Spaans les 4 V4 II parte de la carta contraste indef/imp

Clase de español - V4


Objetivo de la clase
Escribir sobre el viaje 
Conocer el contraste indefinido - imperfecto
1 minuto para introducir el código
1 / 15
volgende
Slide 1: Tekstslide
SpaansMiddelbare schoolvwoLeerjaar 4

In deze les zitten 15 slides, met tekstslides.

time-iconLesduur is: 60 min

Onderdelen in deze les

Clase de español - V4


Objetivo de la clase
Escribir sobre el viaje 
Conocer el contraste indefinido - imperfecto
1 minuto para introducir el código

Slide 1 - Tekstslide

La clase anterior
Habla con tu compañero/a de clase sobre la clase anterior contestando en español a estas preguntas:

Slide 2 - Tekstslide

La preparación para la clase de hoy
Leren de indefinido onregelmatig en het gebruik.
Leren de imperfecto de uitgangen en het gebruik.
Leren vocabulaire over de reis ned-spa

Slide 3 - Tekstslide

Repasar la gramática
Escribe en la forma correcta el indefinido en tu cuaderno

Slide 4 - Tekstslide

Repasar la gramática
1. viajé
2. regresamos
3. te alojaste
4. viste
5. Duró
6. Empezamos
7. hice
8. fue
9. Visité
10. Volvisteis

Slide 5 - Tekstslide

Errores frecuentes
1. Yo fue a Argentina.
2. Argentina esta en Latinoamérica.
3. Fui en Argentina.
4. El capital de Argentina es Buenos Aires
5. Estuve a Argentina
6. La genta hablan español.
timer
2:00

Slide 6 - Tekstslide

¿Indefinido o imperfecto?
Habla con tu compañero/a de clase cuándo se usa el indefinido o el imperfecto en tu carta
timer
1:00

Slide 7 - Tekstslide

En resumen y en tu carta
Indefinido
Imperfecto
Alles wat je deed op een bepaald moment tijdens je reis.
Beschrijving van: omgeving, bezienswaardigheden, omstandigheden en situaties (tijdens je reis), het weer, mensen
Alles wat er (plotseling) op een bepaald moment gebeurde tijdens je reis
Beschrijving van iets dat je steeds weer deed tijdens je reis (elke ochtend stond ik op om 9 uur; we aten elke avond taco's, elke dag gingen we naar het strand etc)
Achtereenvolgende handelingen of gebeurtenissen tijdens je reis (opsomming)
Toen we op de vulkaan stonden konden we niets zien, omdat het heel slecht weer was (imperfecto) -> hacía mal tiempo
Tip: maak zoveel mogelijk gebruik van de signaalwoorden, dan weet je welke verleden tijd je moet gebruiken.
Tip: maak zoveel mogelijk gebruik van de signaalwoorden, dan weet je welke verleden tijd je moet gebruiken.

Slide 8 - Tekstslide

Tu carta
  1. 1a parte: introducción y información del país
  2. 2a parte: el viaje de ida
  3. 3a parte: excursión a un monumento
  4. 4a parte: excursión a un fenómeno natural
  5. 5a parte: el viaje de vuelta
  6. 6a: terminar la carta

Slide 9 - Tekstslide

Párrafo 1 - introducción
Leg uit waarom je deze brief schrijft 
Waar ben je naar toe gegaan? Waarom daar?
Waar ligt het?
Wat kun je meer vertellen over dat land? (zie jouw Ficha de trabajo)
Met wie ben je daar naar toe gegaan?
Wanneer was je daar?
Hoelang was je daar?
Sla steeds een witregel over, dan kan je daar later verbeteringen opschrijven.
Hulpmiddelen:
woordenboek
aantekeningen

Slide 10 - Tekstslide

Párrafo 2 - El viaje de ida a tu país

Vertel over de heenreis in 100 woorden. Verwerk daarin het volgende (indefinido/imperfecto):
Welke datum / dag/ tijd vertrokken jullie en waarvandaan.
Beschrijf hoe de reis verliep (bezigheden, tegenslag, stewardessen, eten etc.)
Hoe lang duurde de reis?
Wanneer/hoe laat kwamen jullie aan en waar?
Gebruik vocabulaire uit de reader, ook bijvoeglijke nw-en

Tip
Schrijf de alinea eerst in het Nederlands.
Gebruik korte zinnen.
Alleen korte zinnen kan je makkelijk vertalen naar het Spaans.
Doe alsof je het aan een klein kind vertelt.

Slide 11 - Tekstslide

Het lukt mij om over de heenreis naar het land in Latijns-Amerika te schrijven

Slide 12 - Tekstslide

Ik snap het verschil tussen het gebruik van de indefinido en de imperfecto

Slide 13 - Tekstslide

Ik weet nu wanneer ik de indefinido en de imperfecto in mijn brief moet toepassen.

Slide 14 - Tekstslide

La preparación para la siguiente clase 
Aprender:
Las formas del indefinido
Las formas del imperfecto
El uso y los marcadores del indefinido y del imperfecto
aprender ser/estar/hay 
Vocabulario: ciudad, pueblo y campo (NL-SP)

Slide 15 - Tekstslide