Zuren en basen (Scheikunde havo), les 3: Terugblik quiz

Universeel indicatorpapier in een koker (foto: GOKLuLe, CC BY-SA 3.0)

EXAMENSTOF SCHEIKUNDE · ZUREN · BASEN

Quiz

Terugblik: Zuren en basen

1 / 14
volgende
Slide 1: Slide
newEditorScheikundeMiddelbare schoolhavoLeerjaar 4,5

In deze les zitten 14 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

time-iconLesduur is: 30 min
Dit is niet oké

Introductie

Terugblik met elf vragen over zuren en basen, notatie, ioniseren, zuur-basereacties en indicatoren, met een invulzin, een volgorde en twee open vragen.

Onderdelen in deze les

Universeel indicatorpapier in een koker (foto: GOKLuLe, CC BY-SA 3.0)

EXAMENSTOF SCHEIKUNDE · ZUREN · BASEN

Quiz

Terugblik: Zuren en basen

Les 3 van 3. Leerlingen beantwoorden individueel; bespreek na elke paar vragen kort de antwoorden. Image credit: GOKLuLe / Wikimedia Commons, CC BY-SA 3.0

Vul in

Zoutzuur is HCl(aq), natronloog is NaOH(aq) en ammonia is NH₃(aq).

Zoutzuur
natronloog
ammonia
azijn
kalkwater

Notaties van zoutzuur, natronloog en ammonia. Verwachte fout: ammonia en natronloog verwisselen. Syllabus R1.4.

Welk deeltje is een base?

A

O²⁻

B

H₃PO₄

C

HNO₃

D

H₂O + CO₂

O²⁻ kan twee H⁺ opnemen. De andere drie zijn zuren. Verwachte fout: denken dat een ion nooit een base is. Syllabus R1.5 en R1.6.

Wanneer breekt een atoombinding bij het oplossen?

A

Als NaCl oplost in water

B

Als glucose oplost in water

C

Als HCl ioniseert tot H⁺ en Cl⁻

D

Als NaOH oplost in water

Bij het ioniseren van een zuur breekt de atoombinding tussen H en het andere atoom. NaCl en NaOH hebben ionbindingen, glucose heeft bindingen tussen moleculen. Syllabus M3.8.

Geef de reactie tussen H⁺(aq) en OH⁻(aq).

Goed antwoord: H⁺(aq) + OH⁻(aq) → H₂O(l). Controle: 2 H, 1 O; lading 0 = 1+ + 1−. Verwachte fout: H₂ of H₂O₂ als product. Syllabus R1.7.

HNO₃ + NH₃ → NO₃⁻ + NH₄⁺. Welk deeltje is de base?

A

HNO₃

B

NH₃

C

NO₃⁻

D

NH₄⁺

NH₃ neemt een H⁺ op en wordt NH₄⁺. Controle: 4 H, 2 N, 3 O links en rechts; lading 0 aan beide kanten. Verwachte fout: HNO₃ kiezen omdat het eerst genoemd wordt. Syllabus R1.7.

Zet op volgorde: HCl ioniseert in water

1

Een HCl-molecuul zit in water

2

De H⁺ hecht aan een watermolecuul

3

Er zijn Cl⁻ en H₃O⁺ ontstaan

4

De H–Cl-binding breekt

Volgorde zoals in de animatie. Verwachte fout: de H⁺ aan het water laten hechten voordat de binding breekt. Syllabus R1.2 en M3.8.

Waarom noem je H₂O + CO₂ een zuur?

A

Het kan een H⁺ opnemen

B

Het bevat OH⁻-ionen

C

Het neemt elektronen op

D

Het kan een H⁺ afstaan

'H₂CO₃' staat een H⁺ af; zo werkt koolzuur in water. Verwachte fout: denken dat CO₂ een base is omdat het een oxide is. Syllabus R1.5.

Welke vergelijking klopt in atomen en lading?

A

NH₃ + H⁺ → NH₄

B

NH₃ + 2 H⁺ → NH₄⁺

C

NH₃ + H⁺ → NH₃⁺

D

NH₃ + H⁺ → NH₄⁺

Controle: 1 N, 4 H, lading 1+ links en rechts. Afleiders: lading vergeten, te veel H⁺, of H⁺ zonder H-atoom erbij. Syllabus R1.1 en R1.7.

Waarvoor gebruik je een indicator?

A

Om een zuur te neutraliseren

B

Om aan een kleur de zuurgraad te zien

C

Om het aantal H⁺ te tellen

D

Om een base in een zuur te veranderen

Een indicator kleurt anders bij een andere zuurgraad. Hij reageert niet weg en telt niets. Syllabus R&A2.1.

Waarom is OH⁻ een base?

Goed antwoord: OH⁻ kan een H⁺ opnemen, waarbij H₂O ontstaat. Verwachte fout: 'omdat het een negatief ion is' of 'omdat het OH bevat'. Syllabus R1.6.

Mg(OH)₂ + 2 H⁺ → Mg²⁺ + 2 H₂O. Welk deeltje is de base?

A

Mg²⁺

B

H⁺

C

OH⁻

D

H₂O

De OH⁻-ionen in Mg(OH)₂ nemen elk een H⁺ op. Controle: Mg 1, O 2, H 4 links en rechts; lading 2+ = 2+. Verwachte fout: Mg²⁺ kiezen als het metaal-ion. Syllabus R1.6 en R1.7.

Hoe zeker voel je je over dit onderwerp?

1

Heel zeker

2

Redelijk zeker

3

Niet zo zeker

4

Helemaal niet zeker

Gebruik de uitslag om te bepalen of je een onderdeel herhaalt.

EXAMENSTOF SCHEIKUNDE · ZUREN · BASEN

Goed gedaan!

Je kunt nu zuren en basen herkennen, zoutzuur, natronloog en ammonia noteren, ioniseren opschrijven en een zuur-basereactie opstellen. Zoek de vragen die je fout had op in les 1.

Deze slide heeft geen instructies