
Wie wordt beschouwd als een belangrijke empirist?
Immanuel Kant
René Descartes
Friedrich Nietzsche
David Hume
Wat is een tabula rasa volgens Locke?
Een onbeschreven blad.
Een bron van kennis.
Een filosofische theorie.
Een voltooide geest.
Wat is inductie in het empirisme?
Kennis zonder ervaring opbouwen.
Bewijzen met absolute zekerheid.
Algemene regels formuleren uit waarnemingen.
Alleen op basis van deductie werken.
Verschillen tussen rationalisme en empirisme
• Rationalisme vs Empirisme:
- Rede centraal vs Ervaring centraal
- Deductie vs Inductie
- Aangeboren ideeën mogelijk vs Kennis alleen via ervaring
- Descartes vs Locke en Hume
• Van algemeen naar specifiek (deductie) vs van specifiek naar algemeen (inductie)
Sleepvraag
Rationalisme
Empirisme
rede centraal
ervaring centraal
Deductie
Inductie
aangeboren ideeën mogelijk
Kennis ontstaat via ervaring
Descartes
Locke
Hume
Wat is het verschil tussen inductie en deductie?
Vakfiche: inductie en deductie
Je herkent en benoemt de verschillende bronnen van kennis.
Bronnen zijn:
• verhalen
• geheugen
• afleiding
• zintuigen
• introspectie
Je legt het verschil uit tussen waarneming en kennis aan de hand van de grotallegorie van Plato.
Je legt uit hoe kennis wordt opgebouwd binnen het rationalisme volgens René Descartes:
• deductieve aanpak
• methodische twijfel
Je legt uit hoe kennis wordt opgebouwd binnen het empirisme volgens John Locke en David Hume:
• inductieve aanpak
Je herkent en benoemt empirisme en rationalisme in een gegeven voorbeeld.
Je legt de verschillen uit tussen empirisme en rationalisme.
Filosofische vaardigheden
Filosofische vaardigheden bij inductie en deductie:
Je formuleert een filosofische vraag.
Je formuleert argumenten voor en tegen een standpunt volgens de AUB-methode. (zie
bijlage 1)
Je beoordeelt de geldigheid van redeneringen in filosofische teksten. Je gebruikt hierbij
inzichten uit de argumentatieleer.
Filosofische vragen formuleren
• Kenmerken van filosofische vragen:
- Geen eenvoudig of definitief antwoord
- Nodigen uit tot dieper nadenken
• Voorbeelden:
- Kunnen mensen absolute zekerheid bereiken?
- Zijn onze zintuigen betrouwbaar?
- Wat is echte kennis?
AUB-methode voor argumenteren
• A - Argument: duidelijk standpunt
• U - Uitleg: waarom klopt het standpunt
• B - Bijvoorbeeld: concreet voorbeeld
• Illustratief voorbeeld:
- A: "Zintuigen zijn niet altijd betrouwbaar"
- U: "Optische illusies misleiden onze waarneming"
- B: "Luchtspiegeling lijkt water te tonen"
Geldigheid van redeneringen
• Geldige redenering:
- De conclusie volgt logisch uit de premissen
- Als premissen waar zijn, moet conclusie ook waar zijn
- Voorbeeld: Alle mensen zijn sterfelijk + Socrates is een mens = Socrates is sterfelijk
• Ongeldige redenering:
- Fouten in logica of argumentatie
- Voorbeeld: "Sommige vogels vliegen, pinguïns zijn vogels, dus pinguïns vliegen"
Opdracht
Kies één filosofische vraag uit en beantwoord deze aan de hand van de AUB-methode.