Een lezer met een krant aan zee, Tarquinia Lido (Italië), 2007
EXAMENSTOF NEDERLANDS · ARGUMENTATIE · SCHEMA'S
Argumentatieschema's
Examenstof Nederlands havo
Een lezer met een krant aan zee, Tarquinia Lido (Italië), 2007
EXAMENSTOF NEDERLANDS · ARGUMENTATIE · SCHEMA'S
Argumentatieschema's
Examenstof Nederlands havo
Les 1 van 3: uitleg. Les 2 is de examentraining, les 3 de terugblik met quiz. Syllabus: A1.1 argumentatieschema's; D bijlage 4. Image credit: Roberto Ferrari / Wikimedia Commons, CC BY-SA 2.0
EXAMENSTOF NEDERLANDS · ARGUMENTATIE · SCHEMA'S
Wat ga je kunnen?
Ik kan de zes argumentatieschema's herkennen en benoemen bij een standpunt en argument.
Deze slide heeft geen instructies
Hoe overtuig je iemand? Noem manieren om te laten zien dat je gelijk hebt.
Verwacht: voorbeelden geven, een deskundige noemen, voordelen opsommen, een vergelijking maken, oorzaken noemen. Schrijf ze op het bord en koppel ze in de les aan de zes schema's. Veelgemaakte fout: denken dat overtuigen alleen met 'want' kan; het gaat erom hoe het argument het standpunt ondersteunt.
EXAMENSTOF NEDERLANDS · ARGUMENTATIE · SCHEMA'S
Argumentatieschema
Een argumentatieschema geeft de aard aan van het verband tussen een standpunt en een argument
Er zijn zes schema's: oorzaak en gevolg, kenmerk of eigenschap, voor- en nadelen, voorbeelden, vergelijking, autoriteit
Het schema zegt niet waar het argument over gaat, maar hoe het argument het standpunt ondersteunt
Zo ga je te werk: zoek het standpunt, zoek het argument, vraag wat het argument over het standpunt zegt
Kies daarna het schema dat bij dat verband past
Syllabus, Bijlage 4: het argumentatieschema geeft de aard aan van het verband tussen een standpunt en een argument. Een betoog kan meerdere schema's gebruiken, bijvoorbeeld in nevenschikkende argumentatie. Veelgemaakte fout: het schema afleiden uit een signaalwoord als 'want'. Dat woord laat alleen zien dat er een argument volgt, niet welk schema het is.
Een lezer met een krant aan zee, Tarquinia Lido (Italië), 2007
EXAMENSTOF NEDERLANDS · ARGUMENTATIE · SCHEMA'S
Oorzaak en gevolg
Bij oorzaak en gevolg onderbouwt een gevolg een oorzaak, of een oorzaak een gevolg
Voorbeeld: 'Het heeft hard geregend, dus de sloot staat vol'
Het standpunt gaat over wat waarschijnlijk is: wat is de oorzaak, of wat wordt het gevolg?
Een standpunt over wat we moeten doen is geen oorzaak en gevolg, maar voor- en nadelen
Syllabus, Bijlage 4: de schrijver wijst op gevolgen om de waarschijnlijkheid van een oorzaak te onderbouwen, of op oorzaken om de waarschijnlijkheid van een gevolg te onderbouwen. Veelgemaakte fout: elk 'omdat' of 'doordat' als oorzaak en gevolg zien. Kijk naar het standpunt: gaat het over wat waarschijnlijk waar is, dan is het oorzaak en gevolg. Image credit: Roberto Ferrari / Wikimedia Commons, CC BY-SA 2.0
EXAMENSTOF NEDERLANDS · ARGUMENTATIE · SCHEMA'S
Kenmerk of eigenschap
Bij kenmerk of eigenschap noemt de schrijver kenmerken van een persoon, object of verschijnsel
Daarmee onderbouwt de schrijver een standpunt over een andere eigenschap van datzelfde ding
Voorbeeld: 'Deze fiets is geschikt voor school, want hij is stevig en heeft een bagagedrager'
Het argument beschrijft wat iets is of heeft, het standpunt zegt wat daaruit volgt voor een andere eigenschap
Er wordt niets voorgesteld en niemand geciteerd: de kenmerken zelf dragen het standpunt
Syllabus, Bijlage 4: de schrijver geeft een of meer kenmerkende eigenschappen van een persoon, object of verschijnsel om een standpunt over een andere eigenschap te onderbouwen. Veelgemaakte fout: kenmerk of eigenschap verwarren met voor- en nadelen. Bij voor- en nadelen gaat het om een voorgestelde actie, bij kenmerk of eigenschap om wat iets is.
Welk schema gebruikt de schrijver hier?
