Koersen en koersverloop (Bedrijfseconomie vwo), les 1: Uitleg

Beurs van Berlage, Amsterdam, 2019

EXAMENSTOF · FINANCIEREN · KOERSEN

Koersen en koersverloop

Examenstof bedrijfseconomie vwo

1 / 22
next
Slide 1: Slide
New lesson editorBedrijfseconomieMiddelbare schoolvwoLeerjaar 4-6

This lesson contains 22 slides, with interactive quizzes and text slides.

time-iconLesson duration is: 45 min
Report this lesson

Introduction

Uitleg over koersen voor het vwo-examen bedrijfseconomie: koersverloop, volatiliteit, aandelen en obligaties, de koersbepalende factoren actualiteit, bedrijfsnieuws, beursklimaat en marktrente, en hoe nieuws in de koers komt, met 6 checks.

Items in this lesson

Beurs van Berlage, Amsterdam, 2019

EXAMENSTOF · FINANCIEREN · KOERSEN

Koersen en koersverloop

Examenstof bedrijfseconomie vwo

Les 1 van 3: uitleg. Les 2 is de examentraining, les 3 de terugblik met quiz. Syllabus: D2 20.2.4-20.2.5. Image credit: Warren LeMay / Wikimedia Commons, CC0

EXAMENSTOF · FINANCIEREN · KOERSEN

Wat ga je kunnen?

Ik kan het koersverloop van aandelen en obligaties uitleggen met de koersbepalende factoren en met de manier waarop nieuws in de koers komt.

This item has no instructions

Een bedrijf meldt onverwacht slechte cijfers en de koers zakt. Welke woorden komen bij je op?

Syllabus 20.2.4 en 20.2.5: verwachte woorden zijn koers, nieuws, beleggers, verkopen, verwachting, rente, beurs, schommeling. Sorteer ze met de klas in koersverloop (blok 1), koersbepalende factoren (blok 2) en hoe nieuws in de koers komt (blok 3). Financieringsvormen en toezichthouders staan in de les Financieringsmogelijkheden en vermogensmarkt.

Handelsruimte met koersband. Photonplay Systems, CC BY-SA 4.0

EXAMENSTOF · FINANCIEREN · KOERSEN

Koers en koersverloop

  • De koers is de prijs waartegen een aandeel of obligatie op de beurs wordt verhandeld.

  • Vraag en aanbod bepalen de koers: meer kopers dan verkopers, dan stijgt hij.

  • Het koersverloop laat zien hoe de koers zich in de tijd ontwikkelt, per dag of per jaar.

  • Wat de koers laat bewegen, zijn de koersbepalende factoren: zaken die vraag of aanbod veranderen.

Syllabus 20.2.4: het koersverloop en de koersbepalende factoren van obligaties en aandelen uitleggen. Laat leerlingen een koersgrafiek lezen: waar zit een piek, waar een val, en wat gebeurde er toen? Veelgemaakte fout: denken dat het bedrijf of de beurs zelf de koers vaststelt. Image credit: Photonplay Systems Inc / Wikimedia Commons, CC BY-SA 4.0

EXAMENSTOF · FINANCIEREN · KOERSEN

Volatiliteit

  • Volatiliteit is de mate waarin de koers schommelt: grote uitslagen in korte tijd, dan is de volatiliteit hoog.

  • Volatiliteit gaat over de grootte van de bewegingen, niet over de richting: ook een snel stijgende koers is volatiel.

  • Vergelijk koersbewegingen in procenten: koersverandering : oude koers x 100%.

  • Voorbeeld: van € 48 naar € 41 is € 7 : € 48 x 100% = een daling van ongeveer 14,6%.

  • Een daling van € 5 is bij een koers van € 20 veel groter (25%) dan bij een koers van € 200 (2,5%).

Syllabus 20.2.4: het koersverloop en de koersbepalende factoren van obligaties en aandelen uitleggen. De procentformule is geen standaardformule uit Bijlage 4: leerlingen beredeneren hem zelf. Reken na: 7 / 48 = 0,1458, dus 14,6%; 5 / 20 = 25%; 5 / 200 = 2,5%. Veelgemaakte fout: delen door de nieuwe koers (7 / 41 = 17,1%) of volatiliteit gelijkstellen aan een dalende koers.

