Herhaling H5-par.:1,2 en 3

                        

Herhaling van hoofdstuk 

1 / 27
volgende
Slide 1: Tekstslide
NatuurkundeMiddelbare schoolvmbo b, havoLeerjaar 1,2

In deze les zitten 27 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 2 videos.

time-iconLesduur is: 45 min

Onderdelen in deze les

                        

Herhaling van hoofdstuk 

Slide 1 - Tekstslide

Warmtebron
  • Een warmtebron zet energie om in warmte.
  • Voorbeelden zijn de zon, de verwarming, de aarde en de straalkachel.
  • De straalkachel werkt op elektriciteit.



Slide 2 - Tekstslide

1. Cv-ketel
De Cv-ketel zorgt voor <strong>warmteproductie</strong>. Door verbranding van aardgas wordt warmte geproduceerd.
2. Leidingen
De geproduceerde warmte moet getransporteerd worden. Dit noemen we <strong>warmtetransport</strong>. Het water wordt rondgepompt en transporteert zo de warmte.
3. Radiator
In de radiator vindt <strong>warmteafgifte</strong> plaats. De warmte wordt afgegeven aan de lucht in de kamers.
4. Regeltechniek
<strong>Regeltechniek</strong>. Je wilt in een huis&nbsp;dat 's ochtends de verwarming vanzelf aangaat. Dit wordt geregeld door bijvoorbeeld&nbsp;een kamerthermostaat, de thermostaatkranen of andere regeltechnieken.

Slide 3 - Tekstslide

Goede verbranding


aardgas + zuurstof ->

koolstofdioxide + waterdamp


Deze stoffen zijn ongevaarlijk: maar moeten wel afgevoerd worden.

Koolstofdioxide en waterdamp zijn verbrandingsgassen.

Slechte verbranding


aardgas + te weinig zuurstof ->

koolstofmono-oxide + waterdamp


Koolstofmono-oxide is levensgevaarlijk!

Slide 4 - Tekstslide

Rendement

Rendement is de opbrengst van een bepaald proces.


Als van een bepaalde Cv-ketel bekend is dat het rendement 75% is, betekent dit dat je 25% van de warmte "verliest". Deze 25% is dan niet naar de verwarming en/of huiskamer gegaan.

Slide 5 - Tekstslide

Welke van deze warmtebronnen werkt op elektriciteit?
A
Zon
B
Mens
C
Aarde
D
Straalkachel

Slide 6 - Quizvraag

Welke stof komt alleen vrij bij een slechte verbranding van aardgas?
A
waterdamp
B
koolstofmono-oxide
C
koolstofdioxide
D
zuurstof

Slide 7 - Quizvraag

Het rendement van een bepaalde Cv-ketel is 85%. Hoeveel warmte gaat "verloren"?
A
15
B
10
C
100
D
0

Slide 8 - Quizvraag

Chemische Energie

- Altijd een verbranding!
- Brandstof en zuurstof nodig.
- De "chemische energie" in brandstoffen wordt omgezet naar warmte.
Elektrische Energie

- Elektriciteit
- Bij elektrische energie naar warmte zie je meestal draadjes gloeien

Slide 9 - Tekstslide

Energieverbruik
Hangt af van:

-  Tijd (hoelang je een brandstof verbrandt);
- De hoeveelheid brandstof die je per seconde omzet.

Slide 10 - Tekstslide

Alternatieve energie
- Zonenergie
- Windenergie
- Waterenergie

(Duurzame energie)

Slide 11 - Tekstslide

Welke van deze vormen van energie is géén vorm van duurzame energie?
A
Kernenergie
B
Waterenergie
C
Zonenergie
D
Windenergie

Slide 12 - Quizvraag

Bij welke energieomzetting heb je altijd een brandstof nodig?
A
Windenergie -> Warmte
B
Chemische energie -> Warmte
C
Elektrische energie -> Warmte
D
Waterenergie -> Warmte

Slide 13 - Quizvraag

Bij het proefje met de stromingsbuis
ging het water stromen
waardoor?
A
Water stroomt altijd
B
Doordat het warme water stijgt.
C
Door de kleurstof
D
door geleiding

Slide 14 - Quizvraag

Hoe kun je in water warmte goed transporteren?
A
door geleiding
B
door stroming of geleiding
C
je kunt in water geen warmte transporteren
D
door stroming

Slide 15 - Quizvraag

Vormen van warmtetransport
- Stroming (via gassen en vloeistoffen)
- Geleiding (via vaste stoffen)
- Straling (geen tussenstof)

Slide 16 - Tekstslide

warmte transport
- Geleiding
- Stroming 
- Straling 


Slide 17 - Tekstslide

Waarvan is dit plaatje een voorbeeld?
Tekst
A
Straling
B
Stroming
C
Geleiding

Slide 18 - Quizvraag

Isolator
Een isolator is een stof die niet goed geleidt.

Slide 19 - Tekstslide

Welke vormen van warmtetransport blokkeert een thermosfles?
A
Stroming & Straling
B
Stroming
C
Straling
D
Geleiding, stroming & straling

Slide 20 - Quizvraag

Lichaamstemperatuur
Je lichaam heeft een temperatuur van ongeveer 37 graden Celsius.
Vanaf 38 graden Celsius heb je koorts. Vanaf 42 graden Celsius is je leven in gevaar.

Slide 21 - Tekstslide

Slide 22 - Video

Slide 23 - Video

Dus wat doet een expansievat?
Een expansievat moet voorkomen dat de verwarmingsinstallatie ontploft. Het expansievat vangt de uitzetting van het water op.

Slide 24 - Tekstslide

Drie (vier) vormen van koken
- Koken en frituren
- Grillen
- Magnetron

Slide 25 - Tekstslide

Welk apparaat werkt met infrarood straling?
A
Broodrooster
B
Frituurpan
C
Magnetron
D
Kookeiland

Slide 26 - Quizvraag

Hoe noemen we de straling van een magnetron?
A
Magneton
B
UV-straling
C
Microgolven
D
Milligolven

Slide 27 - Quizvraag