3.4 Indampen en destilleren

3.4 Indampen en destilleren
1 / 32
volgende
Slide 1: Tekstslide
ScheikundeMiddelbare schoolvmbo tLeerjaar 3

In deze les zitten 32 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 2 videos.

Onderdelen in deze les

3.4 Indampen en destilleren

Slide 1 - Tekstslide

Doelen van deze les
3.4.1 Je kunt uitleggen waarom je kiest voor indampen of destilleren.
3.4.2 Je kunt bij indampen en destilleren benoemen uit welke stof het residu en het destillaat bestaan.
3.4.3 Je kunt de onderdelen van een destillatieopstelling benoemen.

Slide 2 - Tekstslide

Mengen
Scheiden

Slide 3 - Tekstslide

Slide 4 - Tekstslide

Oplossing scheiden

Een oplossing kun je scheiden door in te dampen. 

Er zijn twee manieren om een oplossing te scheiden:
- Vaste stof in vloeistof: indampen
- Vloeistof in vloeistof: destilleren

Slide 5 - Tekstslide

Indampen
Als je je oplossing verhit dan verdampt op een gegeven moment je oplosmiddel (bijvoorbeeld water, bij 100 graden Celsius). Je opgeloste stof blijft dan over in het schaaltje.

Slide 6 - Tekstslide

Slide 7 - Video

Destilleren
Bij destilleren willen we 2 vloeistoffen van elkaar scheiden, bijvoorbeeld water en alcohol. 

Je verdampt één stof en die vang je vervolgens op door het te condenseren. De andere stof blijft dan achter in de kolf.

Slide 8 - Tekstslide

Slide 9 - Tekstslide

Voorbeeld: wijn destilleren
Als je wijn alcoholvrij wil maken dan kan je deze destilleren.

Kookpunt alcohol: 78.35 graden Celsius
Kookpunt water: 100 graden Celsius

Dus: alcohol verdampt eerst, want deze heeft het laagste kookpunt.

Slide 10 - Tekstslide

0

Slide 11 - Video

Het verschil?
Bij indampen raak je eigenlijk je oplosmiddel kwijt: het verdampt en mengt zich met de lucht.

Bij destilleren vang je je ene vloeistof op en condenseer je die, zodat je beide vloeistoffen overhoudt aan het einde. 

Slide 12 - Tekstslide

Lees:
3.4 Indampen en destilleren

Slide 13 - Tekstslide

Slide 14 - Tekstslide

Slide 15 - Tekstslide

Indampen is een scheidingsmethode.
A
Niet waar
B
Waar

Slide 16 - Quizvraag

Hoe haal je suiker uit suikerwater?
A
indampen
B
extraheren
C
filtreren

Slide 17 - Quizvraag

Bij welke 2 scheidingsmethoden maak je gebruik van verschillende kookpunten?
A
destilleren & adsorberen
B
indampen & filtreren
C
destilleren & indampen
D
filtreren & bezinken

Slide 18 - Quizvraag

Je kunt een oplossing scheiden met indampen. Wat is het residu bij indampen?
A
Oplosmiddel
B
Opgeloste stof

Slide 19 - Quizvraag

Één van de manieren om een suspensie te scheiden is?
A
destilleren
B
indampen
C
filtreren
D
afschenken

Slide 20 - Quizvraag

Met welke scheidingsmethode kun je drinkwater winnen uit zeewater?
A
adsorberen
B
destilleren
C
extraheren
D
indampen

Slide 21 - Quizvraag

Welke scheidingsmethoden kies je wanneer je zout wilt winnen uit zeewater?
A
Indampen
B
Filtreren
C
Bezinken
D
Destilleren

Slide 22 - Quizvraag

Om een oplossing te scheiden moet je..
A
indampen
B
zeven
C
filtreren
D
?

Slide 23 - Quizvraag

Destilleren heeft veel overeenkomsten met indampen, maar er is ook een belangrijk verschil.
Wat is het verschil tussen destilleren en indampen?
A
Bij destilleren vang je de vloeistof die verdampt is weer op.
B
Bij indampen vang je de vloeistof die verdampt is weer op.
C
Destilleren gebeurt bij een hogere temperatuur.
D
Bij indampen kookt de vloeistof bij een lagere temperatuur.

Slide 24 - Quizvraag

Reactie of scheiding?
A
reactie
B
scheiding
C
ontleding
D
indampen

Slide 25 - Quizvraag

Indampen van suikerwater is
A
ontleden.
B
scheiden.
C
geen van beide.

Slide 26 - Quizvraag

Water verdampt en ruw zout blijft over bij
A
Indampen
B
Destilleren
C
Bezinken
D
Extraheren

Slide 27 - Quizvraag

Wanneer gebruiken we indampen in plaats van destilleren?
A
Als we niet geïnteresseerd zijn in de vloeistof
B
Als we wel geïnteresseerd zijn in de vloeistof

Slide 28 - Quizvraag


De stof die je opvangt bij destilleren: is dit het residu of destillaat?
A
Residu
B
Destillaat

Slide 29 - Quizvraag

Waar bevindt het residu zich na het destilleren?
A
in de destillatiekolf
B
in de condensatiekoeler
C
in de erlenmeyer

Slide 30 - Quizvraag

Maak:
3.4 Indampen en destilleren

Slide 31 - Tekstslide

Hoe heet deze opstelling:
A
Destillatieopstelling
B
Indamp-opstelling
C
Centrifuge
D
Bezinkings-opstelling

Slide 32 - Quizvraag