Met welke eenheid meten we spanning
ampere
vermogen
volt
watt
Welke draad voert de stroom van het elektriciteitsnet naar een apparaat?
Aardedraad
Nuldraad
Schakeldraad
Fasedraad
Wat gebeurt er bij kortsluiting?
De stroom wordt kleiner
De stroom neemt sterk toe
De spanning neemt toe
Een lamp brandt zwakker
Wat betekent overbelasting?
Er zijn te weinig apparaten aangesloten
Alle lampen staan aan
Er loopt te veel stroom door een groep
De oven staat aan
I is het symbool voor?
Stroom sterkte
Spanning
Weerstand
Vermogen
Wat is Energie?
Hoeveelheid energie per seconde
Het vermogen om Arbeid te verrichten of te leveren.
Dat spul uit een batterij.
Wat is de eenheid van Energie
E
P
kWh
kW
Wat is de formule om het energieverbruik te berekenen?
E = P : t
E = t : P
E = P x t
0 = E : P x t
Hoe schrijf je het op de juiste manier op? De stroomsterkte door een lampje is 2 ampère.
U = 2 A
P = 2 A
t = 2 A
I = 2 A
Wat is het vermogen?
Hoeveel energie een apparaat per seconde verbruikt.
Het aantal uur een batterij meegaat
Hoeveel elektrische stroom een apparaat aan kan.
Hoeveel energie een apparaat nodig heeft.
Het vermogen van een wasmachine is ... dan het vermogen van een telefoon.
Kleiner
Ongeveer hetzelfde
Groter
Kan je niet weten
Het symbool van vermogen is ........ en de eenheid van vermogen is ......... .
P en W
U en V
I en A
P en mA
In de meterkast van elk huis zit een kWh-meter. Wat meet deze meter?
de stroom die je verbruikt
het vermogen dat je verbruikt
de elektrische energie die je verbruikt
de spanning die je verbruikt
Een koelkast verbruikt per dag 0.8 kWh. Wat kost het om deze koelkast een heel jaar aan te laten staan. 1 kWh kost €0.25.
Kosten = 0.8kWh x €0.25 = €0.20
Kosten = 0.8kWh x €0.25 = €0.20 x 365 = €73.-
Kosten = 0.8kWh / €0.25 = €3,20
Kosten = 0.8kWh / €0.25 = €3,20 x 365 = €1168,-
Een wasmachine van 1000W staat 1uur en 30min aan. Bereken het energieverbruik in kWh.
1000 : 1,5 = 666,7 kWh
1000 x 1,5 = 1500 kWh
1 x 1,5 = 1,5 kWh
1 x 1.30 = 1,3 kWh
Vragen over de les?
Aan de slag!
Maak de vragen van H1.3 blz 36 t/m 41 de vragen 1 t/m 9, kader t/m vraag 10
minute
second