Rekenen
Les 5
Thema wonen
Taak 3 "Een huis inrichten"
Rekenen
Les 5
Thema wonen
Taak 3 "Een huis inrichten"
Deze slide heeft geen instructies
Programma
Terugblik
Oriëntatie
Uitleg en samen oefenen "Een huis inrichten"
Aanwijzingen rekenen
Aan de slag
Evaluatie
Deze slide heeft geen instructies
Terugblik
Thema wonen "Boodschappen doen en koken"
Deze slide heeft geen instructies
Voor een recept heb je 200 gram rijst nodig voor 4 personen. Hoeveel rijst heb je nodig voor 10 personen?
400 gram
500 gram
450 gram
600 gram
Deze slide heeft geen instructies
In een saus gebruik je 3 deciliter room op 750 milliliter bouillon. Welke verhouding hoort daarbij?
3 : 75
300 : 750
30 : 750
3 : 750
Deze slide heeft geen instructies
Een recept voor 6 personen gebruikt 900 ml soep. Je wilt het recept maken voor 4 personen. Hoeveel soep heb je dan nodig?
500 ml
700 ml
600 ml
650 ml
Deze slide heeft geen instructies
Lesdoel
Ik kan afmetingen van woonruimtes en meubels schatten, de omtrek en oppervlakte berekenen en een werktekening van meubels aflezen om ermee te rekenen.
Deze slide heeft geen instructies
Een huis inrichten Rekenraadsel: Een rechthoekige kamer is 5 m lang en 4 m breed. Is 18 m de omtrek of de oppervlakte?
Gebruik het rekenraadsel als korte startactivatie. Laat studenten eerst intuïtief kiezen en koppel daarna meteen aan het verschil tussen omtrek en oppervlakte.
Is 18 m de omtrek of de oppervlakte?
Omtrek
Oppervlakte
Deze slide heeft geen instructies
Welke maten of vormen kom je vaak tegen in een huis?
Gebruik de antwoorden om voorkennis op te halen over meten, schatten en bekende afmetingen in huis. Vraag eventueel door bij woorden als deur, tafel, vloer, muur of bank.
Afmetingen schatten
Schatten is eerst een redelijke inschatting maken
Je gebruikt kennis van bekende maten uit het dagelijks leven
In een woning helpt schatten om snel te controleren of een antwoord logisch is
Voorbeelden: hoogte van een tafel, breedte van een deur, lengte van een bank
Benadruk dat schatten geen gokwerk is: het gaat om een beredeneerde verwachting op basis van bekende referenties.
Referentiematen in huis
Deur: vaak ongeveer 2 m hoog en 1 m breed
Grote stap is vaak 1 m
Deze maten helpen bij het schatten van grotere en kleinere afstanden
Noem dat referentiematen niet altijd exact zijn, maar wel bruikbaar om snel te beoordelen of een uitkomst aannemelijk is.
Waarom schatten belangrijk is
Je ziet sneller of een berekening kan kloppen
Je voorkomt onlogische antwoorden
Je kiest beter welke maat je nodig hebt
Je werkt handiger met maten in een praktijksituatie
Deze slide heeft geen instructies
Rekentaal
Omtrek
Oppervlakte
Lengte
Breedte
Hoogte
Diepte
Omrekenen
Vierkante meter
Samengestelde figuur
Deze slide heeft geen instructies
Waarom is schatten handig bij rekenen in huis?
Je gokt sneller
Je ziet of iets logisch is
Je hoeft niet te meten
Je gebruikt meer formules
De juiste keuze sluit aan bij de slides over schatten als controle op logische uitkomsten. De afleiders passen bij veelvoorkomende misverstanden: schatten is geen gokken en vervangt meten niet altijd.
203
20,3
2,03
Deze slide heeft geen instructies
14
260
26
6
Deze slide heeft geen instructies
Waar of niet waar?
Waar -> ga staan
Niet waar -> blijf zitten
Het huis heeft een bad
Er zijn twee slaapkamers
Keuken is in de woonkamer
De hal is 2,4 m breed
Een van de slaapkamers is vierkant
Deze slide heeft geen instructies
Aanwijzingen rekenen
Deze slide heeft geen instructies
Aan de slag
Starten:
Thema 1 Taak 3 "Een huis inrichten" opdracht 1 t/m 7 en (tussencheck en verder oefenen hoeft niet).
m
s
Deze slide heeft geen instructies
Evaluatie
m
s
Deze slide heeft geen instructies
Wat is het verschil tussen omtrek en oppervlakte?
Deze slide heeft geen instructies
Je wilt weten hoeveel vloerbedekking je nodig hebt voor een kamer. Bereken je dan de omtrek of de oppervlakte?
Deze slide heeft geen instructies
Wat is de eerste stap wanneer je een rekenvraag bij een plattegrond krijgt?
Deze slide heeft geen instructies
Volgende les
- Verder werken aan Thema 1, taak 3 "Een huis inrichten"
opdracht 8 t/m 10 en de eindopdrachten
Deze slide heeft geen instructies