Welkom!
Jas op de kapstok.
Ga rustig op je eigen plek zitten.
Telefoon in je tas.
Koptelefoon op tafel of in je tas. Oortjes uit.
Tas op de grond.
LEG JE BOEK OP TAFEL
Wacht rustig tot we beginnen.
Welkom!
Jas op de kapstok.
Ga rustig op je eigen plek zitten.
Telefoon in je tas.
Koptelefoon op tafel of in je tas. Oortjes uit.
Tas op de grond.
LEG JE BOEK OP TAFEL
Wacht rustig tot we beginnen.
Regels in de klas
Blijf van anderen
en hun spullen af
Zeg iets aardigs
of zeg niets.
Materialen bij je REKENMACHINE
Vinger opsteken
Wacht op je beurt
WC na de uitleg
Geen eten drinken
(eventueel flesje drinken)
Wat gaan we doen vandaag?
Aanwezigheid en spullen
toets hoofdstuk 2
H2.4
Quiz
Wat ga je leren voor je toets?
§ 2.4 Wat doe jij voor het milieu?
Wat ga je leren:
welke vormen van milieuschade er zijn
wat er wordt bedoeld met het broeikaseffect
wat je zoal kunt doen om het milieu te sparen
wat maatschappelijke kosten zijn
Milieuschade
Milieuschade = de schade die we toebrengen aan onze leefomgeving.
Bijvoorbeeld:
vervuiling van lucht, water, bodem
verbruik van grondstoffen
verbruik van fossiele brandstoffen
ontstaan van afval.
De aarde warmt op
Broeikaseffect = de opwarming van de aarde.
Oorzaak: uitstoot schadelijke stoffen, zoals CO2 (koolstofdioxide).
Luchtvervuiling door
uitlaatgassen auto’s en scooters
uitstoot door fabrieken.
Meer schone energie
Je kunt:
je huis beter isoleren
energiezuinige apparaten gebruiken
zonnepanelen plaatsen
zonneboiler of warmtepomp kopen.
Voor aanschaf zonneboiler of warmtepomp heb je recht op subsidie
= financiële bijdrage van de overheid.
Maatschappelijke kosten
Maatschappelijke kosten
= alle nadelen voor de samenleving, onder andere van milieuschade.
Milieuschade kun je niet altijd, of moeilijk in geld uitdrukken:
geluidsoverlast
uitlaatgassen
verdwijnen van natuurgebieden.
QUIZ Hoofdstuk 2
Je wilt nieuwe sneakers kopen.
Waar let jij het meest op?
de prijs
de kwaliteit
het merk en uiterlijk
wat mijn vrienden hebben
Wat is de taak van een consumentenorganisatie?
opkomen voor belangen van consumenten
zorgen dat consumenten meer producten kopen
onpartijdige informatie geven over producten
Answer D
Wat vertelt een keurmerk op een product?
dat het product aan bepaalde eisen voldoet
dat het product goedkoop is
dat iedereen het een goed product vindt
Answer D
Een koopwoning heeft een WOZ- waarde van 250000 euro.
Het ozb- tarief is 0,12%.
Hoeveel ozb betaalt de eigenaar?
30 euro
3000 euro
300 euro
Answer D
Mila betaalt 600 euro per maand. Zij krijgt 120 euro huurtoeslag.
Hoeveel procent van haar huur is de huurtoeslag?
20%
80%
5%
100%
Wat bedoelen we met de woningmarkt?
Alle woningen die te koop staan
Een plek waar je meubels voor je woning kan kopen
De vraag naar woningen en het aanbod van woningen die te koop staan.
het aanbod van alle woningen die te koop staan
De accu van jouw nieuwe fiets vliegt in brand. Welke wet gaat over de aansprakelijk van de producent.
de warenwet
de wet productaansprakelijkheid
de belastingdienst
Answer D
Bij welke aankoop geldt het consumentenrecht?
je koopt een gebruikte fiets van een vriend
je koopt een spel op de rommelmarkt
je koopt een koptelefoon bij een webshop
Answer D
Een bakje rozijnen kost 1,50 euro voor 450 gram. Hoeveel kost 150 gram?
0,50 cent
1,00 euro
Answer D
Mila betaalt 600 euro per maand. Zij krijgt 120 euro huurtoeslag.
Hoeveel procent van haar huur is de huurtoeslag?
20%
80%
5%
100%
120 : 600 x 100 = 20%
deel : geheel x 100%
Aan de slag/ huiswerk
Maken:
opdrachten 2.4
of
herhalingsopdrachten H2
KLAAR! Nakijken en begrippen leren.
minute
second
Wat heb je geleerd?
Lees een omschrijving voor van een begrip.
Wie weet welk begrip hier bij hoort?