EXAMENSTOF · FINANCIEREN · KOERSEN

Aandelen en obligaties

  • Een aandeelhouder krijgt geen vaste vergoeding: de koers hangt af van de verwachte resultaten van het bedrijf.

  • Een obligatie heeft een vaste interest en een vaste aflossing: wat je ontvangt, ligt vooraf vast.

  • Daarom schommelt de koers van een obligatie meestal minder dan die van een aandeel.

  • Tegen het einde van de looptijd komt de koers van een obligatie dicht bij het bedrag van de aflossing.

  • Ook een obligatie kan flink in koers dalen, bijvoorbeeld bij twijfel of de uitgever kan terugbetalen.

Syllabus 20.2.4: het koersverloop en de koersbepalende factoren van obligaties en aandelen uitleggen. Het gaat om een tendens: obligaties zijn meestal minder volatiel dan aandelen, niet altijd. Het berekenen van nominale waarde, beurskoers en emissiekoers van een obligatie hoort bij 21.8 (vreemd vermogen). Veelgemaakte fout: denken dat de koers van een obligatie vastligt omdat de interest vastligt.

Aandeel A schommelt per dag ongeveer 6%, aandeel B ongeveer 1%. Wat klopt?

A

A heeft een hogere volatiliteit dan B

B

B heeft een hogere volatiliteit, want B beweegt rustiger

C

A heeft de hoogste koers, dus de hoogste volatiliteit

D

Volatiliteit zegt alleen of de koers stijgt of daalt

Syllabus 20.2.4. Volatiliteit gaat over de grootte van de schommelingen, niet over de richting of de hoogte van de koers. Verwachte fout: volatiliteit koppelen aan de koers zelf of aan alleen dalen.

Waarom schommelt de koers van een obligatie meestal minder dan die van een aandeel?

A

De beurs stelt de koers van obligaties elke dag vast

B

Interest en aflossing liggen vast, het resultaat niet

C

Obligaties worden niet op de beurs verhandeld

D

Een obligatiehouder krijgt een deel van het resultaat

Syllabus 20.2.4: het koersverloop en de koersbepalende factoren van obligaties en aandelen uitleggen. Wat een obligatiehouder ontvangt ligt vooraf vast; bij een aandeel hangt alles af van verwachte resultaten. Verwachte fout: denken dat de beurs of de uitgever de koers vaststelt.

Santa Ana Register, 28 oktober 1929. Orange County Archives, CC BY 2.0

EXAMENSTOF · FINANCIEREN · KOERSEN

Actualiteit en bedrijfsnieuws

  • Actualiteit: nieuws van buiten het bedrijf, zoals politiek, een conflict of nieuwe wetgeving.

  • Bedrijfsnieuws, financieel: resultaten, een winstwaarschuwing, een hoger of lager dividend.

  • Bedrijfsnieuws, niet-financieel: een brand, een bestuurswissel, een nieuw product.

  • Elk bericht werkt via de verwachting: beleggers kopen of verkopen, en de koers beweegt.

Syllabus 20.2.4: het koersverloop en de koersbepalende factoren van obligaties en aandelen uitleggen. Begrippen: actualiteit en bedrijfsnieuws (financieel en niet-financieel). Kernvraag bij een casus: komt het nieuws van buiten het bedrijf (actualiteit) of gaat het over het bedrijf zelf (bedrijfsnieuws), en gaat het om cijfers of niet? Veelgemaakte fout: denken dat alleen financiële cijfers de koers bewegen. Image credit: Orange County Archives / Wikimedia Commons, CC BY 2.0

Handelsvloer van de beurs van New York

EXAMENSTOF · FINANCIEREN · KOERSEN

Beursklimaat

  • Beursklimaat: de algemene stemming en richting van de beurs als geheel.

