Beleving, betekenis, functie (Muziek havo), les 2: Examentraining

VAKTHEORIE · BELEVING EN BETEKENIS

EXAMENTRAINING

Beleving, betekenis, functie: zo pak je examenvragen aan

1 / 20
next
Slide 1: Slide
New lesson editorMuziekMiddelbare schoolhavoLeerjaar 4,5

This lesson contains 20 slides, with interactive quizzes and text slides.

time-iconLesson duration is: 45 min
Report this lesson

Introduction

Examentraining met vier vraagtypen: beleving onderbouwen, tekst en muziek, functie herkennen en spanning en ontspanning. 8 vragen, waarvan 3 luistervragen.

Items in this lesson

VAKTHEORIE · BELEVING EN BETEKENIS

EXAMENTRAINING

Beleving, betekenis, functie: zo pak je examenvragen aan

Les 2 van 3. Laat leerlingen in tweetallen overleggen bij de open vragen. Image credit: Bruce Mars / Wikimedia Commons, CC0

♪ VAKTHEORIE · BELEVING EN BETEKENIS

WAT GA JE KUNNEN?

Ik kan bij een fragment mijn beleving onderbouwen met aspecten en de tekstrelatie, functie en spanning kiezen of uitleggen.

This item has no instructions

♪ VAKTHEORIE · BELEVING EN BETEKENIS

ZO PAK JE EEN EXAMENVRAAG AAN

  • 1. Lees: wat wordt gevraagd: een aspect, een betekenis, een functie of de relatie met de tekst?

  • 2. Luister: let op tempo, dynamiek, klankkleur, maat en wat er verandert.

  • 3. Koppel: welk hoorbaar aspect hoort bij de beleving, betekenis of functie?

  • 4. Kies: het antwoord dat je met wat je hoort kunt onderbouwen.

This item has no instructions

♪ VAKTHEORIE · BELEVING EN BETEKENIS

VRAAGTYPE 1: BELEVING ONDERBOUWEN

  • Je krijgt een beleving en kiest of noemt het aspect dat je hoort.

  • Noem altijd iets hoorbaars, nooit alleen een gevoel.

This item has no instructions

Video: Verdi: Dies irae uit het Requiem, koor en orkest van de Metropolitan Opera (kanaal: Metropolitan Opera). Wat hoor je? Een zeer luide dynamiek (fortissimo) met koor en volledig orkest en harde slagen op de grote trom, in een jachtig tempo. Goede antwoord: de zeer luide dynamiek met scherpe slagen op de grote trom. De andere opties noemen zachte of rustige aspecten die je niet hoort.

Een luisteraar beleeft dit als beangstigend. Welk aspect onderbouwt dat?

A

Heel zacht, met alleen een solo op fluit

B

Zeer luid, met harde slagen op de grote trom

C

Langzaam en zacht, met een rustig strijkersvlak

D

Zacht en gelijkmatig, zonder slagwerk of koor

Je hoort een zeer luide dynamiek met koor, orkest en harde slagen op de grote trom. Wie een zachte optie kiest, let op de beleving en niet op wat klinkt.

Noem twee aspecten die rust uitdrukken.

Goed: bijvoorbeeld langzaam tempo, zachte dynamiek, lange tonen, weinig ritmische beweging, een warme klankkleur. Verwachte fout: 'het klinkt rustig', want dat noemt geen aspect.

♪ VAKTHEORIE · BELEVING EN BETEKENIS

VRAAGTYPE 2: TEKST EN MUZIEK

  • Je geeft aan hoe de muziek zich verhoudt tot de tekst.

  • Vergelijk de sfeer van de tekst met wat je hoort.

This item has no instructions

Video: Creedence Clearwater Revival: Bad Moon Rising (kanaal: Creedence Clearwater Revival). Wat hoor je? Een opgewekt, vrolijk klinkend nummer met een stevig, dansbaar ritme en een lopende gitaarlijn. De tekst gaat over dreigend onheil. Goede antwoord: de muziek heeft een andere sfeer dan de tekst.

De tekst gaat over dreigend onheil. Hoe verhoudt de muziek zich daartoe?

