MAW 3.2 - macht & 3.3 Macht

§3.2 Macht & §3.3 Gezag
1 / 10
volgende
Slide 1: Tekstslide
MaatschappijwetenschappenMiddelbare schoolhavoLeerjaar 4

In deze les zitten 10 slides, met tekstslides.

time-iconLesduur is: 50 min

Onderdelen in deze les

§3.2 Macht & §3.3 Gezag

Slide 1 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 2 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Macht
Het vermogen om hulpbronnen in te zetten om bepaalde doelstellingen te bereiken en de mogelijkheden van anderen te beperken of te vergroten.

Slide 3 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Vier machtsbronnen
  1. Affectieve machtsbronnen: gevoel en emoties
  2. Cognitieve machtsbronnen: kennis
  3. Economische machtsbronnen: geld
  4. Politieke machtsbronnen  --> politieke machtsdragers

Slide 4 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Informele en formele macht
  • Formele macht is vastgelegd in regels of     wetten
  • Informele macht is niet officieel vastgeled

Slide 5 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Het dilemma van collectieve actie
  • Als mensen samenwerken om een collectief goed te realiseren is dat collectieve actie


  • Mensen kunnen profiteren van collectieve actie, zonder mee te werken
  • Dit zijn free riders

Slide 6 - Tekstslide

pagina 55
De oplossing
  • Dwang is de oplossing
  • Een actor met macht kan dwang gebruiken
  • Hoe meer hulpbronnen een actor heeft, hoe meer macht hij of zij heeft

Slide 7 - Tekstslide

pagina 55
§3.3 Gezag

Slide 8 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Gezag
Iemand kan zijn gezag ontlenen aan verschillende bronnen:
  • Kwaliteiten
  • Functie
  • Prestaties

Slide 9 - Tekstslide


pagina 56

Slide 10 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies