In deze les zitten 34 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 1 video.
Lesduur is: 30 min
Onderdelen in deze les
Verpleeg-technische handelingen
Periode 2, les 6
Slide 1 - Tekstslide
Planning vandaag
-Helaas kunnen we niet praktisch aan de slag
-Doornemen theorie hielprik
-Hierna aan de slag met je e-learningen.
Slide 2 - Tekstslide
Hielprik
2025-2026
Slide 3 - Tekstslide
Hielprik
Slide 4 - Woordweb
Inhoud
Wat is de hielprik?
Waarom een hielprik?
Om welke ziekten gaat het?
Werkwijze hielprik
Specifieke aandachtspunten
Slide 5 - Tekstslide
Hoe wordt de hielprik ook wel genoemd?
A
Neonatale screening
B
PKU
C
CHT-prik
D
gehoortest
Slide 6 - Quizvraag
Wanneer moet de hielprik afgenomen worden?
A
direct post-partum
B
op dag 1
C
dag 1 - dag 2
D
dag 4 - dag 7
Slide 7 - Quizvraag
De hielprik is een verplichte handeling
A
waar
B
niet waar
Slide 8 - Quizvraag
Wat is de hielprik?
Het afnemen van enkele druppels bloed uit de hiel van een zuigeling.
Na 72 uur, uiterlijk na 168 uur (7 dagen) na de geboorte (ideaal is na 72 uur volgens het RIVM).
De hielprik is vrijwillig. Vooraf moet er om toestemming gevraagd aan ouder(s) / verzorgers.
Slide 9 - Tekstslide
Waarom een hielprik?
Het vroegtijdig opsporen van ernstige, zeldzame, vaak niet te genezen maar wel behandelbare aandoeningen.
Bij deze ziektes hebben interventies en behandelingen direct na de geboorte grote voordelen.
Het bloed wordt onderzocht op 27 verschillende ziektes.
Dit zijn behandelingen zoals het geven van een geneesmiddel of een dieet.
Slide 10 - Tekstslide
Om welke ziekten gaat het?
Het bloed wordt onderzocht om 27 ziektes:
19 stofwisselingsziekten (metabole ziekten)
2 hormoonstoornissen: adrenogenitaal syndroom en congenitale hypothyreoïdie
3 vormen van erfelijke bloedarmoede: alfa-thalassemie, bèta-thalassemie en sikkelcelziekte
Spinale musculaire atrofie (spierziekte)
Taaislijmziekte, een andere naam hiervoor is cystic fibrosis
Severe combined immunodeficiency dit is een ziekte van het afweersysteem
Slide 11 - Tekstslide
Uitslag van de hielprik
Uitslag goed; je krijgt een brief (binnen 5 weken)
Uitslag niet goed; huisarts zoekt contact op met de ouders
Slide 12 - Tekstslide
Waarom wordt er in de hiel geprikt?
Slide 13 - Open vraag
Waarom de hiel?
De vinger van een baby is nog te klein voor een vingerprik.
Er zitten haarvaatjes in de hiel. Gemakkelijk en veilig om op deze wijze voldoende bloed te halen voor de hielprikkaart
Er hoeft geen bloedvat aangeprikt te worden.
Slide 14 - Tekstslide
Werkwijze hielprik
Slide 15 - Tekstslide
Nodig voor afname
Hielprikset (geleverd door het RIVM) die bestaat uit: buitenenvelop, hielprikkaart, antwoordenvelop met adres voor verzending van de hielprikkaart en pleister.
Lancet: Hiel wordt aangeprikt met een lancet
Handschoenen
Zo nodig warm washandje
Slide 16 - Tekstslide
Hielprikkaart
Slide 17 - Tekstslide
Invullen hielprikkaart
De hielprikkaart dient volledig en leesbaar ingevuld te worden met een zwarte balpen.
De hielprikkaart moet volledig ingevuld worden in aanwezigheid van de ouder(s) en /of verzorgers.
Indien ouder(s) en /of verzorgers geen toestemming geven voor ontvangen van dragerschapsinformatie sikkelcelziekte, of geen toestemming geven voor het gebruik van restantbloed voor anoniem wetenschappelijk onderzoek dan moeten ouders een paraaf zetten.
Slide 18 - Tekstslide
Houding Baby
Leg de baby met de buikzijde tegen de schouder van de ouder of verzorger aan.
Slide 19 - Tekstslide
Prik aan de voetzoolzijde, langs de binnen- of buitenzijde
Werkwijze
hielprik
Slide 20 - Tekstslide
Plaats de lancet op de hiel
Houd rekening met de richting van de massage (stuwing)
Slide 21 - Tekstslide
Slide 22 - Tekstslide
Aandachtspunten
Warme hiel om gemakkelijker bloed te verkrijgen (warm washandje om de hiel te verwarmen, max. 38 graden)
Zelf warme handen
Draag handschoenen
Desinfecteren van de huid is niet nodig, behalve in het ziekenhuis
Zorg dat de testkaart alleen de bloeddruppel raakt, niet de huid
Geen bloeddoorstroming bevorderende of pijnstillende pasta’s of zalf gebruiken
Slide 23 - Tekstslide
Bloedafname
Zorg dat alle rondjes goed zijn gevuld
Slide 24 - Tekstslide
Hielprikkaart goed gevuld
Slide 25 - Tekstslide
Hielprikkaart niet goed gevuld
Slide 26 - Tekstslide
Hielprikkaart niet goed gevuld
Slide 27 - Tekstslide
Hielprikkaart niet goed gevuld
Slide 28 - Tekstslide
Nazorg
Pleister dwars op wond, wondranden naar elkaar toe
Hielprikkaart goed laten drogen
De screener doet zelf de hielprikkaart op de post, op de dag dat de hielprik is uitgevoerd (brievenbus PostNL)
Vraag aan ouders of ze de hielprikenvelop 3 maanden (Vilans zegt 1 jaar) willen bewaren. Mocht getwijfeld worden of de hielprik is verricht, dan toont de envelop dat deze is uitgevoerd.
Slide 29 - Tekstslide
Eerste en tweede herhaalde hielprik
Eerste herhaalde hielprik:
Testvlakken op hielprikkaart onvoldoende gevuld zijn;