hh-week

Ethiek
Welke handelingen zijn gerechtvaardigd?
Overkoepelend
Morele theorie 1
Morele theorie 2
Morele theorie 3
Overkoepelend
Waarden en normen 
relativisme en universalisme
consequentialisme: 
Wat goed is hangt af van de gevolgen.
Plichtethiek:
Wat goed is wordt bepaald door plichten.
Deugdethiek:
Alleen met een moreel karakter kan je bepalen wat goed is.
Vrijheid en verantwoordelijkheid
1 / 14
volgende
Slide 1: Tekstslide
FilosofieMiddelbare schoolvwoLeerjaar 4,5

In deze les zitten 14 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 1 video.

time-iconLesduur is: 45 min

Onderdelen in deze les

Ethiek
Welke handelingen zijn gerechtvaardigd?
Overkoepelend
Morele theorie 1
Morele theorie 2
Morele theorie 3
Overkoepelend
Waarden en normen 
relativisme en universalisme
consequentialisme: 
Wat goed is hangt af van de gevolgen.
Plichtethiek:
Wat goed is wordt bepaald door plichten.
Deugdethiek:
Alleen met een moreel karakter kan je bepalen wat goed is.
Vrijheid en verantwoordelijkheid

Slide 1 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

In de herhalingsweek

- vragen/aan het werk n.a.v. leerdoelenchecklist
- stroomschema ethiek
- toetstips
- SO
- reflectie op SO
- wat is een goed antwoord?
- plichtethiek vs utilisme (video)
- ...

Slide 2 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Vandaag
  • stroomschema
  • SO terug
  • 3a voorbeeld, 3b samendoen, 3c zelfstandig 
  • (video plichtethiek vs utilisme)

Slide 3 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Een andere optie
Deugdethiek

  • Niet wat moet ik doen, maar hoe moet ik leven?
  • Geen morele regels maar een houding die je kan ontwikkelen
  • Het ontwikkelen van deugden (karaktereigenschappen) 
  • Wat goed is, verschilt per situatie

Slide 4 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Deugdethiek
Deugd: goede karaktereigenschap die het midden vormt tussen een tekort en een teveel (ondeugden). 
Bijv:

Moed
lafheid
overmoed
ondeugd (tekort)
ondeugd (teveel)
deugd (midden)

Slide 5 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Deugdethiek
Hoe bepaal je wat je volgens de deugdethiek moet doen?

  • bepaal welke deugden er van belang zijn
  • maak een afweging tussen deze deugden
  • deugdelijk handelen moet je oefenen!

Slide 6 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Deugdethiek
Voorbeeld: moet ik leren voor een toets of naar het feestje van een vriend gaan waar ik voor ben uitgenodigd?

- deugden: trouw/loyaal zijn in vriendschap, verstandigheid, zelfdiscipline
- een deugdzaam persoon zou een afweging maken tussen die deugden en proberen beide deugden uit te oefenen.

Dus...(verschillende mogelijkheden)
nu leren en later naar het feestje, naar het feestje en daarna leren, afzeggen maar een extra groot cadeau kopen, ....

Slide 7 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

5

Slide 8 - Video

Deze slide heeft geen instructies

01:45
Geef je mening: de vervolging van de politiechef vind ik
A
Terecht. Politie mag niemand bedreigen.
B
Onterecht. Dankzij hem gaat de moordenaar de cel in.

Slide 9 - Quizvraag

Onterecht. de man is een held, want nu gaat die moordenaar levenslang de cel in. 
02:57
Geeft deze zaak inderdaad aan dat de kantiaanse ethiek absurd is en het utilisme beter is in dit geval?
A
Ja, de kidnapper verliest zijn waardigheid door zijn misdaad.
B
Nee, ook een kidnapper heeft menselijke waardigheid en rechten.

Slide 10 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

03:20
Welk argument geeft deze vrouw tegen het utilisme?

Slide 11 - Open vraag

Deze slide heeft geen instructies

03:55
Ben je het ermee eens dat jij verantwoordelijk bent voor de dood van het kind als je niet alles hebt gedaan om zijn dood te voorkomen?
A
Ja, wel als je het kind mogelijk kunt redden.
B
Nee, de moordenaar is de enige verantwoordelijke.
C
Je bent niet echt verantwoordelijk, maar ik zou me wel schuldig voelen.

Slide 12 - Quizvraag

Zijn we ook schuldig aan hongerdoden? Aan dierenleed? Aan barre omstandigheden in de textielindustrie?
05:10
Ben je het met Singer eens? Mag je een onschuldig kind martelen als dat 10 kinderen vrij kan krijgen?
A
Ja, dat levert zoveel mogelijk geluk op voor zoveel mogelijk mensen
B
Nee, je mag nooit een onschuldig iemand martelen
C
Nee, die regel leidt op lange termijn tot meer pijn dan geluk

Slide 13 - Quizvraag

Eens? Wie moet dat dan doen? Wie pakt die verantwoordelijkheid op? Ben je medeverantwoordelijk als je dat niet doet?

(evt verwijzen naar trolleyprobleem, guantanamo)
Leg uit in hoeverre de politiechef deugdelijk heeft gehandeld.

Slide 14 - Open vraag

Deze slide heeft geen instructies