Het heeft vannacht gevroren, want de plassen op het schoolplein zijn dichtgevroren.
kenmerk of eigenschap
oorzaak en gevolg
voorbeelden
autoriteit
Het argument noemt een gevolg (de dichtgevroren plassen) om een oorzaak aannemelijk te maken (het heeft gevroren). Verwachte fout: voorbeelden kiezen, omdat er een waarneming wordt genoemd.
Welk schema gebruikt de schrijver hier?
Mevrouw Aydin is een goede mentor, want ze luistert goed en neemt leerlingen serieus.
oorzaak en gevolg
voorbeelden
autoriteit
kenmerk of eigenschap
Het luisteren en serieus nemen zijn kenmerken van mevrouw Aydin. Daarmee wordt een standpunt over een andere eigenschap onderbouwd (ze is een goede mentor). Verwachte fout: oorzaak en gevolg, door 'want' te lezen als een oorzaak.
Een debat tussen leerlingen in een klaslokaal
EXAMENSTOF NEDERLANDS · ARGUMENTATIE · SCHEMA'S
Voor- en nadelen
Bij voor- en nadelen noemt de schrijver gevolgen van een voorgestelde actie
Het standpunt gaat over de wenselijkheid: moeten we dit wel of niet doen?
Voorbeeld: 'Bouw een skatepark, want jongeren hebben dan een plek om te sporten'
Let op woorden als moeten, zou moeten, beter niet, een voordeel is, een nadeel is
Syllabus, Bijlage 4: de schrijver geeft voor- en/of nadelen van een voorgestelde actie of handeling om een standpunt over de (on)wenselijkheid ervan te onderbouwen. Veelgemaakte fout: oorzaak en gevolg kiezen omdat er gevolgen worden genoemd. Het verschil zit in het standpunt: een voorstel is voor- en nadelen. Image credit: Joshua Olal Believer / Wikimedia Commons, CC BY-SA 4.0
EXAMENSTOF NEDERLANDS · ARGUMENTATIE · SCHEMA'S
Voorbeelden
Bij voorbeelden noemt de schrijver enkele gevallen waarin een eigenschap of verschijnsel optreedt
Daarmee onderbouwt de schrijver dat dit verschijnsel in het algemeen voorkomt
Voorbeeld: 'Veel dorpen verliezen hun winkels: kijk maar naar Vlieterp, Zandwijk en Oosthoek'
Signaalwoorden: bijvoorbeeld, zoals, kijk maar naar, ook in ... is het zo
Syllabus, Bijlage 4: de schrijver geeft voorbeelden van het optreden van een eigenschap of verschijnsel om een standpunt over het algemener voorkomen van die eigenschap of dat verschijnsel te onderbouwen. De dorpen in het voorbeeld zijn verzonnen. Veelgemaakte fout: een voorbeeld als losse toelichting zien terwijl het juist het standpunt onderbouwt.
EXAMENSTOF NEDERLANDS · ARGUMENTATIE · SCHEMA'S
Tekst 1: Een schooltuin
(1) Elke basisschool zou een eigen schooltuin moeten aanleggen. Kinderen leren er hoe groenten groeien, ze bewegen buiten en ze werken samen. Een tuin kost wel onderhoud in de vakantie, maar dat is op te lossen met hulp van ouders.
(2) Zo'n tuin blijkt in de praktijk goed te werken. Op basisschool De Kleine Akker eten leerlingen elke woensdag sla uit de eigen tuin, en ook in Holtdorp en Zeewijk is de schooltuin druk in gebruik.
Eigen tekst voor Examenstof
Voorbeeldtekst bij blok 2. Alinea 1 gebruikt voor- en nadelen, alinea 2 voorbeelden. Namen van scholen en plaatsen zijn verzonnen.
Welk schema onderbouwt dit standpunt?
Elke basisschool zou een eigen schooltuin moeten aanleggen. Kinderen leren er hoe groenten groeien en ze bewegen buiten.
oorzaak en gevolg
kenmerk of eigenschap
vergelijking
voor- en nadelen
Het standpunt is een voorstel (moeten aanleggen). De argumenten noemen voordelen van die actie. Verwachte fout: oorzaak en gevolg, omdat er gevolgen worden genoemd. Het standpunt gaat echter over wenselijkheid, niet over waarschijnlijkheid.
Vul de schema's in
Bij voor- en nadelen gaat het standpunt over een voorgestelde actie, bij voorbeelden over het algemener voorkomen van iets.
Dit is het verschil tussen beide schema's: voor- en nadelen horen bij een voorstel, voorbeelden bij een algemene bewering. Verwachte fout: vergelijking invullen omdat er meerdere gevallen worden genoemd.
