2026-09-04 - 1335 les G4 introductie bedrijfseconomie

Bedrijfseconomie · G4

Welkom bij bedrijfseconomie

De AEX, indexcijfers en de balans

vrijdag 4 september 2026 · lesuur 7-8 · H212

Van Vlimmeren, Bedrijfseconomie in Balans, 10e druk

1 / 22
volgende
Slide 1: Slide
newEditorBedrijfseconomieMiddelbare schoolvwoLeerjaar 4

In deze les zitten 22 slides, met interactieve quiz en tekstslides.

time-iconLesduur is: 90 min
Dit is niet oké

Onderdelen in deze les

Bedrijfseconomie · G4

Welkom bij bedrijfseconomie

De AEX, indexcijfers en de balans

vrijdag 4 september 2026 · lesuur 7-8 · H212

Van Vlimmeren, Bedrijfseconomie in Balans, 10e druk

Bedrijfseconomie · G4

Welkom bij bedrijfseconomie

De AEX, indexcijfers en de balans

vrijdag 4 september 2026 · lesuur 7-8 · H212

Van Vlimmeren, Bedrijfseconomie in Balans, 10e druk

Bedrijfseconomie G4 · Introductie

2

LessonUp-account

Click of typ de link over daarna kun je meedoen met de vragen.

Bedrijfseconomie G4 · Introductie

3

Voorspelbaar gedrag

Zodat je weet waar je aan toe bent.

  • Het glas is halfvol, altijd! Bij tegenslagen zoeken we naar een oplossing.

  • Ik vind het fijn als je vrolijk bent, op tijd aanwezig bent, en je telefoon in de kluis (of thuis) ligt.

  • Dorst? Water drinken mag. Geen eten, geen kauwgum.

  • Bij je: theorieboek, werkboek, schrift (exclusief voor bedrijfseconomie), pen en rekenmachine, opgeladen device.

  • Elke regel die je met goede reden wilt breken, bespreek je VOORAF.

  • Verder ben ik best redelijk — vind ik zelf.

Bedrijfseconomie G4 · Introductie

4

Spoorboekje

Na vandaag kun je:

  • uitleggen wat een indexcijfer is en er zelf een berekenen;

  • uitleggen waarom de AEX een gewogen gemiddelde is;

  • een gewogen gemiddelde berekenen;

  • de twee kanten van een balans benoemen en een ontbrekende post uitrekenen;

  • uitleggen wat crediteuren en debiteuren zijn.

  • Zijn we compleet? Absentiecheck

  • Leerdoelen & spoorboekje

  • Schrijven = blijven

  • Voorspelbaar gedrag

  • Wat is bedrijfseconomie? En: het beursproject

  • Indexcijfers en de AEX (1.5)

  • Gewogen gemiddelde: waarom ASML zwaarder telt (1.3)

  • De balans, met Unilever als voorbeeld

  • Crediteuren en debiteuren (2.2)

  • LessonUp account

  • Leerdoelen / spoorboekje

  • Huiswerk in Magister check

Bedrijfseconomie G4 · Introductie

5

Leerdoelen

Na deze les kun je:

  • uitleggen wat een indexcijfer is en er zelf een berekenen;

  • uitleggen waarom de AEX een gewogen gemiddelde is;

  • een gewogen gemiddelde berekenen;

  • de twee kanten van een balans benoemen en een ontbrekende post uitrekenen;

  • uitleggen wat crediteuren en debiteuren zijn.

Bedrijfseconomie G4 · Introductie

6

Schrijven is blijven

In je eigen woorden — niet woordelijk overgenomen.

  • Wat je zelf formuleert onthoud je beter dan wat je overschrijft/overtypt.

  • Wat je terugleest in eigen aantekeningen onthoud je het best:

  • Schrijf in elk geval op: definities de formules, de uitwerkingen, en als je fouten maakt: wat heb je geleerd?

Bedrijfseconomie G4 · Introductie

7

Waar gaat dit vak over?

Bedrijfseconomie gaat over drie vragen: hoe komt een onderneming aan geld, wat doet ze ermee, en was dat verstandig?

  • Dit jaar: rekenen met verhoudingen, de balans, verzekeren, sparen en lenen, en de effectenbeurs.

