Installatietechniek Van alles

Installatietechniek & algemeen quiz
1 / 35
volgende
Slide 1: Tekstslide
InstallatietechniekMiddelbare schoolMBOStudiejaar 2

In deze les zitten 35 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

time-iconLesduur is: 15 min

Onderdelen in deze les

Installatietechniek & algemeen quiz

Slide 1 - Tekstslide

Waar staat de afkorting
P.V.C. voor?
A
Poly Vinyl Chloride
B
Poly Vinyl Curf
C
Poly Vinyl Carbid
D
Poly Vinyl Carbid sulfide

Slide 2 - Quizvraag

Hoe hoog moet het waterslot in een sifon minimaal zijn?
A
10mm
B
10cm
C
30mm
D
50mm

Slide 3 - Quizvraag

Zet de juiste buis bij de juiste buigtang
Koper
stalen preciciebuis
Uponor

Slide 4 - Sleepvraag

Waar is een spiegel-las verbinding in toepasbaar?
A
Stalen precisiebuis
B
P.V.C buis
C
P.E. Buis
D
Koperen buis

Slide 5 - Quizvraag

Sleep de benaming naar het juiste kunststof onderdeel
Thermoharder
Elastomeer
Thermoplast

Slide 6 - Sleepvraag

Wat betekent de afkorting P.E op buis materiaal?
A
Plexy-Ethyleen
B
Poly-Ethyleen
C
Plexy-Epoxy
D
Poly-Epoxy

Slide 7 - Quizvraag

Kattenrug
Sprong
haakse bocht

Slide 8 - Sleepvraag

Wat is het verschil tussen natuurlijke ventilatie en balansventilatie?

Slide 9 - Open vraag

Kan je P.P spiegel-lassen?

A
Ja
B
Nee

Slide 10 - Quizvraag

5 meter
5 meter
6 meter

Slide 11 - Sleepvraag

Op welke manier kun je PE buis verbinden?
A
Lassen, Schroefkoppeling, flensverbinding,
B
Moffen, lijmen, flensverbinding
C
Schroefverbinding, Lassen, Kitten
D
Flensverbinding, schroefkoppeling, lijmen

Slide 12 - Quizvraag

Welk woord hoort bij welk keurmerk?
KOMO
KIWA
FKS
GASTEC QA
Drinkwater installatie
Gasverwante producten
Riolering systemen
Recycling

Slide 13 - Sleepvraag

Wat is de COP en wat zegt deze waarde?
A
De verhouding tussen het gasverbruik en de buitentemperatuur
B
De verhouding tussen geleverde warmte en verbruikte elektrische energie
C
Het energieverlies door warmteafgifte aan de omgeving
D
De maximale aanvoertemperatuur van de warmtepomp

Slide 14 - Quizvraag

Coëfficiënt of Performance
De COP (Coëfficiënt of Performance) geeft aan hoeveel warmte een warmtepomp levert ten opzichte van de hoeveelheid elektriciteit die hij verbruikt. Bijvoorbeeld: een COP van 4 betekent dat de warmtepomp 4 keer zoveel warmte levert als hij aan elektrische energie verbruikt (1kWh = 4 kWh aan warmte). Dus: hoe hoger de COP, hoe efficiënter en zuiniger de warmtepomp werkt.

Slide 15 - Tekstslide

Waar of niet waar!
Welke factoren hangt de droogtijd van lijmen vanaf?
Waar
Niet waar
kwast dikte
diameters
heel veel lijm op een fitting doen
lijmsoort
temperatuur omgeving
Spleetgrootte
Soort PVC

Slide 16 - Sleepvraag

Waaraan kun je zien of de elektromof lasverbinding goed gemaakt is?
A
Dat de mof warm blijft nadat deze ooit gemaakt is
B
Aan de zijkanten kun je zien of deze gesmolten zijn
C
Aan de pinnen die bovenop zitten. Deze zijn gebogen
D
Aan een markering die opkomt tijdens het lassen

Slide 17 - Quizvraag

15 x 1/2&nbsp;<br>Knel x Bu
Persbocht m/m
persbocht m/s
15 x 1/2<br>Knel x Bi

Slide 18 - Sleepvraag

In welke ruimte is onderdruk gewenst?
A
badkamer
B
woonkamer
C
slaapkamer
D
garage

Slide 19 - Quizvraag

In ruimtes zoals de toilet & badkamer ontstaat vocht en geur. Door hier onderdruk te creëren (meer afvoer dan toevoer), zuig je lucht uit deze ruimte weg. Zo voorkom je verspreiding van vocht en geuren naar andere delen van het gebouw.

Slide 20 - Tekstslide

EN NU!
Algemene vragen, dus geen installatietechniek vragen.

Slide 21 - Tekstslide


Welke sport hoort 
bij deze sporter?
A
Tennis
B
Formule 1
C
Voetbal
D
Hockey

Slide 22 - Quizvraag

Max Verstappen

Slide 23 - Tekstslide


Welke sport hoort 
bij deze sporter?
A
Tennis
B
Wielrennen
C
Handbal
D
Schaatsen

Slide 24 - Quizvraag

Jutta Leerdam

Slide 25 - Tekstslide


Welke sport hoort 
bij deze sporter?
A
Voetbal
B
Handbal
C
Volleybal
D
Hockey

Slide 26 - Quizvraag

Vivianne Miedema

Slide 27 - Tekstslide

Welk eiland zien we hier?

Slide 28 - Tekstslide

Welk eiland hebben we op de vorige dia gezien?
A
ijsland
B
faeröer
C
terschelling
D
lanzarote

Slide 29 - Quizvraag

Wat is de officiële munteenheid van Japan?
A
Ying
B
Yang
C
Yen
D
Yin

Slide 30 - Quizvraag

Van welk land is dit de omtrek?
A
Spanje
B
Frankrijk
C
Italië
D
Vietnam

Slide 31 - Quizvraag

Van welk land is dit de omtrek?
A
Zwitserland
B
België
C
Slovenië
D
Oostenrijk

Slide 32 - Quizvraag

Slide 33 - Tekstslide

Van welk land is deze vlag?
A
Japan
B
Ivoorkust
C
Ghana
D
Nigeria

Slide 34 - Quizvraag

Van welk land is deze vlag?
A
Zuid-Afrika
B
Ivoorkust
C
Mozambique
D
Turkije

Slide 35 - Quizvraag