H2 Balans periode 3

H2 Balans periode 3
Balansposten,
Balansmutaties &
Eindbalans
1 / 34
volgende
Slide 1: Tekstslide
BedrijfseconomieBasisschoolGroep 1

In deze les zitten 34 slides, met tekstslides.

time-iconLesduur is: 1 min

Onderdelen in deze les

H2 Balans periode 3
Balansposten,
Balansmutaties &
Eindbalans

Slide 1 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Hoofdstuk 2 Leerdoelen
Je kunt:
- financiele feiten verwerken in de balans
- aan de hand van een beginbalans en financiele feiten een eindbalans opstellen

Slide 2 - Tekstslide

3. Leerdoelgericht werken
De docent geeft het onderwerp, RTTI geformuleerde leerdoelen en de lesopbouw aan. De docent weet de leerdoelen goed te laten aansluiten bij de voorkennis en het (taal)niveau van de leerlingen. Gedurende de les wordt continu een terugkoppeling naar de leerdoelen gemaakt om de mate van beheersing te controleren.

2.1 Je kunt een balans opstellen
Balans: een overzicht van bezittingen en schulden & eigen vermogen van een onderneming

- De bezittingen (of activa) staan aan de linkerkant/de debetzijde.
- De schulden en het eigen vermogen (passiva) staan aan de rechterkant/creditzijde

Slide 3 - Tekstslide

4. Inclusieve didactiek
De docent past een inclusieve didactiek toe door de interactie, eventueel in de thuistalen, in de klas te stimuleren om tot beter begrip van de lesstof te komen. De docent creëert een contextrijke leeromgeving door actief de culturele achtergronden van leerlingen bij de lesinhoud te betrekken. Hierin is de docent zich bewust van de verschillen in de klas. Door flexibel of heterogeen te differentiëren blijft iedereen bij de les betrokken. Gedurende de les reageert de docent positief en proactief op gedrag en maakt het daarmee makkelijker voor leerlingen om gewenst gedrag te laten zien.

2.1 Je kunt een balans opstellen
Een balans is:
1) een momentopname (einde van een maand/kwartaal/jaar)
2) altijd in evenwicht: de debet- en creditzijde zijn ALTIJD aan elkaar gelijk

Slide 4 - Tekstslide

4. Inclusieve didactiek
De docent past een inclusieve didactiek toe door de interactie, eventueel in de thuistalen, in de klas te stimuleren om tot beter begrip van de lesstof te komen. De docent creëert een contextrijke leeromgeving door actief de culturele achtergronden van leerlingen bij de lesinhoud te betrekken. Hierin is de docent zich bewust van de verschillen in de klas. Door flexibel of heterogeen te differentiëren blijft iedereen bij de les betrokken. Gedurende de les reageert de docent positief en proactief op gedrag en maakt het daarmee makkelijker voor leerlingen om gewenst gedrag te laten zien.

2.1 Je kunt verklaren wat de verschillende balansposten inhouden
Kapitaalgoederen: Bezittingen van een onderneming:
vaste activa, vlottende activa waaronder de liquide middelen.



Slide 5 - Tekstslide

4. Inclusieve didactiek
De docent past een inclusieve didactiek toe door de interactie, eventueel in de thuistalen, in de klas te stimuleren om tot beter begrip van de lesstof te komen. De docent creëert een contextrijke leeromgeving door actief de culturele achtergronden van leerlingen bij de lesinhoud te betrekken. Hierin is de docent zich bewust van de verschillen in de klas. Door flexibel of heterogeen te differentiëren blijft iedereen bij de les betrokken. Gedurende de les reageert de docent positief en proactief op gedrag en maakt het daarmee makkelijker voor leerlingen om gewenst gedrag te laten zien.

2.1 Je kunt verklaren wat de verschillende balansposten inhouden
Vaste activa: Bezittingen die langer dan een jaar meegaan.
Voorbeelden: gebouwen, transportmiddelen, machines, inventaris

Inventaris: Bedrijfsmiddelen die gebruikt worden voor de bedrijfsvoering. Voorbeelden zijn je bureau of laptop, stoelen of tafels.