  • Je leert de taal waarin bedrijven over zichzelf praten — en waarin het nieuws over bedrijven geschreven is.

  • HET BEURSPROJECT: het hele jaar volgen we samen de AEX, de index van de 30 grootste beursfondsen van Nederland.

  • Elke week bespreekt een duo één AEX-bedrijf: koers, indexcijfer, en wat er in het nieuws over is.

  • Geen cijfer. Wel: aan het eind van het jaar ken je 30 bedrijven van binnen.

Wat zou jij willen leren ?

Bedrijfseconomie G4 · Introductie

8

1.5 Indexcijfers

Een indexcijfer is een verhoudingsgetal: het vergelijkt de waarde van nu met de waarde in de basisperiode.

  • Een indexcijfer geeft de verhouding weer tussen de waarde van een grootheid in een bepaalde periode en de waarde van die grootheid in de basisperiode.

  • De waarde in de basisperiode stel je op 100.

  • Indexcijfer = (waarde nu / waarde basisperiode) x 100

  • Boven de 100 = gestegen. Onder de 100 = gedaald.

  • De AEX is precies dat: één getal dat zegt hoe de Nederlandse beurs ervoor staat vergeleken met vroeger.

Bedrijfseconomie G4 · Introductie

9

Rekenvoorbeeld · de AEX zelf

De AEX opende de maand september 2026 op 1.109,20 punten en sloot op 2 september op 1.103 punten.

Gegevens

Basis: AEX 1 september 2026

Nu: AEX slot 2 september 2026

1.109,20

1.103,00

Uitwerking

(1.103,00 / 1.109,20) x 100

= 0,99441 x 100

= 99,4

Onder de 100, dus: 0,6% lager dan op 1 september.

Bedrijfseconomie G4 · Introductie

10

Controlevraag · indexcijfer

Een aandeel stond in de basisweek op EUR 40,00. Deze week staat het op EUR 46,00. (Verzonnen getallen, om mee te oefenen.)

a Bereken het indexcijfer van deze week.

b Met hoeveel procent is de koers gestegen?

Schrijf eerst de formule op, vul daarna pas de getallen in.

Bedrijfseconomie G4 · Introductie

11

1.3 Gewogen gemiddelde

Niet elk aandeel telt even zwaar mee in de AEX. Daarom is de AEX geen gewoon gemiddelde, maar een gewogen gemiddelde.

  • Ongewogen gemiddelde: alle waarnemingen optellen en delen door het aantal waarnemingen.

  • Gewogen gemiddelde: elke waarde eerst vermenigvuldigen met zijn gewicht, en dat totaal delen door het totaal van de gewichten.

  • In de AEX is het gewicht de beurswaarde die vrij verhandeld wordt. Groot bedrijf = zwaar gewicht.

  • ASML ~15% · Shell ~14% · Unilever ~14% · RELX ~9% · Prosus ~7% · de overige 25 samen ~41%

  • Geen enkel fonds mag boven de 15% uitkomen. Anders zou ASML in zijn eentje de index sturen.

Bedrijfseconomie G4 · Introductie

12

Rekenvoorbeeld · gewogen of niet

Drie AEX-zwaargewichten op één dag. Wat doet de index - en wat zou een gewoon gemiddelde zeggen?

Gegevens

ASML gewicht 15

Shell gewicht 14

Unilever gewicht 14

+2%

-1%

0%

Uitwerking

Ongewogen: (2 + -1 + 0) / 3 = +0,33%

Gewogen, teller:

(2 x 15) + (-1 x 14) + (0 x 14) = 16

Gewogen, noemer: 15 + 14 + 14 = 43

16 / 43 = +0,37%

Bedrijfseconomie G4 · Introductie

13

Controlevraag · je eigen mini-index

Werk in tweetallen. Je maakt een index van drie fondsen met de gewichten 50, 30 en 20. Vandaag doen ze: fonds A +4%, fonds B -2%, fonds C +1%.

a Bereken het ongewogen gemiddelde.

b Bereken het gewogen gemiddelde.

c Welke van de twee getallen beschrijft de index het best? Waarom?

Bij b: eerst elk percentage maal zijn gewicht, dan pas delen door 50 + 30 + 20.

