Vorming deel 3

Vorming deel 3
Vormen van socialisatie (3)
 1 Primaire socialisatie
 2 Secundaire socialisatie
 3 Tertiaire socialisatie
Identiteit
Aspecten van identiteit (3)
1 Persoonlijke identiteit
2 Sociale identiteit
3 Collectieve identiteit



1 / 14
volgende
Slide 1: Tekstslide
MaatschappijwetenschappenMiddelbare schoolvwoLeerjaar 5

In deze les zitten 14 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 2 videos.

time-iconLesduur is: 15 min
Dit is niet oké

Onderdelen in deze les

Vorming deel 3
Vormen van socialisatie (3)
 1 Primaire socialisatie
 2 Secundaire socialisatie
 3 Tertiaire socialisatie
Identiteit
Aspecten van identiteit (3)
1 Persoonlijke identiteit
2 Sociale identiteit
3 Collectieve identiteit



Slide 1 - Tekstslide

Slide 2 - Video

Welke primaire socialisatoren kunnen helpen om de populariteit van fatbikes te verminderen?

Slide 3 - Woordweb

Welke secundaire socialisatoren kunnen helpen om de populariteit van fatbikes te verminderen?

Slide 4 - Woordweb

Welke tertiaire socialisatoren kunnen helpen om de populariteit van fatbikes te verminderen?

Slide 5 - Woordweb

Vormen van socialisatie
De 3 vooraanstaande vormen van socialisatie:
  • Primaire = socialisatie tussen mensen die direct met elkaar verbonden zijn. Denk aan het gezin en vrienden (= peergroup). Dit is informeel.
  • Secundaire = vindt plaats in een formele sfeer en dit wordt ook wel het dragen van 'sociale kleren' genoemd. Denk aan school en werk.
  • Tertiaire = vindt plaats door anonieme socialisatoren. Hier heb je niet direct contact mee. Denk aan de media.

Slide 6 - Tekstslide

Wat is identiteit volgens de definitie?
A
Het zelfbeeld dat iemand uitdraagt
B
Kenmerkend voor de eigen persoon
C
Wat je dagelijks doet
D
De mening van anderen over jou

Slide 7 - Quizvraag

Waaruit is identiteit afgeleid?
A
Materiële bezittingen
B
Perceptie over groepen
C
Zelfbeeld en groepsgevoel
D
Uiterlijk en kledingstijl

Slide 8 - Quizvraag

Identiteit
Het beeld dat iemand van zichzelf heeft, dat hij uitdraagt en anderen voorhoudt en dat hij als kenmerkend en blijvend beschouwt voor zijn eigen persoon en dat is afgeleid van zijn perceptie over de groep(en) waar hij wel of juist ook niet deel van uitmaakt.

Slide 9 - Tekstslide

Slide 10 - Video

Drie aspecten van identiteit

1 Persoonlijke identiteit: wie ben ik?
2 Sociale identiteit: wie zijn wij? 
3 Collectieve identiteit: hoe zien anderen ons? 

Slide 11 - Tekstslide


Om welk aspect van identiteit gaat het?
'Friezen lopen op klompen en spreken doorgaans Fries.'
A
Persoonlijke identiteit
B
Sociale identiteit
C
Collectieve identiteit

Slide 12 - Quizvraag


Om welk aspect van identiteit gaat het?
'Mensen die lid zijn van de tennisvereniging, kijken vaak meer naar elkaar om, steunen elkaar soms financieel als het nodig is en hebben eigen regels.'
A
Persoonlijke identiteit
B
Sociale identiteit
C
Collectieve identiteit

Slide 13 - Quizvraag


Om welk aspect van identiteit gaat het?
'Ik denk dat ik sociaal, vriendelijk en behulpzaam ben. Ik vind mezelf over het algemeen wel een aardig mens.'
A
Persoonlijke identiteit
B
Sociale identiteit
C
Collectieve identiteit

Slide 14 - Quizvraag