Slide 6 - Tekstslide

4. Inclusieve didactiek
De docent past een inclusieve didactiek toe door de interactie, eventueel in de thuistalen, in de klas te stimuleren om tot beter begrip van de lesstof te komen. De docent creëert een contextrijke leeromgeving door actief de culturele achtergronden van leerlingen bij de lesinhoud te betrekken. Hierin is de docent zich bewust van de verschillen in de klas. Door flexibel of heterogeen te differentiëren blijft iedereen bij de les betrokken. Gedurende de les reageert de docent positief en proactief op gedrag en maakt het daarmee makkelijker voor leerlingen om gewenst gedrag te laten zien.

2.1 Je kunt verklaren wat de verschillende balansposten inhouden
Vlottende activa: bezittingen die korter dan een jaar meegaan, of één productieproces.
Voorbeelden: voorraad, debiteuren, bank, kas

Voorraad: Ingekochte en/of geproduceerde goederen of grondstoffen die in het magazijn van een onderneming liggen.

Slide 7 - Tekstslide

4. Inclusieve didactiek
De docent past een inclusieve didactiek toe door de interactie, eventueel in de thuistalen, in de klas te stimuleren om tot beter begrip van de lesstof te komen. De docent creëert een contextrijke leeromgeving door actief de culturele achtergronden van leerlingen bij de lesinhoud te betrekken. Hierin is de docent zich bewust van de verschillen in de klas. Door flexibel of heterogeen te differentiëren blijft iedereen bij de les betrokken. Gedurende de les reageert de docent positief en proactief op gedrag en maakt het daarmee makkelijker voor leerlingen om gewenst gedrag te laten zien.

2.1 Je kunt verklaren wat de verschillende balansposten inhouden
Verandering balanspost Voorraad
Goederen (in)kopen bij leverancier
--> Balanspost “Voorraad” stijgt.
Goederen verkopen aan klant
--> “Voorraad” daalt (met inkoopwaarde)


Slide 8 - Tekstslide

4. Inclusieve didactiek
De docent past een inclusieve didactiek toe door de interactie, eventueel in de thuistalen, in de klas te stimuleren om tot beter begrip van de lesstof te komen. De docent creëert een contextrijke leeromgeving door actief de culturele achtergronden van leerlingen bij de lesinhoud te betrekken. Hierin is de docent zich bewust van de verschillen in de klas. Door flexibel of heterogeen te differentiëren blijft iedereen bij de les betrokken. Gedurende de les reageert de docent positief en proactief op gedrag en maakt het daarmee makkelijker voor leerlingen om gewenst gedrag te laten zien.

2.1 Je kunt verklaren wat de verschillende balansposten inhouden
Bij de inkoop en verkoop van goederen zijn er 2 mogelijkheden om te betalen:
Meteen --> "contant"
Later --> "op rekening" (op termijn)

Slide 9 - Tekstslide

4. Inclusieve didactiek
De docent past een inclusieve didactiek toe door de interactie, eventueel in de thuistalen, in de klas te stimuleren om tot beter begrip van de lesstof te komen. De docent creëert een contextrijke leeromgeving door actief de culturele achtergronden van leerlingen bij de lesinhoud te betrekken. Hierin is de docent zich bewust van de verschillen in de klas. Door flexibel of heterogeen te differentiëren blijft iedereen bij de les betrokken. Gedurende de les reageert de docent positief en proactief op gedrag en maakt het daarmee makkelijker voor leerlingen om gewenst gedrag te laten zien.

2.1 Je kunt verklaren wat de verschillende balansposten inhouden
Betaling meteen loopt via de balanspost "bank" of "kas".

Betaling op rekening loopt via balanspost:
- "Crediteuren": jij betaalt jouw leverancier later
- "Debiteuren": je klant betaalt jou later




Slide 10 - Tekstslide

4. Inclusieve didactiek
De docent past een inclusieve didactiek toe door de interactie, eventueel in de thuistalen, in de klas te stimuleren om tot beter begrip van de lesstof te komen. De docent creëert een contextrijke leeromgeving door actief de culturele achtergronden van leerlingen bij de lesinhoud te betrekken. Hierin is de docent zich bewust van de verschillen in de klas. Door flexibel of heterogeen te differentiëren blijft iedereen bij de les betrokken. Gedurende de les reageert de docent positief en proactief op gedrag en maakt het daarmee makkelijker voor leerlingen om gewenst gedrag te laten zien.

2.1 Je kunt verklaren wat de verschillende balansposten inhouden
Debiteuren: Afnemers/klanten op wie je een vordering hebt omdat je aan hen goederen op rekening hebt verkocht.

