Een lamp van 0,06 kW brandt 5 uur. De stroomprijs is €0,40 per kWh. Wat kost dat?
€0,12
€0,24
€0,30
€0,06
Een televisie van 150 W staat 4 uur aan. Hoeveel energie verbruikt hij??
0,15 kWh
0,4 kWh
0,6 kWh
6 kWh
Wat betekent vermogen van een apparaat?
Hoeveel stroom het gebruikt
Hoe snel het energie gebruikt
Hoe zwaar het apparaat is
Hoe duur het apparaat is
Een waterkoker van 2000 W staat 0,5 uur aan. Hoeveel energie verbruikt hij?
0,5 kWh
1,5 kWh
2,5 kWh
1,0 kWh
Wat betekent rendement?
Hoe zwaar een apparaat is
Hoeveel nuttige energie een apparaat levert vergeleken met de energie die erin gaat
Hoeveel spanning een accu heeft
Hoeveel stroom een apparaat gebruikt
Wat gebeurt er met de energie die niet nuttig wordt gebruikt?
Die wordt spanning
Die wordt licht
Die wordt meestal warmte
. Die verdwijnt
Welke eigenschap hoort bij een accu?
Een accu kun je opladen
Een accu werkt alleen op zonne-energie
Een accu is hetzelfde als een batterij
Een accu heeft geen spanning
De capaciteit van een accu wordt meestal uitgedrukt in:
Volt uur(Vh)
Watt (W)
Joule (J)
Ampère-uur (Ah)
Een accu heeft een capaciteit van 20 Ah. Hoe lang kan hij 2 A leveren?
5 uur
10 uur
20 uur
40 uur
Welke formule hoort bij capaciteit?
capaciteit = spanning × stroomsterkte
capaciteit = stroomsterkte × tijd
capaciteit = spanning ÷ tijd
capaciteit = vermogen × tijd
Vragen over de les?
Huiswerk
Hoofdstuk 8.4 Opdracht 1 t/m 16
(BLZ 115 t/m 122)
minute
second