De bibliotheek van de University of Reading (Verenigd Koninkrijk)
EXAMENSTOF NEDERLANDS · ARGUMENTATIE · SCHEMA'S
Vergelijking
Bij vergelijking zet de schrijver twee situaties naast elkaar
Wat in de ene situatie gepast of waarschijnlijk is, geldt volgens de schrijver ook in de andere
Voorbeeld: 'Een club verwacht dat spelers op tijd zijn, dus mag een school dat ook'
Signaalwoorden: net als, evenals, juist zoals, dus ook
Syllabus, Bijlage 4: de schrijver maakt een vergelijking tussen twee situaties; op grond van wat in de ene situatie (on)waarschijnlijk of (on)gepast is, onderbouwt hij een standpunt over wat in de andere situatie (on)waarschijnlijk of (on)gepast is. Veelgemaakte fout: vergelijking verwarren met voorbeelden. Bij een vergelijking staan precies twee situaties tegenover elkaar. Image credit: Tim Landy / Wikimedia Commons, CC BY-SA 4.0
Boekenkasten in de bibliotheek van Anjo (Japan)
EXAMENSTOF NEDERLANDS · ARGUMENTATIE · SCHEMA'S
Autoriteit
Bij autoriteit beroept de schrijver zich op een deskundige en betrouwbare bron
Ook wel: argumentatie op basis van een gezaghebbende bron
Voorbeeld: 'Volgens tandarts Ilse Jansma moet je twee keer per dag poetsen, dus doe dat'
Signaalwoorden: volgens, zegt, stelt, uit onderzoek blijkt
Syllabus, Bijlage 4: de schrijver beroept zich op een uitspraak van een deskundige en betrouwbare bron. De tandarts in het voorbeeld is verzonnen. Of de bron ook echt betrouwbaar is (deskundig, geen belang, geen tegenspraak) hoort bij het beoordelen van argumentatie, een ander onderwerp. Hier gaat het alleen om het herkennen van het schema. Image credit: Asturio Cantabrio / Wikimedia Commons, CC BY-SA 4.0
EXAMENSTOF NEDERLANDS · ARGUMENTATIE · SCHEMA'S
Tekst 2: De sporthal
(1) Onze school zou de sporthal na schooltijd open moeten stellen. De mediatheek is na de lessen ook open voor wie wil leren. Dan mag de sporthal open zijn voor wie wil bewegen.
(2) Sportdocent Maarten Hoekstra, die al twintig jaar jongeren traint, zegt dat leerlingen die na schooltijd sporten, ontspannen thuiskomen. Hij ziet het dagelijks bij zijn eigen team.
Eigen tekst voor Examenstof
Voorbeeldtekst bij blok 3: alinea 1 gebruikt vergelijking, alinea 2 autoriteit. De sportdocent is verzonnen.
Welk schema gebruikt de schrijver hier?
De mediatheek is na de lessen ook open voor wie wil leren. Dan mag de sporthal open zijn voor wie wil bewegen.
voor- en nadelen
vergelijking
voorbeelden
kenmerk of eigenschap
De mediatheek en de sporthal zijn twee situaties. Wat in de ene gepast is (open na schooltijd), geldt volgens de schrijver ook in de andere. Verwachte fout: voor- en nadelen, omdat het standpunt een voorstel is.
Zet de stappen om een schema te bepalen op volgorde
Dit zijn de stappen van de eerste dia. Verwachte fout: meteen het schema kiezen zonder eerst het standpunt vast te stellen.
Welk schema vond je het lastigst?
Oorzaak en gevolg
Kenmerk of eigenschap
Voor- en nadelen
Voorbeelden, vergelijking of autoriteit
Gebruik de uitslag om te kiezen welk schema je in de training extra bespreekt. Oorzaak en gevolg tegenover voor- en nadelen is de meest voorkomende verwarring.
Hoe bepaal je welk schema bij een argument past?
Een goed antwoord: ik zoek eerst het standpunt, dan het argument, en vraag wat het argument over het standpunt zegt (gevolgen, kenmerken, voorbeelden, een vergelijking, een deskundige). Verwachte fout: alleen op signaalwoorden letten.
EXAMENSTOF NEDERLANDS · ARGUMENTATIE · SCHEMA'S
Begrippen (1/2)
argumentatieschema: de aard van het verband tussen een standpunt en een argument
oorzaak en gevolg: een gevolg onderbouwt een oorzaak of een oorzaak een gevolg
kenmerk of eigenschap: kenmerken van iets onderbouwen een standpunt over een andere eigenschap
voor- en nadelen: gevolgen van een voorstel onderbouwen of het wenselijk is
voorbeelden: gevallen onderbouwen dat iets in het algemeen voorkomt
Deze slide heeft geen instructies
EXAMENSTOF NEDERLANDS · ARGUMENTATIE · SCHEMA'S
Begrippen (2/2)
vergelijking: wat in de ene situatie geldt, geldt volgens de schrijver ook in een andere
autoriteit: de schrijver beroept zich op een deskundige en betrouwbare bron
gezaghebbende bron: andere naam voor argumentatie op basis van autoriteit
Deze slide heeft geen instructies