Crediteuren: leveranciers aan wie je een schuld hebt omdat je bij hen goederen op rekening hebt gekocht.



Slide 11 - Tekstslide

4. Inclusieve didactiek
De docent past een inclusieve didactiek toe door de interactie, eventueel in de thuistalen, in de klas te stimuleren om tot beter begrip van de lesstof te komen. De docent creëert een contextrijke leeromgeving door actief de culturele achtergronden van leerlingen bij de lesinhoud te betrekken. Hierin is de docent zich bewust van de verschillen in de klas. Door flexibel of heterogeen te differentiëren blijft iedereen bij de les betrokken. Gedurende de les reageert de docent positief en proactief op gedrag en maakt het daarmee makkelijker voor leerlingen om gewenst gedrag te laten zien.

2.1 Je kunt verklaren wat de verschillende balansposten inhouden
De rechterkant van de balans, of Creditzijde: hoe is de onderneming gefinancierd.
Eigen vermogen: geld dat door de eigenaren is ingebracht; permanent vermogen
Vreemd vermogen: Leningen en schulden die altijd moeten worden terugbetaald; tijdelijk vermogen.





Slide 12 - Tekstslide

4. Inclusieve didactiek
De docent past een inclusieve didactiek toe door de interactie, eventueel in de thuistalen, in de klas te stimuleren om tot beter begrip van de lesstof te komen. De docent creëert een contextrijke leeromgeving door actief de culturele achtergronden van leerlingen bij de lesinhoud te betrekken. Hierin is de docent zich bewust van de verschillen in de klas. Door flexibel of heterogeen te differentiëren blijft iedereen bij de les betrokken. Gedurende de les reageert de docent positief en proactief op gedrag en maakt het daarmee makkelijker voor leerlingen om gewenst gedrag te laten zien.

2.1 Je kunt verklaren wat de verschillende balansposten inhouden
Invloed van opbrengsten & kosten op het eigen vermogen:
Het resultaat (winst of verlies) van een onderneming wordt toegevoegd aan het eigen vermogen.
Opbrengsten zijn een plus voor het resultaat --> zorgen voor een stijging van het eigen vermogen.
Kosten zijn een min voor het resultaat --> zorgen voor een daling van het resultaat

Slide 13 - Tekstslide

4. Inclusieve didactiek
De docent past een inclusieve didactiek toe door de interactie, eventueel in de thuistalen, in de klas te stimuleren om tot beter begrip van de lesstof te komen. De docent creëert een contextrijke leeromgeving door actief de culturele achtergronden van leerlingen bij de lesinhoud te betrekken. Hierin is de docent zich bewust van de verschillen in de klas. Door flexibel of heterogeen te differentiëren blijft iedereen bij de les betrokken. Gedurende de les reageert de docent positief en proactief op gedrag en maakt het daarmee makkelijker voor leerlingen om gewenst gedrag te laten zien.

2.1 Je kunt verklaren wat de verschillende balansposten inhouden
Lang vreemd vermogen: Vreemd vermogen op lange termijn heeft een looptijd van langer dan een jaar.

Kort vreemd vermogen: Vreemd vermogen op korte termijn heeft een looptijd tot een jaar.






Slide 14 - Tekstslide

4. Inclusieve didactiek
De docent past een inclusieve didactiek toe door de interactie, eventueel in de thuistalen, in de klas te stimuleren om tot beter begrip van de lesstof te komen. De docent creëert een contextrijke leeromgeving door actief de culturele achtergronden van leerlingen bij de lesinhoud te betrekken. Hierin is de docent zich bewust van de verschillen in de klas. Door flexibel of heterogeen te differentiëren blijft iedereen bij de les betrokken. Gedurende de les reageert de docent positief en proactief op gedrag en maakt het daarmee makkelijker voor leerlingen om gewenst gedrag te laten zien.

