Week 29 17-04 2mh 10.4 periodiek verband

Planning
  • 2toets H9 en H10 plannen
  • Huiswerk controle + bespreken
  • Herhaling LessonUp
  • Paragraaf 10.4 : periodiek verband
  • LessonUp
  • Opdrachten
  • Huiswerk
1 / 30
next
Slide 1: Slide
WiskundeMiddelbare schoolvmbo lwoo, mavo, havoLeerjaar 2

This lesson contains 30 slides, with interactive quizzes and text slides.

Items in this lesson

Planning
  • 2toets H9 en H10 plannen
  • Huiswerk controle + bespreken
  • Herhaling LessonUp
  • Paragraaf 10.4 : periodiek verband
  • LessonUp
  • Opdrachten
  • Huiswerk

Slide 1 - Slide

Geeft het startgetal en hellingsgetal
x
0
1
2
3
4
y
3
18
33
48
63
A
Hellingsgetal (a) = 3 Startgetal (b) = 0
B
Hellingsgetal (a) = 5 Startgetal (b) = 3
C
Hellingsgetal (a) = 15 Startgetal (b) = 3
D
Hellingsgetal (a) = 3 Startgetal (b) = 15

Slide 2 - Quiz

Wat voor grafiek zie je?
A
Kwadratisch verband
B
Wortelverband
C
Lineair verband
D
Parabool

Slide 3 - Quiz

Terugblik zonder rekenmachine

36
A
6
B
-6
C
72
D
geen idee

Slide 4 - Quiz

Bij welk verband hoort
deze grafiek
A
Lineair verband
B
Kwadratisch verband
C
Wortel verband
D
Exponentieel verband

Slide 5 - Quiz

Terugblik zonder rekenmachine

36
A
6
B
-6
C
geen oplossing
D
geen idee

Slide 6 - Quiz

lineaire grafiek
kwadratische grafiek
wortel grafiek

Slide 7 - Drag question

Wat gebeurt er als t = -4 ?
d=(t+3)

Slide 8 - Open question

Welk verband hoort er bij de volgende formule?

y=4x+3
A
Lineair verband
B
Kwadratisch verband
C
Wortel verband
D
Weet ik niet

Slide 9 - Quiz

Kwadratisch verband
Wortel verband
Lineair verband
De grafiek is eerst steiler en neemt daarna af.
het verschil van het verschil is gelijk.
Hellings getal
Parabool

Slide 10 - Drag question

Welk verband hoort er bij de volgende formule?
y = 4a + 5
A
Lineair verband
B
Kwadratisch verband
C
Wortel verband
D
Weet ik niet

Slide 11 - Quiz

Welk verband hoort bij deze grafiek?
A
Lineair verband
B
Kwadratisch verband
C
Wortel verband
D
Geen idee

Slide 12 - Quiz

Welk verband hoort er bij deze formule?
A
Lineair verband
B
Wortel verband
C
Kwadratisch verband
D
Geen verband

Slide 13 - Quiz

Bij welke grafiek hoort deze formule?

Slide 14 - Drag question

Bij welke grafiek hoort deze formule?

Slide 15 - Drag question

Paragraaf 10.4 : periodiek verband

Pak je schrift erbij

Slide 16 - Slide

Bij een periodiek verband hoort een grafiek die zich steeds herhaalt.

Slide 17 - Slide

Het stukje dat steeds herhaald wordt, heet een periode.








Hoe lang duurt één periode?

Slide 18 - Slide

Een periodieke grafiek heeft 
een minimum en maximum
Hoe hoog is het maximum? En het minimum?

Slide 19 - Slide

Pak LessonUp er bij

Slide 20 - Slide

Welke van de grafieken is/zijn periodiek?
A
Alleen A
B
A en B
C
A en C
D
B en C

Slide 21 - Quiz

Hoe lang is een periode?
A
120 seconden
B
40 seconden
C
30 seconden
D
20 seconden

Slide 22 - Quiz

Wat is het minimum van deze grafiek?
A
0
B
-20
C
-10
D
2

Slide 23 - Quiz

Wat is het maximum van deze grafiek?
A
20
B
8
C
-10
D
7

Slide 24 - Quiz

Hoeveel seconden duurt een periode?
Vul alleen getal in.

Slide 25 - Open question

Wat is het maximum?

Slide 26 - Open question

Hoeveel uur duurt een periode?
(vul alleen getal in)

Slide 27 - Open question

Hoeveel seconden duurt een periode?
(vul alleen getal in)

Slide 28 - Open question

Wat is het minimum?

Slide 29 - Open question

Maken: 
  • Opdracht 24 en 25 (page 137-138)
  • Zelf nakijken

  • Klaar? U7 (page 139)

Slide 30 - Slide