De Nederlandse kust (Aardrijkskunde vwo), les 2: Examentraining

WATER · KUST EN KUSTBEHEER

Examentraining

De Nederlandse kust: zo pak je examenvragen aan

De Slufter op Texel vanuit de lucht, 2020

1 / 17
next
Slide 1: Slide
New lesson editorAardrijkskundeMiddelbare schoolvwoLeerjaar 4-6

This lesson contains 17 slides, with interactive quizzes and text slides.

time-iconLesson duration is: 45 min
Report this lesson

Introduction

Examentraining: kustprocessen herkennen op een luchtfoto, overstromingsrisico's verklaren en kustbeleid vanuit dimensies beargumenteren.

Items in this lesson

WATER · KUST EN KUSTBEHEER

Examentraining

De Nederlandse kust: zo pak je examenvragen aan

De Slufter op Texel vanuit de lucht, 2020

Les 2 van 3. Laat leerlingen in tweetallen overleggen bij de open vragen. Image credit: Luka Peternel / Wikimedia Commons, CC BY-SA 4.0

WATER · KUST EN KUSTBEHEER

Wat ga je kunnen?

Ik kan kustprocessen herkennen op een luchtfoto of kaart, overstromingsrisico's verklaren en kustbeleid vanuit dimensies beoordelen.

This item has no instructions

WATER · KUST EN KUSTBEHEER

Zo pak je een examenvraag aan

  • 1. Lees: wat voor vraag is het? Beschrijf, verklaar, beredeneer of beargumenteer

  • 2. Kijk: wat laat de bron zien? Zoek zand, water, stroming, dijk of duin

  • 3. Koppel: welk proces of begrip hoort erbij? Erosie, sedimentatie, springtij, suppletie

  • 4. Schrijf: een keten van oorzaak naar gevolg, met het begrip erin

This item has no instructions

WATER · KUST EN KUSTBEHEER

Vraagtype 1: kustprocessen op een foto

  • Je krijgt een luchtfoto of kaart en moet een kustproces herkennen of beschrijven

  • Let op: waar ligt zand, waar stroomt water, is de kust zacht of hard?

  • Gebruik de juiste begrippen: opbouw/sedimentatie, transport, afbraak/erosie

De Slufter op Texel vanuit de lucht, 2020

Image credit: Luka Peternel / Wikimedia Commons, CC BY-SA 4.0

De luchtfoto toont een geul door de duinen van Texel. Wat zie je?

A

Een estuarium: een rivier mondt uit

B

Een slufter: zee stroomt de duinen in

C

Een bolwerk: harde kust steekt uit

D

Een zandmotor: aangelegd schiereiland

Het is De Slufter: een opening in de zeereep waardoor zeewater bij hoogwater binnenstroomt. Er komt geen rivier uit, dus geen estuarium. Verwachte fout: estuarium, vanwege de slingerende geul.

Na twee jaar is de Zandmotor smaller en de kust ernaast breder. Verklaar dit.

Goed antwoord: golven en getijdenstroom halen zand weg bij de Zandmotor (erosie), de stroming langs de kust voert het mee (transport) en zet het elders af (sedimentatie). Verwachte fout: alleen 'de zee neemt het zand mee' zonder transport en afzetting.

WATER · KUST EN KUSTBEHEER

Vraagtype 2: overstromingsrisico verklaren

  • Verklaarvragen vragen om een keten: oorzaak, dan tussenstap, dan gevolg

  • Denk aan de combinatie: springtij, (noord)westerstorm en piekafvoer

  • Absolute zeespiegelstijging plus bodemdaling is relatieve zeespiegelstijging

This item has no instructions

Leg uit waarom een noordwesterstorm het spuien via de Afsluitdijk bemoeilijkt.

Goed antwoord: de storm stuwt het water in de Waddenzee op, waardoor het buitenwater hoger staat dan het IJsselmeer; spuien gaat onder vrij verval, dus dat kan dan niet en het IJsselmeerpeil stijgt. Verwachte fout: alleen zeggen dat de golven te hoog zijn.

Zee +3 mm per jaar, bodem -2 mm per jaar. Hoeveel is de relatieve stijging?