2.1 Je kunt de volgorde van de balansposten aangeven
Looptijd bepaalt de plek op de balans, hoe langer het actief meegaat, hoe hoger op de balans.
Vaste activa: looptijd/gebruik > 1 jaar
Vlottende activa: eenmalig gebruik/looptijd korter dan 1 jaar
Liquide middelen: geld op de bank of in de kas 






Slide 15 - Tekstslide

4. Inclusieve didactiek
De docent past een inclusieve didactiek toe door de interactie, eventueel in de thuistalen, in de klas te stimuleren om tot beter begrip van de lesstof te komen. De docent creëert een contextrijke leeromgeving door actief de culturele achtergronden van leerlingen bij de lesinhoud te betrekken. Hierin is de docent zich bewust van de verschillen in de klas. Door flexibel of heterogeen te differentiëren blijft iedereen bij de les betrokken. Gedurende de les reageert de docent positief en proactief op gedrag en maakt het daarmee makkelijker voor leerlingen om gewenst gedrag te laten zien.

Balansposten die je moet kennen in Havo 4

Slide 16 - Tekstslide

4. Inclusieve didactiek
De docent past een inclusieve didactiek toe door de interactie, eventueel in de thuistalen, in de klas te stimuleren om tot beter begrip van de lesstof te komen. De docent creëert een contextrijke leeromgeving door actief de culturele achtergronden van leerlingen bij de lesinhoud te betrekken. Hierin is de docent zich bewust van de verschillen in de klas. Door flexibel of heterogeen te differentiëren blijft iedereen bij de les betrokken. Gedurende de les reageert de docent positief en proactief op gedrag en maakt het daarmee makkelijker voor leerlingen om gewenst gedrag te laten zien.

2.2 Je kunt financiele feiten verwerken in een balans
Balansmutatie: bij ieder financieel feit - bv een aankoop, verkoop of betaling - veranderen er balansposten.

Let op: na verwerking van het financiele feit is de balans weer in evenwicht. Dus het balanstotaal aan beide kanten van de balans verandert met hetzelfde bedrag (of verandert niet)

Slide 17 - Tekstslide

4. Inclusieve didactiek
De docent past een inclusieve didactiek toe door de interactie, eventueel in de thuistalen, in de klas te stimuleren om tot beter begrip van de lesstof te komen. De docent creëert een contextrijke leeromgeving door actief de culturele achtergronden van leerlingen bij de lesinhoud te betrekken. Hierin is de docent zich bewust van de verschillen in de klas. Door flexibel of heterogeen te differentiëren blijft iedereen bij de les betrokken. Gedurende de les reageert de docent positief en proactief op gedrag en maakt het daarmee makkelijker voor leerlingen om gewenst gedrag te laten zien.

H2 Je kunt een eindbalans opstellen
Als we de balansmutaties verwerken in de beginbalans krijgen we de eindbalans.
--> Waarde balanspost beginbalans + balansmutatie(s) = waarde balanspost eindbalans.
Let op: zowel de beginbalans, de balansmutaties als ook de eindbalans zijn altijd in balans: beide kanten tellen op tot hetzelfde bedrag

Slide 18 - Tekstslide

4. Inclusieve didactiek
De docent past een inclusieve didactiek toe door de interactie, eventueel in de thuistalen, in de klas te stimuleren om tot beter begrip van de lesstof te komen. De docent creëert een contextrijke leeromgeving door actief de culturele achtergronden van leerlingen bij de lesinhoud te betrekken. Hierin is de docent zich bewust van de verschillen in de klas. Door flexibel of heterogeen te differentiëren blijft iedereen bij de les betrokken. Gedurende de les reageert de docent positief en proactief op gedrag en maakt het daarmee makkelijker voor leerlingen om gewenst gedrag te laten zien.

H2 Je kunt een eindbalans opstellen
Voorbeeld Waarde voorraden beginbalans: € 40.000
inkoop: + € 10.000
inkoopwaarde verkopen: -/- € 15.000
Waarde voorraden eindbalans € 40.000 + 10.000 -/- 15.000 =  35.000

Slide 19 - Tekstslide

4. Inclusieve didactiek
De docent past een inclusieve didactiek toe door de interactie, eventueel in de thuistalen, in de klas te stimuleren om tot beter begrip van de lesstof te komen. De docent creëert een contextrijke leeromgeving door actief de culturele achtergronden van leerlingen bij de lesinhoud te betrekken. Hierin is de docent zich bewust van de verschillen in de klas. Door flexibel of heterogeen te differentiëren blijft iedereen bij de les betrokken. Gedurende de les reageert de docent positief en proactief op gedrag en maakt het daarmee makkelijker voor leerlingen om gewenst gedrag te laten zien.

