2. maak met de woorden steeds een andere zin
- Zijn broertje | maakte | die lastige sommen uit zijn hoofd.
- Die lastige sommen | maakte | zijn broertje uit zijn hoofd.
- Uit zijn hoofd | maakte | zijn broertje die lastige sommen.
Elk deel dat in een vertelzin voor de persoonsvorm kan staan, is een zinsdeel.