A

3 mm per jaar

B

1 mm per jaar

C

2 mm per jaar

D

5 mm per jaar

Relatieve zeespiegelstijging is absolute stijging plus bodemdaling: 3 + 2 = 5 mm per jaar. Verwachte fout: 3 mm (alleen de absolute stijging) of 1 mm (aftrekken).

WATER · KUST EN KUSTBEHEER

Vraagtype 3: beleid vanuit dimensies

  • Je analyseert een maatregel vanuit de dimensies: natuur, economie, politiek, sociaal-cultureel, demografie

  • Noem per dimensie een concreet voor- of nadeel, niet alleen de naam van de dimensie

  • Voorbeeld: zandsuppletie is goed voor veiligheid (natuur) en toerisme (economie)

Een sleephopperzuiger spuit zand voor de kust, 2005

Image credit: Beeldbank V&W (Rijkswaterstaat) / Wikimedia Commons, naamsvermelding

Welk argument voor de Zandmotor hoort bij de economische dimensie?

A

Er ontstaat nieuw leefgebied voor vogels

B

Bewoners gebruiken het strand om te sporten

C

Rijk en provincie werkten samen aan het plan

D

Minder vaak suppleren spaart kosten

Economisch: lagere kosten omdat er minder vaak gesuppleerd hoeft te worden. Vogels is natuur, sporten is sociaal-cultureel, samenwerking is politiek. Verwachte fout: sporten, omdat recreatie ook geld oplevert.

Petten: een zeedijk is ingepakt met duinen. Noem een ecologisch en economisch gevolg.

Goed antwoord: ecologisch: nieuw duin- en strandgebied met natuurwaarde; economisch: aantrekkelijker strand voor toerisme, maar hoge kosten van het zand en onderhoud door suppletie. Verwachte fout: twee argumenten uit dezelfde dimensie.

WATER · KUST EN KUSTBEHEER

Vraagtype 4: beargumenteerde mening

  • Bij 'beargumenteer' kies je een standpunt en geef je een argument met een reden

  • Gebruik een natuurlijk kustproces en een ecologische of economische waarde

  • Noem zo nodig een voorbehoud: onder welke voorwaarde geldt je mening?

Westkapelle, direct achter de zeedijk, 2010

Image credit: bertknot / Wikimedia Commons, CC BY-SA 2.0

Beargumenteer of de dijk bij Westkapelle beter vervangen kan worden door duinen.

Goed antwoord: een standpunt plus een argument uit de kustprocessen (duinen bewegen mee, de dijk leidt tot bolwerkvorming) en een waarde (natuur, kosten, ruimte voor het dorp direct achter de dijk). Een voorbehoud mag: alleen als er genoeg ruimte en zand is. Verwachte fout: een mening zonder kustproces.

Welk argument onderbouwt het beste de keuze voor dynamisch kustbeheer?

A

Dijken hoeven dan nooit meer omhoog

B

Zand kan meegroeien met de zeespiegel

C

Duinen zijn goedkoper dan elke dijk

D

Zand blijft altijd op dezelfde plek

Een zachte kust groeit mee als er zand wordt aangevoerd, dat past bij zeespiegelstijging. De andere opties zijn te stellig of onjuist. Verwachte fout: 'duinen zijn goedkoper', omdat dat klinkt als een economisch argument, maar het geldt niet altijd.

Welk vraagtype vind jij het lastigst?

1

Kustprocessen op een foto

2

Overstromingsrisico verklaren

3

Beleid vanuit dimensies

4

Beargumenteerde mening

Bespreek het meest gekozen vraagtype nog een keer met een examenvraag uit een oud examen.

WATER · KUST EN KUSTBEHEER

Tips voor op het examen

  • Gebruik de begrippen uit de syllabus letterlijk: erosie, sedimentatie, relatieve zeespiegelstijging

  • Bij 'verklaar' schrijf je een keten, niet één los feit

  • Bij dimensievragen: noem de dimensie en een concreet gevolg

  • Kijk bij een luchtfoto eerst of de kust hard of zacht is

  • Bij een mening: standpunt, argument, en zo nodig een voorbehoud

This item has no instructions