H2 Je kunt een eindbalans opstellen
Beginbalans: voorraden: € 40.000;     crediteuren: € 25.000

Inkoop voorraden € 10.000, betaling op termijn (crediteuren)
Balansmutatie: voorraad + € 10.000, crediteuren + € 10.000

Eindbalans: voorraden € 50.000;     crediteuren € 35.000

Slide 20 - Tekstslide

4. Inclusieve didactiek
De docent past een inclusieve didactiek toe door de interactie, eventueel in de thuistalen, in de klas te stimuleren om tot beter begrip van de lesstof te komen. De docent creëert een contextrijke leeromgeving door actief de culturele achtergronden van leerlingen bij de lesinhoud te betrekken. Hierin is de docent zich bewust van de verschillen in de klas. Door flexibel of heterogeen te differentiëren blijft iedereen bij de les betrokken. Gedurende de les reageert de docent positief en proactief op gedrag en maakt het daarmee makkelijker voor leerlingen om gewenst gedrag te laten zien.

2.3 Je kunt een winst-en-verliesrekening beschrijven
Formule periodieke afschrijving:
(aanschafprijs - restwaarde) / gebruiksduur

Slide 21 - Tekstslide

4. Inclusieve didactiek
De docent past een inclusieve didactiek toe door de interactie, eventueel in de thuistalen, in de klas te stimuleren om tot beter begrip van de lesstof te komen. De docent creëert een contextrijke leeromgeving door actief de culturele achtergronden van leerlingen bij de lesinhoud te betrekken. Hierin is de docent zich bewust van de verschillen in de klas. Door flexibel of heterogeen te differentiëren blijft iedereen bij de les betrokken. Gedurende de les reageert de docent positief en proactief op gedrag en maakt het daarmee makkelijker voor leerlingen om gewenst gedrag te laten zien.

Oefenen balans(mutaties)

Slide 22 - Tekstslide

3. Leerdoelgericht werken
De docent geeft het onderwerp, RTTI geformuleerde leerdoelen en de lesopbouw aan. De docent weet de leerdoelen goed te laten aansluiten bij de voorkennis en het (taal)niveau van de leerlingen. Gedurende de les wordt continu een terugkoppeling naar de leerdoelen gemaakt om de mate van beheersing te controleren.

2.1 Je kunt een balans opstellen
Vijf jaar geleden wilde Mario een pizzeria beginnen. Hij gebruikte hiervoor € 10.000 van zijn spaargeld en kon € 15.000 van een oom lenen. Het totale bedrag zette hij op een bankrekening bij ING Bank.
Vraag: stel de beginbalans op

Slide 23 - Tekstslide

4. Inclusieve didactiek
De docent past een inclusieve didactiek toe door de interactie, eventueel in de thuistalen, in de klas te stimuleren om tot beter begrip van de lesstof te komen. De docent creëert een contextrijke leeromgeving door actief de culturele achtergronden van leerlingen bij de lesinhoud te betrekken. Hierin is de docent zich bewust van de verschillen in de klas. Door flexibel of heterogeen te differentiëren blijft iedereen bij de les betrokken. Gedurende de les reageert de docent positief en proactief op gedrag en maakt het daarmee makkelijker voor leerlingen om gewenst gedrag te laten zien.

2.2 Je kunt financiele feiten verwerken in een balans
Balansmutatie: bij ieder financieel feit - bv een aankoop, verkoop of betaling - veranderen er balansposten.

Let op: er veranderen altijd minimaal 2 balansposten, maar het kunnen er ook 3 of meer zijn

Slide 24 - Tekstslide

4. Inclusieve didactiek
De docent past een inclusieve didactiek toe door de interactie, eventueel in de thuistalen, in de klas te stimuleren om tot beter begrip van de lesstof te komen. De docent creëert een contextrijke leeromgeving door actief de culturele achtergronden van leerlingen bij de lesinhoud te betrekken. Hierin is de docent zich bewust van de verschillen in de klas. Door flexibel of heterogeen te differentiëren blijft iedereen bij de les betrokken. Gedurende de les reageert de docent positief en proactief op gedrag en maakt het daarmee makkelijker voor leerlingen om gewenst gedrag te laten zien.

