Structuur in de zin op A2-niveau

Structuur in de zin (A2-niveau)

  • Presens

  • Perfectum

  • Imperfectum

  • Scheidbare werkwoorden

  • Modale werkwoorden

  • Reflexieve werkwoorden

1 / 13
volgende
Slide 1: Slide
newEditorOnderwijswetenschappenWOStudiejaar 5

In deze les zitten 13 slides, met interactieve quizzen en tekstslide.

time-iconLesduur is: 60 min

Onderdelen in deze les

Structuur in de zin (A2-niveau)

  • Presens

  • Perfectum

  • Imperfectum

  • Scheidbare werkwoorden

  • Modale werkwoorden

  • Reflexieve werkwoorden

Maak een zin in het presens met de volgende woorden. Je mag extra woorden gebruiken en de vorm veranderen.

in - het - kind - slapen - slaapkamer - de



Maak een zin in het presens met de volgende woorden. Je mag extra woorden gebruiken en de vorm veranderen.

in - voelen - zich - de - goed - vakantie



Maak een zin in het perfectum met de volgende woorden. Je mag extra woorden gebruiken en de vorm veranderen.

op - zitten - stoel - een



Maak een zin in het perfectum met de volgende woorden. Je mag extra woorden gebruiken en de vorm veranderen.

inpakken - cadeautjes - kinderen



Maak een zin in het perfectum met de volgende woorden. Je mag extra woorden gebruiken en de vorm veranderen.

vorig - Rotterdam - naar - gaan - weekend



Maak een zin in het imperfectum met de volgende woorden. Je mag extra woorden gebruiken en de vorm veranderen.

vorig - blijven - thuis



Maak een zin in het imperfectum met de volgende woorden. Je mag extra woorden gebruiken en de vorm veranderen.

schoonmaken - huis



Maak een zin in met de volgende woorden. Je mag extra woorden gebruiken en de vorm veranderen.

maken - vanavond - willen - huiswerk



Maak een zin met de volgende woorden. Je mag extra woorden gebruiken en de vorm veranderen.

tv- kijken - mogen - vroeger



Maak een zin met de volgende woorden. Je mag extra woorden gebruiken en de vorm veranderen.

elke - wassen - ochtend - zich



Maak een zin met de volgende woorden. Je mag extra woorden gebruiken en de vorm veranderen.

vergissen - vaak



Maak een zin in de imperatief. Je mag zelf kiezen welke woorden je gebruikt.