- wie betalen in verhouding de meeste indirecte belastingen?
- wie profiteren in verhouding het meeste van overheidsvoorzieningen?
Slide 11 - Slide
Tertiaire inkomensverdeling: Lagere inkomensgroepen sparen een ...(1) deel van hun inkomen en betalen dus in verhouding ...(2) indirecte belastingen
A
1> kleiner
2> minder
B
1> kleiner
2> meer
C
1> groter
2> minder
D
1> groter
2> meer
Slide 12 - Quiz
Slide 13 - Slide
Vlaktaks
B = bY
Vlaktaks 40%
B = 0,4Y
inkomen 20.000
belasting = 0,4 x 20.000 = 8.000
inkomen 40.000
belasting = 0,4 x 40.000 = 16.000
Vast belastingpercentage met belastingvrije som is progressief
B = b ( Y - 12.500 )
B = 0,4 ( Y - 12.500 )
inkomen 20.000
belasting = 0,4 x 7.500 = 3.000
inkomen 40.000
belasting = 0,4 x 37.500 = 15.000
Slide 14 - Slide
Bij deze progressieve belastingheffing in Nederland betalen mensen in verhouding meer belasting als zij een hoger inkomen hebben. Dat is te verkennen aan de oplopende belastingpercentages in de belastingschijven.
Slide 15 - Slide
Slide 16 - Slide
Progressief belastingstelsel:
Slide 17 - Slide
Marginaal tarief
Het marginaal tarief is het tarief dat je over je laatste euro aan belasting betaald.
Oftewel het percentage van de hoogste schijf, waarin iemand met zijn inkomen valt.
Het marginaal tarief wordt dan steeds hoger bij een progressief belastingstelsel, waardoor er sprake is van nivellering.
Slide 18 - Slide
Degressief belastingstelsel:
Slide 19 - Slide
Slide 20 - Slide
Slide 21 - Slide
Heffingskorting
Over belastingbedrag krijgt iedereen nog een korting: de algemene heffingskorting. Ook kan je nog korting krijgen als je bijvoorbeeld werkt. De korting mag je van het belastingbedrag aftrekken.
Ook de heffingskorting zorgt voor nivellering.
Slide 22 - Slide
De heffingskorting werkt nivellerend omdat de heffingskorting eenzelfde bedrag is, wat dus relatief hoger is voor iemand met een laag inkomen dan voor iemand met een hoog inkomen.
Slide 23 - Slide
Voorbeeld
Stel dat De Vries en Klaasen beide hetzelfde bedrag aan heffingskorting krijgen; stel €3.000
Slide 24 - Slide
Voorbeeld
Stel dat De Vries en Klaasen beide hetzelfde bedrag aan heffingskorting krijgen; stel €3.000
Slide 25 - Slide
Aftrekposten
De bekendste aftrekpost is de hypotheekrenteaftrek
De betaalde hypotheekrente mag van het belastbaar inkomen worden afgetrokken, waardoor je minder belasting betaalt.
Dit werkt denivellerend:
- hogere inkomensgroepen hebben vaker een koophuis
- hogere inkomensgroepen hebben een duurder huis en betalen meer rente
- hogere inkomensgroepen besparen een hoger percentage belasting
Slide 26 - Slide
De hypotheekrente is nog maar aftrekbaar tot een maximumlening van € 300.000,-
A
Nivellering
B
Denivellering
Slide 27 - Quiz
Internationale inkomensverschillen:
Burundi € 800,- stijgt naar € 820,-
Luxemburg € 40.000,- stijgt naar € 42.640,-
Internationale nivellering, Convergentie
of
Internationale denivellering, Divergentie
Slide 28 - Slide
Internationale inkomensverschillen:
Burundi € 800,- stijgt naar € 820,- ( + 2,5%)
Luxemburg € 40.000,- stijgt naar € 42.640,- ( + 6,6%)
Kengetal: nat.ink.per hoofd Lux / nat.ink. per hoofd Bur
40.000 / 800 = 50
42.640 / 820 = 52, dus divergentie
Slide 29 - Slide
De inkomensverdeling binnen ontwikkelingslanden is vaak ...