Huiswerk

Slide 25 - Tekstslide

4. Inclusieve didactiek
De docent past een inclusieve didactiek toe door de interactie, eventueel in de thuistalen, in de klas te stimuleren om tot beter begrip van de lesstof te komen. De docent creëert een contextrijke leeromgeving door actief de culturele achtergronden van leerlingen bij de lesinhoud te betrekken. Hierin is de docent zich bewust van de verschillen in de klas. Door flexibel of heterogeen te differentiëren blijft iedereen bij de les betrokken. Gedurende de les reageert de docent positief en proactief op gedrag en maakt het daarmee makkelijker voor leerlingen om gewenst gedrag te laten zien.

2.2 Je kunt financiele feiten verwerken in een balans
Daarna huurde hij een pand en kocht hij voor € 10.000 een pizzaoven die hij betaalde via de ING Bank.
Vraag: Geef de balansmutaties (welke balansposten veranderen en met welke bedrag)

Slide 26 - Tekstslide

4. Inclusieve didactiek
De docent past een inclusieve didactiek toe door de interactie, eventueel in de thuistalen, in de klas te stimuleren om tot beter begrip van de lesstof te komen. De docent creëert een contextrijke leeromgeving door actief de culturele achtergronden van leerlingen bij de lesinhoud te betrekken. Hierin is de docent zich bewust van de verschillen in de klas. Door flexibel of heterogeen te differentiëren blijft iedereen bij de les betrokken. Gedurende de les reageert de docent positief en proactief op gedrag en maakt het daarmee makkelijker voor leerlingen om gewenst gedrag te laten zien.

2.2 Je kunt financiele feiten verwerken in een balans
Vervolgens kocht hij inventaris (stoelen, tafels, een laptop en een kassa). Met de leverancier sprak hij af dat hij over een maand de rekening van € 5.000 zou betalen. (Betaling "op termijn")
Vraag: Geef de balansmutaties.

Slide 27 - Tekstslide

4. Inclusieve didactiek
De docent past een inclusieve didactiek toe door de interactie, eventueel in de thuistalen, in de klas te stimuleren om tot beter begrip van de lesstof te komen. De docent creëert een contextrijke leeromgeving door actief de culturele achtergronden van leerlingen bij de lesinhoud te betrekken. Hierin is de docent zich bewust van de verschillen in de klas. Door flexibel of heterogeen te differentiëren blijft iedereen bij de les betrokken. Gedurende de les reageert de docent positief en proactief op gedrag en maakt het daarmee makkelijker voor leerlingen om gewenst gedrag te laten zien.

2.2 Je kunt financiele feiten verwerken in een balans
Voor € 2.000 kocht hij voorraad (pizza-ingredienten en drank). De betaling was "contant" (via de ING Bank). En hij nam € 100 op van zijn rekening bij de ING Bank voor in de kassa.
Vraag: Geef de balansmutaties

Slide 28 - Tekstslide

4. Inclusieve didactiek
De docent past een inclusieve didactiek toe door de interactie, eventueel in de thuistalen, in de klas te stimuleren om tot beter begrip van de lesstof te komen. De docent creëert een contextrijke leeromgeving door actief de culturele achtergronden van leerlingen bij de lesinhoud te betrekken. Hierin is de docent zich bewust van de verschillen in de klas. Door flexibel of heterogeen te differentiëren blijft iedereen bij de les betrokken. Gedurende de les reageert de docent positief en proactief op gedrag en maakt het daarmee makkelijker voor leerlingen om gewenst gedrag te laten zien.

2.2 Je kunt financiele feiten verwerken in een balans
De omzet op de openingsavond was € 2.000. De inkoopwaarde van de omzet bedroeg € 600. De klanten betaalden "contant" met pinbetaling. 
Vraag: Geef de balansmutaties

Slide 29 - Tekstslide

4. Inclusieve didactiek
De docent past een inclusieve didactiek toe door de interactie, eventueel in de thuistalen, in de klas te stimuleren om tot beter begrip van de lesstof te komen. De docent creëert een contextrijke leeromgeving door actief de culturele achtergronden van leerlingen bij de lesinhoud te betrekken. Hierin is de docent zich bewust van de verschillen in de klas. Door flexibel of heterogeen te differentiëren blijft iedereen bij de les betrokken. Gedurende de les reageert de docent positief en proactief op gedrag en maakt het daarmee makkelijker voor leerlingen om gewenst gedrag te laten zien.

