DEEL 1 · BLZ. 31 T/M 36
Engels | Hoofdstuk 3
Spreken en gesprekken voeren
Vandaag
blz. 41 t/m 45
t/m opdracht 5
Vrijdag: Woordentoets: blz. 44
1
KLASSIKAAL
Opdracht 1 | Kijk en lees
Kijk goed
1. Wat zie je op de foto?
2. Wat staat er op het bord?
3. Waar zou je dit bord kunnen tegenkomen?
4
SAMEN LEREN
Opdracht 2 | Vraagwoorden
WHO
wie
WHAT
wat
WHEN
wanneer
WHERE
waar
WHY
waarom
HOW
hoe
Lees de woorden hardop mee.
5
VOORBEELDEN
Zo gebruik je de vraagwoorden
Who is your friend?
What is your nationality?
When is your party?
Where do you live?
Why are you sad?
How old are you?
6
VUL HET VRAAGWOORD IN
_____ is your English teacher?
Who · What · When · Where · Why · How
Schrijf alleen het vraagwoord op je wisbordje
7
VUL HET VRAAGWOORD IN
_____ do you live?
Who · What · When · Where · Why · How
Schrijf alleen het vraagwoord op je wisbordje
8
VUL HET VRAAGWOORD IN
_____ is your birthday?
Who · What · When · Where · Why · How
Schrijf alleen het vraagwoord op je wisbordje
9
VUL HET VRAAGWOORD IN
_____ are you late?
Who · What · When · Where · Why · How
Schrijf alleen het vraagwoord op je wisbordje
10
VUL HET VRAAGWOORD IN
_____ is your favourite food?
Who · What · When · Where · Why · How
Schrijf alleen het vraagwoord op je wisbordje
11
VUL HET VRAAGWOORD IN
_____ old is your brother?
Who · What · When · Where · Why · How
Schrijf alleen het vraagwoord op je wisbordje
12
DEEL 2
Terugblik
Weet je het nog?
Vraagwoorden
16
DEEL 1 · BLZ. 31 T/M 36
Engels | Hoofdstuk 2
Lezen, vraagwoorden en oefenen
Vandaag
blz. 41 t/m 45
t/m opdracht 5
Vrijdag: Woordentoets: blz. 44
1
DEEL 1 · BLZ. 31 T/M 36
Engels | Hoofdstuk 3
Spreken en gesprek voeren
Vandaag
blz. 41 t/m 48
t/m opdracht 7
Vrijdag: Woordentoets: blz. 44
1
DIT GA JE LEREN
Lesdoel
Je leert in dit hoofdstuk:
✓
verschillende soorten tekens lezen
✓
een uitnodiging lezen
✓
nieuwe Engelse woorden en zinnen
2
DIT GA JE LEREN
Lesdoel - H3 spreken en gesprekken
Je leert in dit hoofdstuk:
✓
oefenen met uitspraak en luisteren
✓
je gaat dingen vertellen over mensen en mensen beschrijven
✓
Je gaat een gesprek voeren en je leert nieuwe woorden
2
DEEL 1 · BLZ. 31 T/M 36
Engels | Hoofdstuk 2
Lezen, vraagwoorden en oefenen
Vandaag
blz. 31 t/m 40
Vrijdag: Woordentoets: blz. 44
1
ZO WERKEN WE
Vandaag
1
Opdracht 1
klassikaal
2
Opdracht 2
klassikaal
3
Opdracht 3,4 en 5
tweetallen
4
maken
oefenen woorden blz 44
3
SAMEN LEZEN
Opdracht 3,4,5
We lezen de opdrachten samen.
1
Lees mee
2
Luister naar de uitleg
3
Stel een vraag als iets onduidelijk is
13
Even herhalen
Vertel in het Engels
What do you like in a friend?
You can tell something about:
hobby's,
sports,
work,
pets.
Doel van de les
* Je gaat oefenen met uitspraak en luisteren.
* Je gaat dingen vertellen over mensen.
* Je gaat mensen leren beschrijven.
* Je leert nieuwe woorden.
Engelse zinnen
Bedenk vier Engelse zinnen bij deze afbeelding.
Je kunt denken aan:
- haar naam
- bij wie zij woont
- waar ze werkt
- wat ze van haar werk vindt
Engelse zinnen
Bedenk vier Engelse zinnen bij deze afbeelding.
Je kunt denken aan:
- waar iemand woont
- bij wie iemand woont
- wat er in de buurt te doen is
- wat iemand van de buren vindt
Iemand beschrijven: gezicht
eyes
ears
nose
beard
mouth
eyebrows
Iemand beschrijven: haar
brown
black
dark
blonde
long
short
Omschrijf de persoon. Gebruik een van deze woorden en maak een zin.
Kijk naar de gezichtsuitdrukking van de man en zijn kleding. Maak hier een Engelse zin van.
Kijk naar het kapsel van deze vrouw. Gebruik minimaal twee woorden die iets zeggen over kapsel. Maak hier een Engelse zin van.
Geef een omschrijving van zijn man. Heb het over zijn kleding en leeftijd. Maak hier een Engelse zin van.
Geef een omschrijving van deze man. Heb het over zijn kleding, gezicht en gezichtsuitdrukking. Maak hier een Engelse zin van.
Een gesprek voeren, in het Engels
Opdracht 1: blz 41
Aan de slag!
* Begin op bladzijde 42.
* Maak opdracht 2 tot en met 7.
*
BLZ. 41 t/m 48
Aan het werk
Vandaag af:
t/m opdracht 7
Werk rustig.
Lees eerst goed wat je moet doen.
Klaar? Controleer je antwoorden.
14
BLZ. 32 + 34
Woordentoets
Tijd voor de woordentoets
Pak wat je nodig hebt en werk zelfstandig.
blz. 32 en 34
15
DEEL 2
Volgende keer
We gaan verder met:
blz 49 t/m 52
Hoofdstuk 4.
16
DEEL 2
Terugblik
We gaan verder met:
Vraagwoorden
16