Startrekenen Vooraf: Hoofdstuk 10 Meten.

Startrekenen Vooraf
H 10 Meten 

Bladzijde 98 
1 / 23
volgende
Slide 1: Tekstslide
RekenenPraktijkonderwijsLeerjaar 3

In deze les zitten 23 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 1 video.

time-iconLesduur is: 15 min

Onderdelen in deze les

Startrekenen Vooraf
H 10 Meten 

Bladzijde 98 

Slide 1 - Tekstslide

Lengte meten 

Slide 2 - Tekstslide

Lengte 
Lengte is het langste deel van iets of iemand

De lengte van een figuur geeft aan hoe lang dat figuur of voorwerp is
Soms hebben ze het ook wel over afstand.

Bijvoorbeeld:
  • De Lengte van de woonkamer is 7 meter. 
  • De afstand tussen Oosterhout is 5 km.

Slide 3 - Tekstslide

Slide 4 - Tekstslide

De afstand naar Haarlem of Amsterdam geef ik aan in ..........
A
meter
B
kilometer
C
hectometer
D
centimeter

Slide 5 - Quizvraag

De punt van een potlood geef ik aan in....
A
decimeter
B
centimeter
C
decameter
D
millimeter

Slide 6 - Quizvraag

De hoogte van een deur is ongeveer....
A
2 decimeter
B
20 centimeter
C
5 meter
D
2 meter

Slide 7 - Quizvraag

Wat wordt bedoeld met de zin:
De achtertuin is 15 meter diep.
A
Hoe diep je kunt graven.
B
Hoe lang de tuin is.
C
Wat de oppervlakte van de tuin is.
D
Wat de omtrek van de tuin is.

Slide 8 - Quizvraag

Als je de breedte van de plank opmeet noem je dat ook wel de .........?

Slide 9 - Open vraag

Als je meet hoe lang iemand is dan meet de ......

Slide 10 - Open vraag

Als je de zijkant van een kast meet, dan meet je de...

Slide 11 - Open vraag

Jan wil meten hoe hoog de tafel is hij meet de ......

Slide 12 - Open vraag

Als je wil weten of je kan duiken moet je de ......... weten

Slide 13 - Open vraag

Slide 14 - Tekstslide

Slide 15 - Tekstslide

Hoeveel mm is 1 cm?
A
1
B
10
C
100
D
1.000

Slide 16 - Quizvraag

Hoeveel cm is 1 meter?
A
1
B
10
C
100
D
1.000

Slide 17 - Quizvraag

Hoeveel meter is 1 kilometer?
A
1
B
10
C
100
D
1.000

Slide 18 - Quizvraag

Hoeveel mm is een liniaal?
A
3
B
30
C
3000
D
300

Slide 19 - Quizvraag

Een man is 2.20 m
hoeveel cm lang is hij?
A
22 cm
B
2.200 cm
C
22.000 cm
D
220 cm

Slide 20 - Quizvraag

Maken

Hoofdstuk 10 meten 

Opdracht 1 tot en met 11. 
Bladzijde 98 t/m 107



 

Slide 21 - Tekstslide

Centimeters en millimeters 

Slide 22 - Tekstslide

Slide 23 - Video