  • In een gunstig beursklimaat stijgen de meeste koersen, in een somber klimaat dalen ze.

  • Het beursklimaat hangt samen met de economie: groei, werkloosheid en verwachtingen.

  • Ook een gezond bedrijf kan in koers dalen als de hele beurs daalt.

Syllabus 20.2.4: het koersverloop en de koersbepalende factoren van obligaties en aandelen uitleggen. De syllabus noemt beursklimaat zonder definitie: de omschrijving op deze dia is een werkomschrijving van deze les. Verschil met bedrijfsnieuws: het beursklimaat raakt de hele beurs, bedrijfsnieuws één bedrijf. Veelgemaakte fout: een koersdaling van één bedrijf aan zijn eigen cijfers toeschrijven terwijl de hele beurs daalt. Image credit: Carol M. Highsmith / Wikimedia Commons, publiek domein

De Europese Centrale Bank in Frankfurt, 2015. DXR, CC BY-SA 4.0

EXAMENSTOF · FINANCIEREN · KOERSEN

Marktrente

  • De marktrente is de rente die op dat moment op de kapitaalmarkt geldt voor nieuwe leningen.

  • Obligatie: stijgt de marktrente, dan daalt de koers, want nieuwe obligaties bieden meer interest.

  • De interest en aflossing liggen vast, dus alleen de koers kan zich aanpassen.

  • Aandelen: een hogere marktrente maakt sparen aantrekkelijker en lenen duurder, dus de koers daalt vaak.

Syllabus 20.2.4: het koersverloop en de koersbepalende factoren van obligaties en aandelen uitleggen. Marktrente als koersbepalende factor. De syllabus vraagt de richting uit te leggen, geen berekening van een obligatiekoers. Veelgemaakte fout: denken dat een hogere rente de koers van bestaande obligaties laat stijgen. Image credit: DXR / Wikimedia Commons, CC BY-SA 4.0

Vul in

Actualiteit is nieuws van buiten het bedrijf, bedrijfsnieuws gaat over het bedrijf zelf en beide kunnen de koers laten bewegen via vraag en aanbod.

Actualiteit
bedrijfsnieuws
Beursklimaat
Marktrente

Syllabus 20.2.4. Verwachte fout: actualiteit en beursklimaat verwisselen. Het klimaat gaat over de beurs als geheel, actualiteit over gebeurtenissen buiten het bedrijf.

De hele beurs daalt al weken door zorgen over de economie. Ook Linde N.V., met goede cijfers, daalt. Welke factor?

A

Financieel bedrijfsnieuws

B

Actualiteit

C

Marktrente

D

Beursklimaat

Syllabus 20.2.4: het koersverloop en de koersbepalende factoren van obligaties en aandelen uitleggen. De daling geldt voor de hele beurs en komt door de algemene stemming over de economie. Verwachte fout: financieel bedrijfsnieuws, maar de cijfers van Linde zijn juist goed.

Tickerapparaten bij de beurs van New York

EXAMENSTOF · FINANCIEREN · KOERSEN

Nieuws in de koers

  • Beleggers reageren op nieuws door te kopen of te verkopen; zo komt informatie in de koers.

  • Hoe sneller informatie beleggers bereikt, hoe sneller de koers zich aanpast.

  • Vroeger ging nieuws via de ticker en de krant, nu via schermen en apps: binnen seconden.

  • Een nieuwe koers ontstaat dus vooral als er nieuwe informatie komt.

Syllabus 20.2.5: de wijze waarop informatie in de koersen wordt verwerkt uitleggen. Laat leerlingen vertellen hoe de snelheid van informatie vroeger en nu verschilt (ticker, krant, schermen, apps). Veelgemaakte fout: denken dat de koers pas verandert als het nieuws in de krant staat. Image credit: Library of Congress / Wikimedia Commons, publiek domein

Menigte buiten de effectenbeurs van New York

EXAMENSTOF · FINANCIEREN · KOERSEN

Verwacht of onverwacht

  • Alleen onverwacht nieuws laat de koers sterk bewegen: verwacht nieuws zit al in de koers.