A

De muziek klinkt zwaar en versterkt de dreiging

B

De muziek klinkt neutraal en zonder enige sfeer

C

De muziek beeldt elk woord uit de tekst uit

D

Opgewekte muziek: een andere sfeer dan de tekst

Je hoort een opgewekt, dansbaar nummer. De tekst gaat over onheil, dus de sfeer verschilt. Wie 'versterkt' kiest, luistert naar de tekst en niet naar de muziek.

Vul in: tekstuitbeelding

Stijgt de melodie bij het woord 'omhoog', dan is dat tekstuitbeelding. De muziek versterkt dan de betekenis van de tekst.

tekstuitbeelding
betekenis
beleving
functie

Veelgemaakte fout: functie invullen. Functie gaat over het gebruik van de muziek, betekenis over wat ze uitdrukt.

♪ VAKTHEORIE · BELEVING EN BETEKENIS

VRAAGTYPE 3: FUNCTIE HERKENNEN

  • Je kiest de functie of het aspect dat bij die functie past.

  • Vraag je af: in welke situatie klinkt deze muziek?

This item has no instructions

Video: Sjostakovitsj: Waltz No. 2 uit de Jazz Suite, opname uit de film Eyes Wide Shut (kanaal: Peter Knight - Topic). Wat hoor je? Een wals: een regelmatige driedelige maat met de nadruk op de eerste tel, begeleiding in een vaste oom-pa-pa en een zangerige melodie. Goede antwoord: een regelmatige driedelige maat met accent op de eerste tel.

Welk aspect maakt dit fragment geschikt om op te dansen?

A

Een vrij tempo zonder een vaste maat of pols

B

Veel plotselinge stiltes en dynamiekwisselingen

C

Een zangstem zonder enige begeleiding erbij

D

Een regelmatige driedelige maat, nadruk op eerste tel

Je hoort een wals: een vaste driedelige maat met nadruk op de eerste tel. Wie 'vrij tempo' kiest, mist dat er een vaste pols klinkt.

Een filmscène: laag, zacht, langzaam crescendo. Welke functie heeft de muziek?

A

De kijkers uitnodigen om mee te zingen

B

De spanning in de scène langzaam opbouwen

C

De dansers in een dansscène begeleiden

D

Een feestelijk einde van de film aankondigen

Een lage, zachte opbouw met crescendo bouwt spanning op. Wie 'dansscène' kiest, koppelt muziek aan beweging in plaats van aan wat de scène vraagt.

♪ VAKTHEORIE · BELEVING EN BETEKENIS

VRAAGTYPE 4: SPANNING EN ONTSPANNING

  • Je interpreteert hoe de spanning in een stuk verloopt.

  • Let op dynamiek, tempo, toonhoogte en ritme.

This item has no instructions

De melodie stijgt, het tempo en het volume nemen toe. Wat interpreteer je?

A

De spanning neemt geleidelijk af

B

Er is geen verandering in de spanning

C

De spanning loopt op naar een hoogtepunt

D

Het stuk gaat over in een ontspannen slot

Stijgen, versnellen en harder worden samen zorgen voor oplopende spanning. Wie 'afnemen' kiest, verwart dit met een decrescendo.

Noem een effect van een plotselinge stilte.

Goed: bijvoorbeeld spanning vlak voor een hoogtepunt, een contrast met het voorgaande luide deel, of de aandacht van de luisteraar vestigen. Verwachte fout: alleen 'het is stil'.

Welk vraagtype vind jij het lastigst?

1

Beleving onderbouwen

2

Tekst en muziek

3

Functie herkennen

4

Spanning en ontspanning

Bespreek de uitslag en laat leerlingen die iets lastig vinden het fragment nog een keer beluisteren.

♪ VAKTHEORIE · BELEVING EN BETEKENIS

TIPS VOOR OP HET EXAMEN

  • Noem bij elke beleving minstens één hoorbaar aspect.

  • Vergelijk bij tekstvragen eerst de sfeer van de tekst met die van de muziek.

  • Koppel een functie aan een situatie en dan aan een aspect.

  • Luister meer dan één keer: eerst globaal, dan op de aspecten.

This item has no instructions