BK2 Elektriciteit

Hallo Allemaal
Doe je oordopjes in
Camera aan 

Doe mee en let op!
1 / 21
volgende
Slide 1: Tekstslide
Nask / BiologieMiddelbare schoolvmbo bLeerjaar 2

In deze les zitten 21 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

time-iconLesduur is: 45 min

Onderdelen in deze les

Hallo Allemaal
Doe je oordopjes in
Camera aan 

Doe mee en let op!

Slide 1 - Tekstslide

Deze les
Online quiz
Extra uitleg
Maken 4.6 + afsluiting

Slide 2 - Tekstslide

De spanning van een normale batterij is?
A
1 V
B
1,2 V
C
1,5 V
D
6 V

Slide 3 - Quizvraag

Welke uitspraak is juist?
A
De elektriciteitscentrale geeft een spanning van 230 V
B
De elektriciteitscentrale geeft een spanning van 2300 V
C
Het stopcontact levert een spanning van 230 V
D
Het stopcontact levert een spanning van 2300 V

Slide 4 - Quizvraag

Hoe kun je zien dat dit een gesloten stroomkring is?

Slide 5 - Open vraag

Welke uitspraak is waar?
A
Geleiders laten elektrische stroom gemakkelijk door
B
Isolatoren laten elektrische stroom gemakkelijk door
C
Geleiders laten elektrische stroom moeilijk door
D
Isolatoren laten elektrische stroom moeilijk door

Slide 6 - Quizvraag

Je zet de schakelaar om. Het lampje gaat uit. Wat gebeurt hier?
A
De stroomkring gesloten Daardoor is hij uit.
B
De stroomkring onderbroken. Daardoor is hij uit
C
Voeding uit gezet. Daardoor is hij uit.

Slide 7 - Quizvraag

Lampje
Open schakelaar
Batterij
Gesloten schakelaar

Slide 8 - Sleepvraag

Wat is het?
A
Serieschakeling
B
Parallelschakeling

Slide 9 - Quizvraag

wat is waar?
A
Een serieschakeling bestaat uit meerdere stroomkringen
B
Een serieschakeling bestaat uit één stroomkring

Slide 10 - Quizvraag

in een parallelschakeling staan een aantal apparaten aan. Eén gaat kapot. wat gebeurt er?
A
Ze gaan allemaal kapot
B
Ze werken ook niet meer
C
De andere apparaten werken nog

Slide 11 - Quizvraag

De voorlamp gaat kapot. Blijft zijn achterlamp branden?
A
Ja, want hij is in serie aangesloten
B
nee, want hij is in serie aangesloten
C
Ja, want hij is parallel aangesloten
D
Nee, want hij is parallel aangesloten

Slide 12 - Quizvraag

wat voor schakeling is dit?
A
Serie
B
Parallel

Slide 13 - Quizvraag

Dit is een parallel schakeling. Leg uit waarom:
A
De schakeling bestaat uit één stroomkring
B
De schakeling bestaat uit twee stroomkringen
C
De schakeling bestaat uit twee lampjes

Slide 14 - Quizvraag

Elektrische energie en vermogen

Een apparaat verbruikt energie. Hoeveel energie het apparaat verbruikt wordt berekend met het vermogen.

Je berekent de hoeveelheid energie die per seconde wordt gebruikt.
Zo verbruikt een lampje minder energie dan een waterkoker. 

Slide 15 - Tekstslide

Typeplaatje 

Slide 16 - Tekstslide

Welke lamp geeft het meeste licht?

Slide 17 - Tekstslide

hoe groter het vermogen (W) hoe krachtiger het is
W staat voor Watt
Lampjes staan weergegeven in W (watt). 
Maar grotere apparaten in kilowatt (kW)

1 kW = 1000 W
Dus wil je van kilowatt omrekenen naar watt, doe je x1000
andersom doe je gedeeld door. 

Slide 18 - Tekstslide

Wat is overbelasting?

Slide 19 - Woordweb

Wat is kortsluiting?

Slide 20 - Woordweb

Maken 4.6 
online blijven voor vragen!

Slide 21 - Tekstslide