  • Voorbeeld: het resultaat is precies zoals verwacht, dus de koers verandert nauwelijks.

  • Meldt het bedrijf meer of minder dan verwacht, dan past de koers zich snel aan.

  • Een positief resultaat dat lager is dan verwacht, kan de koers dus laten dalen.

Syllabus 20.2.5: de wijze waarop informatie in de koersen wordt verwerkt uitleggen. Een onverwacht goed bericht laat de koers stijgen, een onverwacht slecht bericht laat hem dalen. Veelgemaakte fout: denken dat de koers altijd stijgt bij een positief resultaat. Het gaat om het verschil met de verwachting. Image credit: Associated Press / Wikimedia Commons, publiek domein

EXAMENSTOF · FINANCIEREN · KOERSEN

Een casus stap voor stap

  • Stap 1: wat is het nieuws, en welke koersbepalende factor is het?

  • Stap 2: was het nieuws verwacht of onverwacht?

  • Stap 3: gaat de verwachting van beleggers omhoog of omlaag?

  • Stap 4: kopen of verkopen beleggers, en welke kant gaat de koers op?

  • Noem in je antwoord altijd de schakels: nieuws, verwachting, vraag en aanbod, koers.

Syllabus 20.2.4 en 20.2.5. Dit is de redeneerketen voor de examenvraag: wat doet de koers en waarom. Veelgemaakte fout: alleen de uitkomst noemen (de koers daalt) zonder de schakels ertussen.

Hoe komt nieuws in de koers? Zet op volgorde

1

Het bedrijf meldt onverwacht nieuws

2

Vraag en aanbod verschuiven en de koers past zich aan

3

Beleggers kopen of verkopen aandelen

4

Beleggers passen hun verwachting aan

Syllabus 20.2.5: de wijze waarop informatie in de koersen wordt verwerkt. Verwachte fout: de koers laten veranderen voordat beleggers hun verwachting hebben aangepast.

Analisten verwachten € 2,00 resultaat per aandeel. Het bedrijf meldt precies € 2,00. Wat verwacht je?

A

De koers verandert nauwelijks, het nieuws zat al in de koers

B

De koers stijgt, want het resultaat is positief

C

De koers daalt, want er is niets nieuws te melden

D

De koers verandert pas na een jaar, als het resultaat is uitgekeerd

Syllabus 20.2.5. Verwacht nieuws is al verwerkt. Verwachte fout: kiezen voor stijging omdat het resultaat positief is.

Wat vond je het lastigst in deze les?

1

Volatiliteit en koersverloop

2

Actualiteit en bedrijfsnieuws

3

Beursklimaat en marktrente

4

Verwacht en onverwacht nieuws

Gebruik de uitslag om te bepalen welk blok je herhaalt.

Welk nieuws van deze week kan een koers bewegen?

Syllabus 20.2.4. Elk actueel bericht is goed als de leerling de factor noemt (actualiteit, bedrijfsnieuws, beursklimaat of marktrente) en de richting van de koers uitlegt. Verwachte fout: een bericht noemen zonder uit te leggen waarom beleggers kopen of verkopen.

EXAMENSTOF · FINANCIEREN · KOERSEN

Begrippen (1/2)

  • koers: prijs waartegen een aandeel of obligatie op de beurs wordt verhandeld

  • koersverloop: hoe de koers zich in de tijd ontwikkelt

  • volatiliteit: de mate waarin een koers schommelt

  • koersbepalende factoren: zaken die de vraag naar of het aanbod van een aandeel of obligatie veranderen

  • actualiteit: nieuws van buiten het bedrijf dat de koers beïnvloedt

This item has no instructions

EXAMENSTOF · FINANCIEREN · KOERSEN

Begrippen (2/2)

  • bedrijfsnieuws: financieel of niet-financieel nieuws over het bedrijf zelf

  • beursklimaat: werkomschrijving: de algemene stemming en richting van de beurs

  • marktrente: de rente die op dat moment op de kapitaalmarkt geldt

This item has no instructions