K1 P2 W6 Lesson 2: Writing lesson

Welcome K1A
Be ready!
Bags on the floor and coats off. 
Grabb your laptop. 

1 / 40
next
Slide 1: Slide
EngelsMiddelbare schoolmavoLeerjaar 1

This lesson contains 40 slides, with interactive quizzes and text slides.

time-iconLesson duration is: 45 min

Items in this lesson

Welcome K1A
Be ready!
Bags on the floor and coats off. 
Grabb your laptop. 

Slide 1 - Slide

  • Homework check: Grammar 12 
  • Writting lesson 

*SO Engels Chapter 4 on Friday!
* Numo voor donderdag!
For today's lesson:

Slide 2 - Slide

Lesson goals: 
You can make and correct a sentence. 

Slide 3 - Slide

Homework: Present Continous

1. Wanneer gebruik je de present continuous

2. Hoe maak je de present continuous

Slide 4 - Slide

Present Continuous

Make the correct form of the present continuous. 
Use the verbs in brackets.


Slide 5 - Slide

1. We ___ (to wait) for the bus.

Slide 6 - Open question

2. Tom and Sylvia ___ (to decorate) their room.

Slide 7 - Open question

3. You ___ (to walk) too fast for me, Michael.

Slide 8 - Open question

Writing & Grammar 57 - page 44


Slide 9 - Slide

Writing 

Je krijgt zo een schrijfopdracht. 
Bespreek met je buurman/buurvrouw de criteria (voorwaarden) en zorg dat iedereen begrijpt wat hij/zij moet doen. 

Iedereen schrijft zijn of haar eigen zin op. 
Bespreek met elkaar de zinnen (1 voor 1) en noteer welke criteria niet gehaald worden. 

Slide 10 - Slide

Writing 


Slide 11 - Slide

Writing

Write one sentence:
criteria: 
1 - Use at least 7 words.
2 - Use the present continuous.
3 - Use one name/person in your sentence.
4 - Use capitals  & punctuation correctly.

Slide 12 - Slide

Writing 

Als het goed is, is je zin geschreven en besproken. 

Verbeter nu de zin, zodat je WEL aan alle criteria voldoet. 

Lever je blaadje bij mij in. 

Slide 13 - Slide

Homework

Make/finish:
-


Study:
Grammar chapter 4 (NIET imperative)
Vocabulary chapter 4

Slide 14 - Slide

PTO2 - week 6 - lesson 3
Today's mission:
  • Grammar Revision chapter 4

Slide 15 - Slide

What do you remember about the articles?

Slide 16 - Mind map

Articles
In het Engels heb je de volgende lidwoorden: 
the / a / an

1. the betekent de/het en kan altijd gebruikt worden. 
2. a betekent een en wordt gebruikt bij woorden die met een medeklinkerklank beginnen.
3. an betekent een en wordt gebruikt bij woorden die met een klinkerklank beginnen. 

Slide 17 - Slide

A
AN
tower
horse
elephant
present
hour
book
invitation

Slide 18 - Drag question

banana
A
a
B
an

Slide 19 - Quiz

apple
A
a
B
an

Slide 20 - Quiz

game
A
a
B
an

Slide 21 - Quiz

avatar
A
a
B
an

Slide 22 - Quiz

European
A
a
B
an

Slide 23 - Quiz

X-ray
A
a
B
an

Slide 24 - Quiz

university
A
a
B
an

Slide 25 - Quiz

hour
A
a
B
an

Slide 26 - Quiz

I can use articles.
A
Yes, I can
B
No, I can't
C
Yes and no, I can use some but not all

Slide 27 - Quiz

What do you remember about the present continous?

Slide 28 - Mind map

Present Continuous

Je gebruikt de present continuous dus om aan te geven dat iets NU aan de gang is. 

Je maakt de present continuous door am/are/is + werkwoord + ing te gebruiken. 

voorbeeld: I am teaching English. 


Slide 29 - Slide

Present continous

Opdracht: Maak of kies bij de volgende zinnen de juiste vorm van de Present Continous. 


Slide 30 - Slide

We ... the dishes right now.

A
are doing
B
am doing
C
are do
D
is doing

Slide 31 - Quiz

Look! They ... him his present.
A
are give
B
is giving
C
are giving
D
were giving

Slide 32 - Quiz

He ___ (to play) videogames with friends.

Slide 33 - Open question

Hannah ___ (to watch) a film.

Slide 34 - Open question

My parents ___ (to sweep) the street right now.

Slide 35 - Open question

I can make & use the present continuous.
A
Yes, I can
B
No, I can't
C
A little bit.

Slide 36 - Quiz

Homework

Make/finish:
-


Study:
SO:
Grammar chapter 4 (NIET imperative)
Vocabulary chapter 4

Slide 37 - Slide

PTO2 - week 6 - lesson 4
Today's mission:
  • SO
  • NUMO

Slide 38 - Slide

SO chapter 4

- Log in bij Testfox
- Maak het hele SO
- Ga daarna werken in NUMO Engels
- begin bij 'start' en maak het werk dat daar staat (Grammar, Reading, Words)

Slide 39 - Slide

Homework

Make/finish:
-

Study:
-

Slide 40 - Slide