Een dameskapsalon aan huis in Den Haag
EXAMENSTOF · FINANCIEEL · KOSTEN EN BTW
Quiz
Terugblik: Kosten, btw en verkoopprijs
Een dameskapsalon aan huis in Den Haag
EXAMENSTOF · FINANCIEEL · KOSTEN EN BTW
Quiz
Terugblik: Kosten, btw en verkoopprijs
Les 3 van 3. Leerlingen beantwoorden individueel; bespreek na elke paar vragen kort de antwoorden. Image credit: P. van Tol / Wikimedia Commons, publiek domein
Noor verhoogt de prijs van een knipbeurt van € 32 naar € 36. Ze blijft 150 knipbeurten verkopen. Hoeveel stijgt haar omzet?
€ 4
€ 600
€ 5.400
€ 4.800
Syllabus 25.1. Uitwerking: nieuwe omzet 150 x 36 = 5.400; oude omzet 150 x 32 = 4.800; verschil € 600. Controle: 150 x 4 = 600. Verwachte fouten: alleen het prijsverschil (€ 4), de nieuwe omzet (€ 5.400) of de oude omzet (€ 4.800).
Wat is het kenmerk van proportioneel variabele kosten?
De kosten per eenheid blijven gelijk en het totaal stijgt evenredig met de afzet
De totale kosten blijven gelijk bij elke afzet
De kosten per eenheid dalen als de afzet stijgt
De totale kosten stijgen sneller dan de afzet
Syllabus 25.3. Proportioneel variabel: dubbele afzet geeft dubbele totale kosten. Verwachte fout: de totale kosten blijven gelijk, dat zijn constante kosten.
Dirk koopt onderdelen in voor € 1.000 exclusief btw. De leverancier rekent € 210 btw. Hoe noemt Dirk die € 210?
Te betalen btw
Omzet
Te vorderen btw
Variabele kosten
Syllabus 25.6 en 25.7. Btw over een inkoop die je terugvraagt is te vorderen btw. Verwachte fout: te betalen btw, omdat Dirk het bedrag zelf betaalt.
Een dienst kost € 250 exclusief 21% btw. Hoeveel btw ontvangt de ondernemer van de klant?
€ 302,50
€ 52,50
€ 21,00
€ 43,39
Syllabus 25.6. Uitwerking: 250 x 0,21 = 52,50. Controle: 10% van 250 is 25, 20% is 50, 1% is 2,50, dus 21% is 52,50. Verwachte fouten: de prijs inclusief btw (€ 302,50), het percentage als bedrag (€ 21,00) of rekenen vanaf de prijs inclusief btw (€ 43,39).
Waarom hoort de btw niet bij de omzet?
Syllabus 25.1 en 25.6. Een goed antwoord: de ondernemer int de btw voor de overheid en draagt die af, het is geen inkomen voor de ondernemer. De omzet reken je met de verkoopprijs exclusief btw. Verwachte fout: zeggen dat btw een kost is.
Totaal variabele kosten zijn € 1.800 bij 300 reparaties, proportioneel variabel. Wat zijn de variabele kosten per reparatie?
€ 0,17
€ 1.500
€ 2.100
€ 6,00
Syllabus 25.3. Uitwerking: 1.800 : 300 = 6. Controle: 300 x 6 = 1.800. Verwachte fouten: omgekeerd delen (€ 0,17), aftrekken (€ 1.500) of optellen (€ 2.100).
Noor verkoopt 200 knipbeurten à € 36,30 inclusief 21% btw. Hoe hoog is haar omzet?
€ 7.260
€ 5.735,40
€ 1.260
€ 6.000
Syllabus 25.1 en 25.6. Uitwerking: prijs exclusief btw = 36,30 : 1,21 = 30; omzet = 200 x 30 = 6.000. Controle: 6.000 x 1,21 = 7.260. Verwachte fouten: de prijs inclusief btw gebruiken (€ 7.260), 21% van het bedrag inclusief btw aftrekken (€ 5.735,40) of alleen de btw berekenen (€ 1.260).
Het bedrijf van Sanne heeft een omzet van € 8.000. De afzet stijgt met 10% bij dezelfde verkoopprijs. Hoe hoog wordt de omzet?
€ 800
€ 8.800
€ 8.010
€ 7.200
Syllabus 25.1. Uitwerking: omzet = afzet x prijs, dus 10% meer afzet geeft 10% meer omzet: 8.000 x 1,10 = 8.800. Verwachte fouten: alleen de stijging (€ 800), 10 euro erbij (€ 8.010) of 10% eraf (€ 7.200).
Dirk koopt een band in voor € 12,10 inclusief 21% btw. Hoe hoog is de te vorderen btw?
€ 2,54
€ 10,00
€ 2,10
€ 14,64
Syllabus 25.7. Uitwerking: prijs exclusief btw = 12,10 : 1,21 = 10,00; btw = 12,10 min 10,00 = 2,10. Verwachte fouten: 21% van de prijs inclusief btw (€ 2,54), de prijs exclusief btw (€ 10,00) of vermenigvuldigen met 1,21 (€ 14,64).
Noor verkoopt alleen kapsel-uren. Hoe heet het aantal verkochte uren in een maand?
Afzet
Omzet
Verkoopprijs
Te betalen btw
Syllabus 25.1. Afzet is een aantal, omzet een bedrag. Verwachte fout: omzet.
Noor is een maand ziek en heeft geen klanten. Welke kosten van haar salon blijven doorlopen?
Alleen de variabele kosten, zoals materiaal
Alleen de constante kosten, zoals de huur
Alle kosten blijven even hoog
Geen enkele kost, want er is geen omzet
Syllabus 25.3. Variabele kosten volgen de afzet en zijn bij afzet nul gelijk aan nul; constante kosten lopen door. Verwachte fout: geen kosten, omdat er niets wordt verkocht.
Hoe zeker voel je je over dit onderwerp?
Heel zeker
Redelijk zeker
Niet zo zeker
Helemaal niet zeker
Gebruik de uitslag om te bepalen of je een onderdeel herhaalt.
EXAMENSTOF · FINANCIEEL · KOSTEN EN BTW
Goed gedaan!
Je rekent nu met omzet, kostensoorten en btw. Let op de basis: omzet exclusief btw, constante kosten per periode, variabele kosten maal afzet en btw delen door 1,21 als de prijs inclusief btw is.
This item has no instructions