2.2 Zuivere stoffen en mengsels

Startklaar

Startopdracht

3. Begin met ‘startopdracht’

1. Zitten volgens plattegrond.

2. Boek, schrift, en pen en laptop op tafel.

Wat is het verschil tussen een zuivere stof en een mengsel?


Zet het antwoord in LessonUp



1 / 34
volgende
Slide 1: Slide
newEditorNatuurkundeMiddelbare schoolvmbo g, t, mavo, havoLeerjaar 2

In deze les zitten 34 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

Dit is niet oké

Onderdelen in deze les

Startklaar

Startopdracht

3. Begin met ‘startopdracht’

1. Zitten volgens plattegrond.

2. Boek, schrift, en pen en laptop op tafel.

Wat is het verschil tussen een zuivere stof en een mengsel?


Zet het antwoord in LessonUp



Wat is het verschil tussen een zuivere stof en een mengsel?

2.2 Zuivere stoffen en mengsels

Wat is geen stofeigenschap?

A

kleur

B

geur

C

massa

D

smaak

Welke stof heeft een zoete smaak?

A

Zout

B

Suiker

C

Azijn

D

Citroen

Welke stof is brandbaar?

A

IJzer

B

Alcohol

C

Glas

D

Plastic

        Hst 2.2 zuivere stoffen

Leerdoelen

2.2.1 Je kunt het verschil aangeven tussen zuivere stoffen en mengsels.


2.2.2 Je kunt oplossingen en suspensies onderscheiden.


2.2.3 Je kunt beschrijven hoe je stoffen kunt scheiden door middel van extraheren of filtreren.


Zuivere stof (vm)

Bestaat uit één soort stof

Mengsels (vm)

Een mengsel bestaat uit twee of meer stoffen

Zuivere stof of mengsel (hv)

Een zuivere stof bestaat uit 1 soort molecuul

Een mengsel bestaat uit meerdere soorten moleculen.


Schone lucht is een

A

mengsel

B

zuivere stof

C


D


Welke van de volgende stoffen is een mengsel

A

bronwater

B

keukenzout

C

pindakaas

D

cola

mengsels kun je mengen met een zuivere stof

A

ja

B

nee

C


D


Als ik twee zuivere stoffen met elkaar meng krijg ik een

A

mengsel

B

zuivere stof

C


D


Oplossing

Oplossing: Een vaste stof goed opgelost in een vloeistof

Een oplossing is helder, er zitten geen deeltjes in die naar de bodem zinken


Suspensies

Een vaste stof die niet oplost in vloeistof

Is troebel, je kunt er niet doorheen kijken

Niet opgeloste deeltjes zinken naar de bodem

Een oplossing is altijd

A

Kleurloos

B

Troebel

C

Helder

D

Wit

Modder is een

A

oplossing

B

suspensie

C


D


Zeewater is een ...

A

Suspensie

B

Oplossing

C


D


Een suspensie is een:

A

Is troebel je kunt er niet doorheen kijken

B

Is helder je kunt er doorheen kijken

C


D


Wat voor soort mengsel is cola?

A

oplossing

B

suspensie

C


D


Huiswerk

18 september

  • Maken 2.2 opdracht 1 t/m 6 (blz. 45) 

Startklaar

Startopdracht

3. Begin met ‘startopdracht’

1. Zitten volgens plattegrond.

2. Per tweetal 1 boek en 1 schrift en pen op tafel

Lees proef 2 op blz. 68 en 69 aandachtig door.


Klaar?

Geef in je schrift 5 voorbeelden van oplossingen en 5 voorbeelden van suspensies

Aan de slag

Proef 2 (blz. 68 & 69)


1 rekje

1 trechter

4 buisjes

2 dopjes

2 papiertjes


Klaar? Eerst opruimen en dan beginnen met het huiswerk

Maken opdrachten 2.2



 


scheidings-methode

Filtreren 

  • Scheiden van vaste stof uit vloeistof (suspensie)

  • Scheiden op basis van deeltjesgrootte

  • Voorbeeld: zand uit slootwater 

Extraheren

  • Scheiden van mengsels van vaste stoffen

  • Scheiden op basis van oplosbaarheid: sommige stoffen lossen op, andere stoffen niet

  • Voorbeeld: koffie/thee zetten (kleur-, 

smaak-, geurstoffen lossen op, drap niet)

bestaat uit één soort stof

een helder mengsel van een oplosmiddel en een opgeloste stof

bestaat uit twee of meer stoffen

slecht mengbare vloeistoffen

oplossing

zuivere stof

suspensie

mengsel

Wat doen we bij scheiden

A

stoffen kapot maken

B

Stoffen uit elkaar halen

C

Stoffen sorteren

D


Filtreren gebruik je om een … van een … te scheiden

A

gas - vaste stof

B

Vaste stof - vloeistof

C

vloeistof - gas

D

opgeloste stof - vloeistof

Een suspensie kan je scheiden door

A

extraheren

B

filtreren

C


D


Huiswerk

18 september

  • Maken 2.2 opdracht 1 t/m 9 (blz. 45)