Economische groei en handel (Economie havo), les 2: Examentraining

WELVAART · GROEI EN HANDEL

Examentraining

Economische groei en handel: zo pak je examenvragen aan

1 / 17
next
Slide 1: Slide
New lesson editorEconomieMiddelbare schoolhavoLeerjaar 4,5

This lesson contains 17 slides, with interactive quizzes and text slides.

time-iconLesson duration is: 45 min
Report this lesson

Introduction

Examentraining met vier vraagtypen: groeicijfers berekenen, indexcijfers berekenen, een diagram over handel lezen en handelsbeleid in een casus. Leerlingen volgen een vast stappenplan; de docent kan de vraagtypen naar behoefte herhalen.

Items in this lesson

WELVAART · GROEI EN HANDEL

Examentraining

Economische groei en handel: zo pak je examenvragen aan

Les 2 van 3. Laat leerlingen in tweetallen overleggen bij de open vragen. Image credit: Henrysz / Wikimedia Commons, CC BY 4.0

WELVAART · GROEI EN HANDEL

Wat ga je kunnen?

Ik kan examenvragen over groei en internationale handel beantwoorden met berekeningen en diagrammen.

This item has no instructions

WELVAART · GROEI EN HANDEL

Zo pak je een examenvraag aan

  • 1. Lees: welk land of bedrijf, welke gegevens en wat wordt gevraagd?

  • 2. Kies: de formule: groei in % = (nieuw - oud) / oud x 100%, index = waarde / basiswaarde x 100.

  • 3. Reken: schrijf de stappen op en zet de eenheid of het procentteken erbij.

  • 4. Controleer: klopt het antwoord met de tabel of het diagram?

This item has no instructions

WELVAART · GROEI EN HANDEL

Bbp van Noordkust in drie jaar

Vraagtype 1: groeicijfers berekenen

  • Groei in % = (nieuw - oud) / oud x 100%.

  • Deel altijd door het oude jaar, niet door het nieuwe.

  • Zet het procentteken in je antwoord.

Noordkust: 250, 260, 273. Groei 4% en 5%. Image credit: LessonUp Studio (eigen tabel), CC0

Noordkust (zie tabel): wat is de groei van het bbp van jaar 1 naar jaar 2?

A

10%

B

4%

C

3,8%

D

104%

(260 - 250) / 250 x 100% = 4%. Verwachte fouten: 10 (het verschil in miljarden), 3,8% (delen door 260) en 104% (het indexcijfer).

Bereken de groei van jaar 2 naar jaar 3 in %.

(273 - 260) / 260 x 100% = 5%. Verwachte fout: delen door 273 (4,8%).

WELVAART · GROEI EN HANDEL

Export van Zuidwest in vier jaar

Vraagtype 2: indexcijfers berekenen

  • Indexcijfer = waarde / waarde in het basisjaar x 100.

  • Het basisjaar heeft index 100.

  • Van index naar waarde: waarde = index / 100 x basiswaarde.

Zuidwest: export 50, 55, 60, 75 (index 100, 110, 120, 150). Image credit: LessonUp Studio (eigen tabel), CC0

Zuidwest (zie tabel): wat is het exportindexcijfer van jaar 4?

A

125

B

75

C

25

D

150

75 / 50 x 100 = 150. Verwachte fouten: 125 (100 plus het verschil van 25), 75 en 25.

Zuidwest: de export heeft in jaar 5 index 160. Hoeveel is de export dan?

A

160 miljard euro

B

110 miljard euro

C

60 miljard euro

D

80 miljard euro

160 / 100 x 50 = 80. Verwachte fouten: de index als bedrag nemen (160), 50 plus 60 (110) of 60.

WELVAART · GROEI EN HANDEL

Exportindex van land A en land B

Vraagtype 3: een diagram over handel lezen

  • Lees eerst de titel, de assen en het basisjaar af.

  • Vergelijk de lijnen op dezelfde hoogte: dezelfde schaal.

  • Reken met afgelezen waarden: groei ten opzichte van het basisjaar.

Land A: 100, 105, 120, 126. Land B: 100, 104, 110, 121. Image credit: LessonUp Studio (eigen grafiek), CC0

Land A (zie diagram): groei van de export van jaar 1 naar jaar 4?

A

126%

B

26%

C

5%

D

21%

Index 126 met basisjaar 100: (126 - 100) / 100 = 26%. Verwachte fouten: 126% (index als groei), 5% (alleen jaar 3 naar 4) en 21% (land B).

Welk land groeide sterker in export: A of B?

Land A: 26% tegen 21% over jaar 1 tot 4 (index 126 tegen 121). Verwachte fout: land B kiezen vanwege de steilere lijn tussen jaar 3 en 4.

WELVAART · GROEI EN HANDEL

Een douanebeambte controleert vaten met een scanner, VS

Vraagtype 4: handelsbeleid in een casus

  • Lees de casus: welke maatregel en welk motief?

  • Tarief: prijs x (1 + tarief). Quotum: maximum aantal. Voorschrift: eis aan het product.

  • Motieven: infant industry, dumping, strategische sector.

Casus met een importtarief en een motief. Image credit: CBP Photography / Wikimedia Commons, publiek domein

Vlietland: importtarief van 25% op schoenen van 80 euro. Nieuwe prijs?

A

105 euro

B

20 euro

C

100 euro

D

60 euro

80 x 1,25 = 100. Verwachte fouten: 80 + 25 (105), alleen het tarief (20) en een korting in plaats van een toeslag (60).

Een tarief tegen speelgoed dat onder de kostprijs wordt verkocht. Welk motief?

A

Voorkomen van dumping

B

Het infant industry-argument

C

Bescherming van een strategische sector

D

Een hogere arbeidsproductiviteit

Verkopen onder de kostprijs is dumping. Verwachte fout: infant industry, omdat er een tarief is.

Welk vraagtype vind jij het lastigst?

1

Groeicijfers berekenen

2

Indexcijfers berekenen

3

Een diagram over handel lezen

4

Handelsbeleid in een casus

Herhaal het vraagtype met de meeste stemmen.

WELVAART · GROEI EN HANDEL

Tips voor op het examen

  • Deel bij groei altijd door het oude jaar.

  • Het basisjaar heeft index 100: begin daar.

  • Zet de eenheid erbij: miljard euro, euro of %.

  • Bij een casus: benoem eerst de maatregel en dan het motief.

This item has no instructions