In deze les zitten 18 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.
Lesduur is: 50 min
Dit is niet oké
Onderdelen in deze les
Ga naar lessonup.app
Kies voor registreren
vul klascode in: dfatp
registreer met je voornaam en achternaam
doe mee!
Slide 1 - Tekstslide
Herhaling procenten
Slide 2 - Tekstslide
Met welk getal moet je oud vermenigvuldigen om nieuw te krijgen bij een procentuele toename van 6%?
A
0,94
B
1,06
C
6
D
0,06
Slide 3 - Quizvraag
Uitwerking
100+6=106, dus 1,06
Slide 4 - Tekstslide
Met welk getal moet je oud vermenigvuldigen om nieuw te krijgen bij een procentuele afname van 11%
A
0,89
B
1,11
C
0,11
D
Geen van alle
Slide 5 - Quizvraag
Uitwerking
100-11=89, dus 0,89
Slide 6 - Tekstslide
De waarde van een huis is 280.000 euro wordt verlaagd met 6,2% Na een maand wordt de prijs weer verhoogd met 6,2% Wat is de waarde van het huis na de verhoging?
A
278.923,68 euro
B
280.000 euro
C
297.360 euro
D
Geen van alle
Slide 7 - Quizvraag
Uitwerking
100-6,2=93,8, dus 0,938
100+6,2=106,2 dus 1,062
280.000*0,938*1,062=278.923,68
Slide 8 - Tekstslide
In 2012 daalde de verkoop van personenauto's in NL ten opzichte van 2011 met 10,4% tot 502 duizend stuks. Hoeveel personenauto's werden er in 2011 in NL verkocht? vb: 304000 (afronden op duizendtallen)
<div>100-10,4= 89,6% <br></div>502/ 0,896 = 560,267.... of 502/89,6 *100= 560,267...<br><div>Dus ongeveer 560 duizend stuks<br></div><div><br></div>
timer
2:00
Slide 9 - Open vraag
Een koffiezetapparaat wordt met 25% korting verkocht voor 81 euro. Wat was de oorspronkelijke prijs? (vb: 100 euro)