Rekenen leerjaar 2. Domein 4: Verbanden. Les 1: Tabellen en diagrammen
KM Rekenen - verbanden
1 / 29
volgende
Slide 1: Tekstslide
RekenenMiddelbare schoolhavo, vwoLeerjaar 2
In deze les zitten 29 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.
Lesduur is: 60 min
Onderdelen in deze les
KM Rekenen - verbanden
Slide 1 - Tekstslide
Planning
Herhaling: Waarom dit MWU? + planning noteren
Terugblik over tabellen
Lesdoel over diagrammen
Uitleg
Oefenen
Huiswerk noteren
Slide 2 - Tekstslide
Waarom dit MWU?
Basisvaardigheid Rekenen
Diatoets 'Rekenen' volgmeting leerjaar 1
Domein 'Verbanden' - Score D of E
Doel 1: beter kunnen rekenen
Doel 2: 1e KM voor wiskunde is binnen! :-)
Slide 3 - Tekstslide
Noteer in je planner
Slide 4 - Tekstslide
(Terugblik) Sverre gaat naar een concert van Joost samen met zijn vrienden. Hij fietst eerst 10 km naar zijn vriend, vanaf daar rijden ze 50 km met de auto en op het einde moeten ze nog 2,5 km lopen. Hoelang is Sverre onderweg? Geef je antwoord in minuten.
Ondertussen check ik het HW!
Slide 5 - Open vraag
Lesdoel
Ik kan verschillende soorten diagrammen aflezen;
Ik kan assen van diagrammen indelen.
Slide 6 - Tekstslide
Welke diagrammen ken je allemaal?
Slide 7 - Open vraag
staafdiagram
Slide 8 - Tekstslide
1
De verticale as (de lengte van een staaf) geeft de hoeveelheid aan
2
Onder iedere staaf staat waar het over gaat
3
De staven raken elkaar niet aan
Slide 9 - Tekstslide
Slide 10 - Tekstslide
Slide 11 - Tekstslide
Slide 12 - Tekstslide
Wat is er fout aan deze staafdiagram?
Slide 13 - Open vraag
Frequentietabel en histogram
Slide 14 - Tekstslide
Wat betekent het woord 'frequentie'?
Slide 15 - Open vraag
Frequentietabel en histogram
Slide 16 - Tekstslide
Wat zijn de twee verschillen tussen een staafdiagram en een histogram?
Slide 17 - Open vraag
lijndiagram
Slide 18 - Tekstslide
1
Zet op de horizontale as de tijdseenheid
2
Zet op de verticale as het aantal
3
geef boven elke tijdseenheid met een stip het aantal aan
4
verbind de stippen door lijnstukken
Slide 19 - Tekstslide
Hoe noem je dat stukje tussen de 0 en de 200 en waarvoor dient het?
Slide 20 - Open vraag
Cirkeldiagram en sectoren
Slide 21 - Tekstslide
Op de cirkeldiagram zien we het aantal leden per sportvereniging. Welke sport heeft het grootste aantal leden?
Slide 22 - Open vraag
Hoeveel sporters zijn er in totaal?
Slide 23 - Open vraag
Hoeveel procent van de sporters zit op hockey?
Slide 24 - Open vraag
Hoeveel procent van de sporters zit op zwemmen?
Slide 25 - Open vraag
Naast de cirkeldiagram zie je in de tabel het aantal leden van één van deze sporten, verdeeld naar leeftijdsgroep.
Laat met een berekening zien bij welke sport uit het cirkeldiagram deze tabel hoort.
Slide 26 - Open vraag
Zelfstandig werken
Wat? - Maak de opgaven op pagina 12 t/m 21
Hoe? - Zelfstandig, in je boekje
Vragen? - Fluisteren met je groepje/ vinger opsteken
Klaar? - Verder werken aan het boekje
Slide 27 - Tekstslide
Wat zijn de verschillen tussen een staafdiagram en een histogram?