BS 1 en 2

Ecologie BS 1 + 2
Basisstof 1: eten en gegeten worden
1 / 18
volgende
Slide 1: Tekstslide
BiologieMiddelbare schoolvmbo kLeerjaar 3

In deze les zitten 18 slides, met tekstslides en 1 video.

Onderdelen in deze les

Ecologie BS 1 + 2
Basisstof 1: eten en gegeten worden

Slide 1 - Tekstslide

Vandaag
Uitleg basisstof 1 + 2
Aan de slag!

Slide 2 - Tekstslide

Stofwisseling
= Alle processen waarbij stoffen worden omgezet in andere stoffen.
2 soorten stofwisseling:
Fotosynthese 
Verbranding
Door fotosynthese kunnen planten van energiearme stoffen, energierijke stoffen maken. 

Slide 3 - Tekstslide

Slide 4 - Video

Voedselketen

Slide 5 - Tekstslide

Voedselketen:
Begint ALTIJD met een Producent -> Plant
Daarna komen consumenten (1e orde, 2e orde etc)

Tussen de voedselketens staan altijd een pijltje 
LET GOED OP WELKE KANT!!!
Elke soort is een schakel in de voedselketen

plant -> planteneter -> vleeseter/alleseter

Slide 6 - Tekstslide

Voedselketen vervolg
Daarna komen afvaleters:

Daarna komen reducenten
deze zet je NOOIT in een voedselketen




Slide 7 - Tekstslide

Verschil schakel en orde?
Schakels in een voedselketen 
= elk organisme dat in de keten staat

Consument van de 1e orde 
= eerste dier dat je tegenkomt in de keten
Consument van de 2e orde 
= tweede dier dat je tegenkomt in de keten.  
ETC

Slide 8 - Tekstslide

Voedselweb
verschillende ketens door elkaar

Slide 9 - Tekstslide

Fotosynthese
Plant verbruikt            
energiearme stoffen
(CO2 en water + mineralen)
Er ontstaat:
glucose (energierijk) en
O2 (energiearm)
Van glucose maakt hij energierijke stoffen.

Slide 10 - Tekstslide

Kringloop 
Producenten: planten
Consumenten: - planteneters
                                - vleeseters
                                - alleseters
Afvaleters: eten dode dieren en 
                        planten
reducenten: bacteriën en 
                           schimmels


Slide 11 - Tekstslide

Maken
bs 1
opdracht 1, 3, 7


timer
6:00

Slide 12 - Tekstslide

BS 2: Piramide van aantallen
Hierin wordt weergegeven 
hoeveel organismen in elke 
schakel voorkomen.
Het aantal organismen wordt in elke
volgende schakel steeds kleiner.
DUS: 
aantal producenten > aantal planteneters (consumenten 1e orde)
aantal planteneters > aantal dieren dat planteneters opeet (cons. 2e orde)

Slide 13 - Tekstslide

Piramide van aantallen
DIt is niet altijd zo!!

In een bos is het aantal bomen 
kleiner dan het aantal planteneters.
Per saldo zijn er natuurlijk wel heeeeel 
veeeeel blaadjes aan de bomen.
Maar het blaadje is geen organisme, de boom wel.

Slide 14 - Tekstslide

Biosmassa
Elk organisme bestaat uit
energierijke en energie arme stoffen.
Biomassa organisme = totale hoeveelheid energierijke stoffen in organisme
Deze biomassa wordt in de elke 
volgende schakel kleiner.
Deze heeft dus ALTIJD
een piramide vorm!

Slide 15 - Tekstslide

Hoe zit dat dan??
Planten maken glucose 
dmv fotosynthese.
Deze glucose gebruiken 
ze om te groeien 
(dat is toename biomassa)
en een deel voor de 
verbranding.

Slide 16 - Tekstslide

De energierijke stoffen uit de 
biomassa van de plant wordt 
doorgegeven aan de planten-
eters. Maar niet alle planten 
worden opgegeten. Planten 
gaan ook dood en worden de energierijke stoffen door reducenten gebruikt. De consument eet, groeit, beweegt (verbruikt dus) en wordt uitgescheiden. Bouwstoffen worden doorgegeven aan de volgende schakel.

Slide 17 - Tekstslide

Maken
Opdracht 1, 2, 6 en 7
10 minuten (rest thuis)



timer
10:00

Slide 18 - Tekstslide