Thematoets - oefenen

What are we going to do today?
Oefenen Theme 1 Family and friends
1 / 26
volgende
Slide 1: Tekstslide
EngelsMiddelbare schoolvmbo kLeerjaar 1

In deze les zitten 26 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

time-iconLesduur is: 45 min

Onderdelen in deze les

What are we going to do today?
Oefenen Theme 1 Family and friends

Slide 1 - Tekstslide

Grammar deel 1
Kies eerst het juiste persoonlijke voornaamwoord.

Slide 2 - Tekstslide

welke Engelse persoonlijke voornaamwoorden ken je?

Slide 3 - Woordweb

He gives _____ an apple.
A
she
B
her

Slide 4 - Quizvraag

........... invited us to the party.
A
they
B
them

Slide 5 - Quizvraag

Can you forgive _____?
A
me
B
mine

Slide 6 - Quizvraag

grammar
am, are

Slide 7 - Tekstslide

I ..... Katie.

Slide 8 - Open vraag

You ..... my family

Slide 9 - Open vraag

He/she/it is my brother

Slide 10 - Open vraag

We ..... his parents

Slide 11 - Open vraag

They ..... my parents

Slide 12 - Open vraag

Vertaal: Ik ben niet

Slide 13 - Open vraag

Vocabulary
Woordjes

Slide 14 - Tekstslide

I want to visit you. What is your .....?
A
house
B
living
C
address
D
adres

Slide 15 - Quizvraag

I am too tired to make ......
A
my housework
B
my notebook
C
my study
D
my homework

Slide 16 - Quizvraag

I could not ..... the right house, because I was lost.
A
find
B
search
C
look

Slide 17 - Quizvraag

I have friends. I am very ......
A
happy
B
thin
C
lonely
D
male

Slide 18 - Quizvraag

I live in Gorinchem. In what ..... do you live?
A
game
B
street
C
address
D
town

Slide 19 - Quizvraag

Chunks
Zinnetjes

Slide 20 - Tekstslide

Kies de juiste vertaling:
Ik ben dertien jaar oud.
A
I am dirteen year old.
B
I am tirteen years.
C
I am thirteen yaers.
D
I am thirteen years old.

Slide 21 - Quizvraag

Kies de juiste vertaling:
Mag ik je telefoon gebruiken?
A
Can i use your phone?
B
Can I use your phone?
C
Can I your phone use
D
Can I your phone have?

Slide 22 - Quizvraag

Vocabulary: synonyms
Synoniemen: kies het woord dat er het meest op lijkt of hetzelfde betekent.

Slide 23 - Tekstslide

To like
A
To see
B
To cry
C
To enjoy
D
To learn

Slide 24 - Quizvraag

Family name
A
Name
B
First name
C
Surname
D
Fore name

Slide 25 - Quizvraag

Dit is het einde van de quiz.
De winnaar is..................?

Slide 26 - Tekstslide