Bedrijfseconomie G4 · Introductie

14

De balans

Een balans is een momentopname: links alles wat een onderneming bezit, rechts waar het geld daarvoor vandaan komt.

  • LINKS - de bezittingen. Gebouwen, machines en merken (die gaan lang mee), plus voorraad, geld op de bank en nog te ontvangen bedragen.

  • Samen: waar het vermogen in zit.

  • RECHTS - de financiering. Eigen vermogen: geld van de eigenaren plus de winst die in het bedrijf is gebleven. Vreemd vermogen: schulden aan de bank en aan leveranciers.

  • Samen: waar het vermogen vandaan komt.

  • Links en rechts zijn even groot. Altijd. Het is hetzelfde geld, twee keer bekeken.

Bedrijfseconomie G4 · Introductie

15

Rekenvoorbeeld · de balans van Unilever

Unilever, jaarrekening 2024, afgerond op hele miljarden. Drie regels - de echte balans heeft er honderden.

Gegevens

Totale bezittingen

Eigen vermogen

Schulden

EUR 80 mld

EUR 23 mld

?

Uitwerking

Links = rechts, dus:

bezittingen = eigen vermogen + schulden

80 = 23 + schulden

schulden = 80 - 23 = EUR 57 mld

Controle: 23 + 57 = 80. Klopt.

Bedrijfseconomie G4 · Introductie

16

Controlevraag · maak de balans sluitend

Een pizzeria heeft: het pand EUR 300.000, de oven en inventaris EUR 60.000, voorraad EUR 15.000 en EUR 25.000 op de bank. De eigenaar bracht zelf EUR 150.000 in.

a Hoe groot is het totaal van de bezittingen?

b Hoeveel heeft de pizzeria geleend?

Tel eerst alles op wat de zaak bezit. Gebruik daarna dat links en rechts even groot zijn.

Bedrijfseconomie G4 · Introductie

17

2.2 Crediteuren en debiteuren

Twee posten die op elke balans staan, en die je door elkaar gaat halen als je ze niet uit elkaar houdt.

  • Crediteuren: leveranciers aan wie je een schuld hebt, omdat je bij hen op rekening hebt gekocht.

  • Staan RECHTS op de balans. Je moet nog betalen.

  • Debiteuren: afnemers op wie je een vordering hebt, omdat je aan hen op rekening hebt verkocht of geleverd.

  • Staan LINKS op de balans. Je krijgt nog geld.

  • Ezelsbruggetje: Debiteuren staan aan de Debet-kant, en dat is links.

Bedrijfseconomie G4 · Introductie

18

Huiswerk en volgende week

  • Lezen: 1.3, 1.5 en 2.1 uit het theorieboek.

  • Maken: de opgaven bij 1.3, 1.5 en 2.1 uit het werkboek.

  • Kennen: indexcijfer, gewogen gemiddelde, balans, crediteuren, debiteuren.

  • BEURSPROJECT - volgende week begint het. Je hoort dan in welk duo je zit en welk AEX-bedrijf van jullie is.

  • Zoek alvast op welke 30 bedrijven er op dit moment in de AEX zitten.

Volgende les: hoe een balans verandert als een bedrijf iets koopt, verkoopt of afschrijft (2.2).

Bedrijfseconomie G4 · Introductie

19

Spoorboekje

Dit hebben we gedaan.

Na vandaag kun je:

  • uitleggen wat een indexcijfer is en er zelf een berekenen;

  • uitleggen waarom de AEX een gewogen gemiddelde is;

  • een gewogen gemiddelde berekenen;

  • de twee kanten van een balans benoemen en een ontbrekende post uitrekenen;

  • uitleggen wat crediteuren en debiteuren zijn.

  • Zijn we compleet? Absentiecheck

  • Leerdoelen & spoorboekje

  • Schrijven = blijven

  • Voorspelbaar gedrag

  • Wat is bedrijfseconomie? En: het beursproject

  • Indexcijfers en de AEX (1.5)

  • Gewogen gemiddelde: waarom ASML zwaarder telt (1.3)

  • De balans, met Unilever als voorbeeld

  • Crediteuren en debiteuren (2.2)

  • LessonUp account

  • Leerdoelen / spoorboekje

  • Huiswerk in Magister check