H3.3 H3.4 Dichtheid (Stofmaterialen)

H3.4/3.5 Dichtheid
1 / 24
volgende
Slide 1: Tekstslide
NatuurkundeMiddelbare schoolvmbo k, g, t, mavoLeerjaar 4

In deze les zitten 24 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 1 video.

Dit is niet oké

Onderdelen in deze les

H3.4/3.5 Dichtheid

Slide 1 - Tekstslide

Welkom
Welkom 
4b.nsk1

Slide 2 - Tekstslide

Slide 3 - Tekstslide

Slide 4 - Tekstslide

Planning H3 Online
Bouw van de materie & Stoffen en materialen
  • H3.1 Intro Stoffen en materialen
  • H3.2 Intro Bouw van de materie
  • H3.3 Materialen in onze omgeving 
  • H3.4 Stofeigenschappen 3de jaar
  • H3.5 Stofeigenschappen 4de jaar
  • H3.6 Omgaan met gevaarlijke stoffen
  • H3.7 Stoffen in het milieu
  • H3.8 Gevaren van stoffen, milieu 
  • H3.9 Materialen
  • H3.10 Metalen
  • H3.11 Moleculaire stoffen

Slide 5 - Tekstslide

3.4 / 3.5 Dichtheid
Aan het eind van deze paragraaf kan ik:

  • uitleggen waarom een stof zinkt, zweeft of drijft in een andere stof
  • beschrijven wat dichtheid is
  • rekenen met dichtheid.

Slide 6 - Tekstslide

zinken , zweven en drijven

Slide 7 - Tekstslide

Slide 8 - Video

Drijven, zinken of zweven?
Een stof met een grotere dichtheid                                                       dan de vloeistof zinkt / zweeft / drijft
  • zinkt 
Een stof met gelijke dichtheid ...
  • zweeft
Een stof met een kleinere dichtheid ...
  • drijft



Slide 9 - Tekstslide

Dichtheid is de hoeveel massa van dat materiaal 
 in een bepaald volume

Slide 10 - Tekstslide

Formule dichtheid
       De dichtheid is de hoeveel                          massa van dat materiaal                             in een bepaald  volume.  

      Dichtheid = Massa : Volume
  • Dichtheid    [ g/cm3 ] 
  • Massa             [ g ]
  • Volume          [ cm]

Slide 11 - Tekstslide

Oplossen van een rekenvraag!
Gegevens:
  • Deze haal je uit de tekst / afbeelding / Binas
Gevraagd:
  • Kijk wat er gevraagd wordt en in welke eenheid!
Formule:
  • Noteer de formule (zoek evt op in de binas)
Uitwerking:
  • Laat zien hoe je tot een antwoord komt; invullen van de formule
Antwoord: 
  • Geef het antwoord weer; let op de juiste eenheid

Slide 12 - Tekstslide

Dichtheid Goud
Goud heeft  een dichtheid van 19,30 g/cm3
  • Dit spreek je uit als 19,3 gram per kubieke centimeter. 
  • Als je dus 1 cm3 Goud pakt en op een weegschaal legt, geeft de weegschaal 19,3 gram aan.

Slide 13 - Tekstslide

Volume / massa bepalen
Volume berekenen:
  • volume = lengte x breedte x hoogte
  •          = 4 x 3 x 10 = 120 ml = 120 cm3

Volume bepalen:
  • Volume kun je bepalen met de onderdompelmethode

Massa bepalen:
  • met een weegschaal / balans

Slide 14 - Tekstslide

REKENVOORBEELD:
Bereken de dichtheid van het blokje, en van welk materiaal dit is gemaakt!
Gegevens: 
  • m = 324 g ; 
  •  V = 4 x 3 x 10 = 120 cm3 
Gevraagd: 
  • Dichtheid  = ? g/cm3
Formule:       
  • dichtheid = massa : volume 
Uitwerking:    
  • dichtheid = 324 : 120  
Antwoord:      
  • Dichtheid = 2,70 g/cm3 
  • Opzoeken in de binas 13 (vast) of 14 (liquid)
  • Het blokje is van aluminium.

Slide 15 - Tekstslide

En nu aan de slag

We gaan gezamenlijk rekenopdrachten maken

Klaar:
=> Online learnbeat opgaven H3.3 t/m 3.4 maken

Slide 16 - Tekstslide

Opgave 4:

Bereken het volume van de vetbol? 
De vetbol heeft een massa van 84 gram en een gemiddelde dichtheid van 0,96 g/cm3

Gegevens:
  • dichtheid = 0,96 g/cm3
  • massa = 84 g
Gevraagd:
  • Volume = ? cm3
Formule:
  • dichtheid = m : V 
  • Volume = m : ρ
Uitwerking:
  • Volume = 84 : 0,96
Antwoord:
  • Volume = 87,5 cm3

Slide 17 - Tekstslide

Opgave 2:

Een blokje gemaakt van lood heeft de volgende afmetingen:
Breedte 4 cm, hoogte 8 cm en lengte 3 cm.

Bereken de massa van het blokje? 


Gegevens:
  • dichtheid = 11,35 g/cm3
  • Volume = 4 x 8 x 3 = 96 cm3
Gevraagd:
  • massa = ? g
Formule:
  • dichtheid = massa : Volume 
  • massa  = dichtheid x Volume
Uitwerking:
  • massa = 11,35 x 96 
Antwoord:
  • massa = 1090 g

Slide 18 - Tekstslide

Opgave 3:

Bereken het volume van 2,5 kg suiker? 


Gegevens:
  • dichtheid = 1,58 g/cm3
  • massa = 2,5 kg
  • massa = 2500 g
Gevraagd:
  • Volume = ? cm3
Formule:
  • dichtheid = massa : Volume 
  • Volume = massa : dichtheid
Uitwerking:
  • Volume = 2500 : 1,58 
Antwoord:
  • Volume = 1582 cm3

Slide 19 - Tekstslide

Opgave 1:

Een voorwerp heeft een massa van 135 gram. Het volume is 50 cm3.

a) Bereken de dichtheid: Doe dit volgens het stappenplan!

b) Van welk materiaal kan dit blokje zijn gemaakt?


Gegevens:
  • massa = 135 g
  • Volume = 50 cm3
Gevraagd:
  • dichtheid = ? g/cm3
Formule:
  • dichtheid  = massa : Volume 
Uitwerking:
  • dichtheid = 135 : 50 
Antwoord:
  • dichtheid = 2,7 g/cm3
  • Dus het materiaal is gemaakt van Aluminium

Slide 20 - Tekstslide

Wat vonden jullie van de les
Wat vindt je nog moeilijk?

Waar wil je nog extra uitleg van?



Slide 21 - Tekstslide

De dichtheid van de badeend is ...... dan de dichtheid van water
A
Groter
B
Kleiner
C
Gelijk
D
Geen idee

Slide 22 - Quizvraag

Welke stof heeft een dichtheid van 11,35 g/cm3
A
goud
B
ijzer
C
koper
D
lood

Slide 23 - Quizvraag

De massa = 10 g.
Het volume = 5 cm3.
Wat is de dichtheid?
A
5 : 10 = 0,5 g/cm3
B
10 : 5 = 2 g/cm3
C
5 x 10 = 50 g/cm3

Slide 24 - Quizvraag