Werkplaats van een fietsenmaker
EXAMENSTOF · FINANCIEEL · RESULTAAT
Quiz
Terugblik: Resultaat en winstbelasting
Werkplaats van een fietsenmaker
EXAMENSTOF · FINANCIEEL · RESULTAAT
Quiz
Terugblik: Resultaat en winstbelasting
Les 3 van 3. Leerlingen beantwoorden individueel; bespreek na elke paar vragen kort de antwoorden. Image credit: Alextredz / Wikimedia Commons, CC BY-SA 4.0
Begroot: 800 producten à € 25, variabele kosten € 10 per product, constante kosten € 6.000. Gerealiseerd: 750 à € 26, € 11 per product, € 6.200. Wat is het verschil in resultaat voor winstbelasting?
Het gerealiseerde resultaat is € 950 hoger
Het gerealiseerde resultaat is € 950 lager
Het gerealiseerde resultaat is € 500 lager
Het gerealiseerde resultaat is € 750 lager
Syllabus 25.8. Uitwerking: begroot 20.000 min 8.000 min 6.000 = 6.000; gerealiseerd 19.500 min 8.250 min 6.200 = 5.050; verschil 950 lager. Verwachte fouten: het teken omdraaien, alleen de omzet vergelijken (€ 500) of de constante kosten vergeten (€ 750).
Een bv heeft € 36.000 resultaat na winstbelasting. De aandeelhouders willen 60% daarvan als dividend. Hoe hoog is de reservering?
€ 21.600
€ 36.000
€ 57.600
€ 14.400
Syllabus 25.8. Uitwerking: dividend 36.000 x 0,60 = 21.600; reservering 36.000 min 21.600 = 14.400. Verwachte fouten: het dividend noemen (€ 21.600), het hele resultaat (€ 36.000) of optellen (€ 57.600).
Resultaat voor winstbelasting € 80.000, vennootschapsbelasting 25% en dividend € 35.000 (bruto). De dividendbelasting is 15% (gegeven). Hoe hoog is de reservering?
€ 25.000
€ 30.250
€ 19.750
€ 45.000
Syllabus 25.8. Uitwerking: belasting 80.000 x 0,25 = 20.000; resultaat na winstbelasting 60.000; reservering 60.000 min 35.000 = 25.000. De dividendbelasting (€ 5.250) zit in het dividend en verandert de reservering niet. Verwachte fouten: het netto dividend (€ 29.750) aftrekken (€ 30.250), de dividendbelasting nog eens aftrekken (€ 19.750) of de vennootschapsbelasting vergeten (€ 45.000).
Een bv verkoopt een product voor € 60 met € 40 variabele kosten. Het resultaat voor winstbelasting moet € 12.000 hoger. Hoeveel producten extra moeten erbij?
200
300
600
125
Syllabus 25.8. Uitwerking: per product houdt de bv 60 min 40 = 20 over; 12.000 gedeeld door 20 = 600. Verwachte fouten: delen door de verkoopprijs (200), delen door de variabele kosten (300) of door de som (12.000 / 96 = 125).
Waarom keert een bv niet al het resultaat uit?
Syllabus 25.8. Een goed antwoord: het deel dat blijft (reservering) komt bij het eigen vermogen; daarmee kan de bv investeren of een buffer houden zonder te lenen. Verwachte fout: alleen zeggen dat het beter is voor de belasting.
De huur (een constante kost) stijgt van € 2.500 naar € 2.800 per maand. Verder blijft alles gelijk. Effect op het resultaat voor winstbelasting per jaar?
€ 300 lager
€ 3.600 hoger
€ 3.600 lager
€ 2.880 lager
Syllabus 25.8. Uitwerking: 300 x 12 = 3.600 lager. Verwachte fouten: het maandbedrag (€ 300), het teken omdraaien, of 3.600 x 0,80 = 2.880: dat is het effect na 20% belasting, niet voor winstbelasting.
Een bv rekent na afloop van het jaar met de werkelijke cijfers. Welk resultaat berekent ze dan?
Het gerealiseerde resultaat
Het begrote resultaat
De reservering van het resultaat
Het dividend per aandeel
Syllabus 25.8: begroot en gerealiseerd resultaat. Met werkelijke cijfers achteraf bereken je het gerealiseerde resultaat; het begrote resultaat bereken je vooraf. Welke rechtsvorm welke belasting betaalt, oefen je in de les Rechtsvormen. Verwachte fout: begroot en gerealiseerd omdraaien.
Vul in
Dividend is een deel van het resultaat na winstbelasting dat de bv uitkeert aan de aandeelhouders.
Syllabus 25.8. Verwachte fout: het resultaat voor winstbelasting, want dan zou het dividend over het belaste deel gaan.
Een bv zet € 9.000 van het resultaat op de reservering. Wat verandert er?
Het vreemd vermogen stijgt met € 9.000
De aandeelhouders ontvangen € 9.000 extra dividend
De bv betaalt € 9.000 extra vennootschapsbelasting
Het eigen vermogen stijgt met € 9.000
Syllabus 25.8. Reserveren betekent dat het resultaat in de bv blijft en bij het eigen vermogen komt. Verwachte fout: denken dat gereserveerd resultaat aan de aandeelhouders wordt uitgekeerd.
Prijs € 5 hoger, afzet 400 gelijk, variabele kosten € 2 per stuk hoger. Wat is het effect op het resultaat na winstbelasting (25%, gegeven)?
€ 1.200 hoger
€ 900 hoger
€ 1.500 hoger
€ 300 hoger
Syllabus 25.8. Uitwerking: voor belasting 400 x 5 min 400 x 2 = 1.200 hoger; belasting 25% van 1.200 = 300; na belasting 900 hoger. Verwachte fouten: het effect voor belasting (€ 1.200), de variabele kosten vergeten (2.000 x 0,75 = € 1.500) of alleen de belasting (€ 300).
Een bv keert € 42.000 dividend uit aan 7.000 aandelen. Hoeveel dividend is dat per aandeel?
€ 6
€ 0,17
€ 294
€ 600
Syllabus 25.8: dividend in euro's. Uitwerking: 42.000 gedeeld door 7.000 = 6. Verwachte fouten: het delen omdraaien (€ 0,17) of met een verkeerd getal rekenen (€ 294 of € 600).
Hoe zeker voel je je over dit onderwerp?
Heel zeker
Redelijk zeker
Niet zo zeker
Helemaal niet zeker
Gebruik de uitslag om te bepalen of je een onderdeel herhaalt.
EXAMENSTOF · FINANCIEEL · RESULTAAT
Goed gedaan!
Je hebt het resultaat van een bv berekend voor en na winstbelasting, het effect van veranderingen bepaald en het resultaat verdeeld over dividend en reservering. Controleer in een opgave altijd het gegeven percentage en of je rekent met het resultaat voor of na winstbelasting.
Deze slide heeft geen instructies