2.2 Je kunt financiele feiten verwerken in een balans
De tweede avond vond er een huwelijksfeest plaats in zijn pizzeria. De omzet bedroeg € 2.500. De inkoopkosten bedroegen € 700. Met de klant sprak hij af dat deze na de huwelijksreis zou betalen ("op termijn").
Vraag: Geef de balansmutaties

Slide 30 - Tekstslide

4. Inclusieve didactiek
De docent past een inclusieve didactiek toe door de interactie, eventueel in de thuistalen, in de klas te stimuleren om tot beter begrip van de lesstof te komen. De docent creëert een contextrijke leeromgeving door actief de culturele achtergronden van leerlingen bij de lesinhoud te betrekken. Hierin is de docent zich bewust van de verschillen in de klas. Door flexibel of heterogeen te differentiëren blijft iedereen bij de les betrokken. Gedurende de les reageert de docent positief en proactief op gedrag en maakt het daarmee makkelijker voor leerlingen om gewenst gedrag te laten zien.

2.2 Je kunt financiele feiten verwerken in een balans
De huurkosten bedroegen de eerste maand € 3.500. Betaling geschiedde per ING Bank.
Vraag: Geef de balansmutaties

Slide 31 - Tekstslide

4. Inclusieve didactiek
De docent past een inclusieve didactiek toe door de interactie, eventueel in de thuistalen, in de klas te stimuleren om tot beter begrip van de lesstof te komen. De docent creëert een contextrijke leeromgeving door actief de culturele achtergronden van leerlingen bij de lesinhoud te betrekken. Hierin is de docent zich bewust van de verschillen in de klas. Door flexibel of heterogeen te differentiëren blijft iedereen bij de les betrokken. Gedurende de les reageert de docent positief en proactief op gedrag en maakt het daarmee makkelijker voor leerlingen om gewenst gedrag te laten zien.

2.2 Je kunt financiele feiten verwerken in een balans
Opgave: Eva koopt voor een bedrag van € 18.000 aan kleding. Per ING Bank betaalt zij contant aan haar leveranciers € 8.000; het restant betaalt zij na een maand
Geef de balansmutaties

Slide 32 - Tekstslide

4. Inclusieve didactiek
De docent past een inclusieve didactiek toe door de interactie, eventueel in de thuistalen, in de klas te stimuleren om tot beter begrip van de lesstof te komen. De docent creëert een contextrijke leeromgeving door actief de culturele achtergronden van leerlingen bij de lesinhoud te betrekken. Hierin is de docent zich bewust van de verschillen in de klas. Door flexibel of heterogeen te differentiëren blijft iedereen bij de les betrokken. Gedurende de les reageert de docent positief en proactief op gedrag en maakt het daarmee makkelijker voor leerlingen om gewenst gedrag te laten zien.

2.2 Je kunt financiele feiten verwerken in een balans
Opgave: Eva verkoopt contant (per bank) voor een bedrag van € 15.000. De inkoopprijs van de verkochte kleding is € 9.000
Geef de balansmutaties

Slide 33 - Tekstslide

4. Inclusieve didactiek
De docent past een inclusieve didactiek toe door de interactie, eventueel in de thuistalen, in de klas te stimuleren om tot beter begrip van de lesstof te komen. De docent creëert een contextrijke leeromgeving door actief de culturele achtergronden van leerlingen bij de lesinhoud te betrekken. Hierin is de docent zich bewust van de verschillen in de klas. Door flexibel of heterogeen te differentiëren blijft iedereen bij de les betrokken. Gedurende de les reageert de docent positief en proactief op gedrag en maakt het daarmee makkelijker voor leerlingen om gewenst gedrag te laten zien.

2.1 Je kunt verklaren wat de verschillende balansposten inhouden

Slide 34 - Tekstslide

4. Inclusieve didactiek
De docent past een inclusieve didactiek toe door de interactie, eventueel in de thuistalen, in de klas te stimuleren om tot beter begrip van de lesstof te komen. De docent creëert een contextrijke leeromgeving door actief de culturele achtergronden van leerlingen bij de lesinhoud te betrekken. Hierin is de docent zich bewust van de verschillen in de klas. Door flexibel of heterogeen te differentiëren blijft iedereen bij de les betrokken. Gedurende de les reageert de docent positief en proactief op gedrag en maakt het daarmee makkelijker voor leerlingen om gewenst gedrag te laten zien.