KT1 BBL Psychiatrie deel 2

Anatomie, Fysiologie en Pathologie


KT1 
Psychiatrie
Les 2


1 / 35
volgende
Slide 1: Tekstslide
Anatomie Fysiologie PathologieMBOStudiejaar 3

In deze les zitten 35 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 3 videos.

Onderdelen in deze les

Anatomie, Fysiologie en Pathologie


KT1 
Psychiatrie
Les 2


Slide 1 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Deel 2:
Persoonlijkheids- en cognitieve stoornissen
Angststoornissen                Verslaving
Slapeloosheid                        Obs. compulsieve stoornis
Autisme
Cognitieve stoornissen:
Delier                                         Dementie

Slide 2 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Angststoornissen
 Verzamelnaam voor paniekstoornissen, straatvrees, sociale fobie, dwangstoornis (OCD: obsessieve compulsieve stoornis), piekerstoornis en hypochondrie.

Ongeveer 1 op de 5 Nederlanders heeft (bewust of onbewust) last van een angststoornis.

Slide 3 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Angststoornissen
Komen op alle leeftijden voor er is veel overlap met depressie
Bijvoorbeeld
- sociale fobie; angst om (in gezelschap) beoordeeld te worden.
- specifieke fobie: angst voor 1 situatie of voorwerp
- agorafobie: pleinvrees, drukke winkels, openbaar vervoer
- gegeneraliseerde angststoornis; angst- of piekerstoornis die altijd aanwezig is. 

Behandeling is mogelijk met CGT (cognitieve gedragstherapie) en antidepressiva

Slide 4 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Gegeneraliseerde angststoornis
  • Doorlopend angstig, nerveus​
  • Geen ontspanning​
  • Behoefte aan geruststelling​
  • Voelt zich vaak -beschaamd​ 

Slide 5 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Reacties op (extreme) angst
  • Waakzaamheid​
  • Hechtingsgedrag​
  • Vluchten​
  • Vechten​
  • Bevriezen​
  • Dood houden of totale overgave​

Slide 6 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

verschijnselen

  • hartkloppingen
  • ademnood/ hyperventileren
  • zweten
  • een beklemmend gevoel op de borst
  • trillen of beven
  • duizeligheid
  • misselijkheid en opvliegers
  • of koude rillingen

Slide 7 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Behandeling Angststoornis 
  • Cognitieve gedragstherapie  (Behandelaar kijkt naar je gedrag en naar je gedachten, fantasieën, herinneringen en opvattingen (‘cognities’) en emoties)
 Met bepaalde oefeningen kun je het negatieve denkpatroon doorbreken,

  • Behandeling met Virtual Reality (VR)

Slide 8 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

vervolg behandeling
  • Ademhalings- en ontspanningsoefeningen
  • Medicatie
  • EMDR

Slide 9 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Paniekstoornis
  • Uitzonderlijke irrationele angst
  • Aanvallen​
  • Lichamelijke kenmerken​
  • Angst om de angst

Slide 10 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Fobie
Hevige of onredelijke angst voor een bepaald object of situatie, waardoor normale functioneren belemmerd wordt.​

Slide 11 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Welke fobieën ken je?

Slide 12 - Woordweb

Deze slide heeft geen instructies

Posttraumatische stresstoornis
Kijkvraag: Wat zijn oorzaken van een posttraumatische stresstoornis?

Slide 13 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 14 - Video

Deze slide heeft geen instructies

Kenmerken PTSS
  • Herbelevingen
  • Vermijdingsreacties (plekken/gevoelen)
  • Negatieve gedachten, afgestompte gevoelens
  • Sterke prikkelbaarheid of hyperactivatie (waakzaam, slecht slapen, concentratie problemen ect)

Slide 15 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Wat zijn de gevolgen van PTSS?

Slide 16 - Open vraag

Deze slide heeft geen instructies

Behandeling PTSS
  • EMDR
  • Exposure (blootstellen)
  • Cognitieve gedragstherapie (CGT)
  • Medicatie; oxazepam, diazepam, benzodiazepine ect: spierverslappers.

Slide 17 - Tekstslide

Cognitieve gedragstherapie (CGT) is een vorm van psychotherapie die je leert om anders tegen problematische situaties aan te kijken en er anders mee om te gaan. Cognitieve gedragstherapie gaat er van uit dat problemen beïnvloed en in stand gehouden worden door iemands gedachten en gedrag.
Slapeloosheid
Slapeloosheid is een subjectieve klacht. Het gaat erom hoe de patiënt zijn slaap ervaart, niet hoeveel hij werkelijk slaapt.


Slide 18 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Welke verslaving ken je?

Slide 19 - Woordweb

Deze slide heeft geen instructies

Wanneer is iemand
verslaafd?

Slide 20 - Woordweb

Deze slide heeft geen instructies

Verslaving
Bij een verslaving is iemand niet meer in staat om het middel uit vrije wil te laten staan vanwege lichamelijke of geestelijke afhankelijkheid.

Slide 21 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Obsessief-compulsieve stoornis (OCS of OCD)

Dwangstoornis

De patiënt is minimaal 1 uur per dag met zijn dwang bezig.

Slide 22 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Obsessief-compulsieve stoornis (OCS of OCD)

Behandeling is meestal CGT
Exposure (blootstelling) en responspreventie (voorkomen dat de patiënt reageert)

Slide 23 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Eetstoornissen
Anorexia nervosa
- extreem lijnen, braken, laxeermiddelen
- het eigen lichaamsbeeld is verstoord
- behandeling: angst om te eten moet worden overwonnen, daar is de therapie op gericht

Slide 24 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Eetstoornissen
Boulimia nervosa
- vreetbuien met controle verlies
- behandeling met CGT

Slide 25 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Autismespectrum stoornissen
Alle vormen van autisme samen worden autisme-spectrumstoornissen genoemd. 
Diagnose wordt vaak al als kind gesteld, contact maken is lastiger (sociale vaardigheden).
Autistische patiënten hebben vaak behoefte aan regelmaat en voorspelbaarheid. 
Kunnen extreem opgaan in specifieke hobby's of interesses

Slide 26 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Cognitieve stoornissen
Delier
Het bewustzijn van de patiënt is in wisselende mate gedaald.
De hersenfunctie wordt verstoord door een lichamelijke ziekte of probleem (bijv. pneumonie of urineweginfectie)
Komt veel voor onder ziekenhuispatiënten

Slide 27 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Trigger ontwikkelen delier?

Slide 28 - Woordweb

Deze slide heeft geen instructies

Slide 29 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 30 - Video

Deze slide heeft geen instructies

Cognitieve stoornissen
Dementie
Vermindering van de hersenfunctie terwijl het bewustzijn helder blijft.
Eerste symptoom is vaak achteruitgang van het geheugen
Ziekte van Alzheimer

Slide 31 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 32 - Video

Deze slide heeft geen instructies

Antidepressiva:, stemmingsverbeterend en soms angstdempende en/of activerende werking
Antipsychotica: kalmerend effect maar niet slaapverwekkend
Benzodiazepinen: angst, spanning en slaapstoornissen (verslavingsgevoelig)

Slide 33 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

geneesmiddelen 

Slide 34 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Vervolg geneesmiddelen

Slide 35 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies