Metabool Syndroom in de GGZ

Metabool Syndroom in de GGZ
1 / 15
volgende
Slide 1: Tekstslide

In deze les zitten 15 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

Onderdelen in deze les

Metabool Syndroom in de GGZ

Slide 1 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Doel van de les
Aan het einde van deze les weet je wat het metabool syndroom is in de GGZ.

Slide 2 - Tekstslide

Leg kort uit wat het doel van de les is.
Wat weet je al over het metabool syndroom?

Slide 3 - Woordweb

Deze slide heeft geen instructies

Wat is het metabool syndroom?
Het metabool syndroom is een combinatie van factoren die het risico op hart- en vaatziekten verhogen.

Slide 4 - Tekstslide

Leg kort uit wat het metabool syndroom is, wat de oorzaken zijn en welke factoren bijdragen aan het risico op hart- en vaatziekten.
Symptomen
Symptomen zijn onder andere een hoge bloeddruk, een hoog cholesterol, een grote buikomvang en insulineresistentie.

Slide 5 - Tekstslide

Beschrijf kort de symptomen van het metabool syndroom, benadruk dat de diagnose gesteld wordt aan de hand van een combinatie van symptomen.
Behandeling
De behandeling bestaat uit het aanpassen van de levensstijl, zoals gezonder eten en meer bewegen. Medicatie kan ook voorgeschreven worden.

Slide 6 - Tekstslide

Beschrijf kort de verschillende behandelingen voor metabool syndroom, leg uit hoe deze behandelingen bijdragen aan het verminderen van het risico op hart- en vaatziekten.
Comorbiditeit
Mensen met een psychiatrische aandoening hebben een hoger risico op het ontwikkelen van metabool syndroom.

Slide 7 - Tekstslide

Leg uit waarom mensen met een psychiatrische aandoening een hoger risico hebben op het ontwikkelen van metabool syndroom.
Oorzaken
De oorzaken zijn een combinatie van genetische aanleg, omgevingsfactoren en medicatiegebruik.

Slide 8 - Tekstslide

Beschrijf kort de verschillende oorzaken van metabool syndroom.
Risicofactoren
Risicofactoren zijn onder andere een ongezonde levensstijl, obesitas, roken en het gebruik van bepaalde medicatie.

Slide 9 - Tekstslide

Beschrijf kort verschillende risicofactoren voor het ontwikkelen van metabool syndroom.
Diagnose
De diagnose wordt gesteld aan de hand van een combinatie van symptomen.

Slide 10 - Tekstslide

Leg uit hoe de diagnose van metabool syndroom gesteld wordt.
Preventie
Preventie richt zich op het aanpassen van de levensstijl om het risico op metabool syndroom te verlagen.

Slide 11 - Tekstslide

Beschrijf kort hoe metabool syndroom voorkomen kan worden door middel van levensstijl aanpassingen.
Conclusie
Het metabool syndroom is een risicofactor voor hart- en vaatziekten en komt vaker voor bij mensen met een psychiatrische aandoening. Het is belangrijk om de symptomen te herkennen en te behandelen.

Slide 12 - Tekstslide

Vat de belangrijkste punten van de les kort samen.
Schrijf 3 dingen op die je deze les hebt geleerd.

Slide 13 - Open vraag

De leerlingen voeren hier drie dingen in die ze in deze les hebben geleerd. Hiermee geven ze aan wat hun eigen leerrendement van deze les is.
Schrijf 2 dingen op waarover je meer wilt weten.

Slide 14 - Open vraag

De leerlingen voeren hier twee dingen in waarover ze meer zouden willen weten. Hiermee vergroot je niet alleen betrokkenheid, maar geef je hen ook meer eigenaarschap.
Stel 1 vraag over iets dat je nog niet zo goed hebt begrepen.

Slide 15 - Open vraag

De leerlingen geven hier (in vraagvorm) aan met welk onderdeel van de stof ze nog moeite. Voor de docent biedt dit niet alleen inzicht in de mate waarin de stof de leerlingen begrijpen/beheersen, maar ook een goed startpunt voor een volgende les.