Practicum 5.3 chromatografie

Vandaag
- Instructie eerste deel paragraaf 4
- Practicum papierchromatografie
1 / 20
volgende
Slide 1: Tekstslide
ScheikundeMiddelbare schoolvwoLeerjaar 3

In deze les zitten 20 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 1 video.

Onderdelen in deze les

Vandaag
- Instructie eerste deel paragraaf 4
- Practicum papierchromatografie

Slide 1 - Tekstslide

H5.4 Oplossingen

Slide 2 - Tekstslide

Na deze les...
... kan ik uitleggen wat oplosbaarheid is en wat het verband is met de       
    temperatuur;
... kan ik uitleggen wat het verschil is tussen een verzadigde en een
    onverzadigde oplossing

... kan ik zelf papierchromatografie uitvoeren en de Rf-waarde berekenen. 

Slide 3 - Tekstslide

Oplosbaarheid
Suiker met water --> Oplossing
Krijt met water --> Suspensie
Niet elke stof lost even goed op

Oplosbaarheid = aantal gram van een stof maximaal in 1 L vloeistof kan oplossen

Slide 4 - Tekstslide

Verzadigde oplossing

Slide 5 - Tekstslide

verzadigde oplossing
- In een verzadigde oplossing is de maximale      
   hoeveelheid stof opgelost
- De vaste stof blijft vast en blijft zichtbaar

- Is er minder opgelost dan is de oplossing onverzadigd

Slide 6 - Tekstslide

Oplosbaarheid
Bij vloeistoffen geldt:
“Hoe hoger de temperatuur hoe meer er kan oplossen!”

Bij gassen geldt:
“Hoe hoger de temperatuur hoe minder er kan oplossen!”

Slide 7 - Tekstslide

oplosbaarheid
een andere stofeigenschap is oplosbaarheid.

Oplosbaarheid zegt iets over hoe goed de stof oplost in water

Slide 8 - Tekstslide

Slide 9 - Tekstslide

je lost 5 gram suiker op in 250 ml.
wat is de concentratie in g/L
A
20 g/L
B
5 g/L
C
25 g/L
D
10 g/L

Slide 10 - Quizvraag


A
36.550
B
36,55 g
C
3,655 g
D
14,62 g

Slide 11 - Quizvraag

Oplosbaarheid zuurstof bij 80graden: 25,1 mg/kg. In 500g water is 15 mg zuurstof toegevoegd. Wat is deze oplossing?
A
Onverzadigd
B
Verzadigd

Slide 12 - Quizvraag

Wat is geen scheidingsmethode?
A
Destilleren
B
Chromatografie
C
Elektrolyse
D
Adsorbtie

Slide 13 - Quizvraag

Lucht zuiveren met een afzuigkap is een voorbeeld van
A
filtreren
B
adsorberen
C
absorberen
D
destilleren

Slide 14 - Quizvraag

Waarop is papierchromatografie gebaseerd?
A
Verschil in kookpunt van de componenten
B
Verschil in adsorptievermogen van het papier
C
Verschil in de oplosbaarheid van het mengsel in de loopvloeistof
D
Zowel B als C

Slide 15 - Quizvraag

We willen een mengsel van 2 stoffen A en B scheiden d.m.v. papier chromatografie. Stof A lost beter op in de loopvloeistof dan stof B.
Stof B adsorbeert beter dan stof A. Welke stof komt hoger in het chromatogram ? Leg je antwoord uit.

Slide 16 - Open vraag

Slide 17 - Tekstslide

Slide 18 - Video

Papierchromatografie

Slide 19 - Tekstslide

Papierchromatografie

Slide 20 - Tekstslide