BS 2: Stengels en wortels GTL

BS 2: Wortels en stengels
1 / 28
volgende
Slide 1: Tekstslide
BiologieMiddelbare schoolvmbo g, t, mavoLeerjaar 4

In deze les zitten 28 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

Onderdelen in deze les

BS 2: Wortels en stengels

Slide 1 - Tekstslide

Lesdoelen 
  • Je kunt in afbeeldingen vaatbundels, houtvaten en bastvaten benoemen en je kunt de functie van deze delen beschrijven.
  • Je kunt beschrijven hoe planten stevigheid verkrijgen.
  • Je kunt beschrijven hoe opname en transport van water en mineralen bij planten plaatsvinden en je kunt het belang hiervan voor de fotosynthese beschrijven.

Slide 2 - Tekstslide

Bekijk opdrachten even 
Bekijk opdracht 1, 2 en 3 van basisstof 2 (stengels en wortels).

Straks kun je deze vragen beantwoorden. 

Slide 3 - Tekstslide

Functie stengels 
  • Dragen van bladeren en   bloemen
  • Transport van water en  voedingsstoffen (mineralen)
  • Opslag reservevoedsel

Slide 4 - Tekstslide

Transport door vaten

Bladeren van planten hebben water nodig om glucose te maken. 

--> Bij welk proces wordt deze glucose gemaakt?


--> Waar komt het water vandaag en hoe komt het in de bladeren?

Slide 5 - Tekstslide

Vervoer via vaatbundels


Er zijn twee typen vaten: houtvaten en bastvaten, die bij elkaar in een vaatbundel liggen.


  • Houtvaten: Water en mineralen uit bodem (transport omHoog)
  • Bastvaten: Producten uit fotosynthese naar andere plantdelen vervoeren (transport naar Beneden)

Slide 6 - Tekstslide

Vaatbundels 
  • Zorgen voor transport in (zaad)planten
  • Een groepje vaten; lange buisjes die van de wortels tot aan de bladeren lopen
  • 2 soorten vaten:
       Houtvaten en Bastvaten

Slide 7 - Tekstslide

Houtvaten 
  • Vervoeren water met mineralen   van de wortel naar de bladeren 
      (Houtvaten - omHoog)

  • In bladeren liggen de Houtvaten   Hoog en de bastvaten laag.
  • In de stengel liggen ze aan de binnenkant (in het Hart)

Slide 8 - Tekstslide

Bastvaten 
  • Vervoeren water met energierijke stoffen van de bladeren naar alle delen van de plant (Beneden)
  • In bladeren liggen de  bastvaten   aan de onderkant
  • In de stengel liggen ze aan de   Buitenkant

Slide 9 - Tekstslide

Vezels
  • Vezels zorgen voor stevigheid in zowel de plant als rondom de vaatbundels.

Slide 10 - Tekstslide

Slide 11 - Tekstslide

Slide 12 - Tekstslide

kruidachtig of houtachtig?

Slide 13 - Tekstslide

kruidachtig & houtachtig

Slide 14 - Tekstslide

Functie wortels 

  • Vastzetten in de grond
  • Water met mineralen 
       opnemen
  • Opslag van reservevoedsel


Slide 15 - Tekstslide

Wortelstelsel
Alle wortels samen noemen we het wortelstelsel:

  • hoofdwortel
  • zijwortel
  • wortelharen

Slide 16 - Tekstslide

Wortelharen

Vergroten het worteloppervlak

Zorgen voor opname van water en opgeloste stoffen

Slide 17 - Tekstslide

Transport water en mineralen

Slide 18 - Tekstslide

Manier 1:
worteldruk = wortels persen het water omhoog 

Slide 19 - Tekstslide

Manier 2
Zorgt voor meeste vervoer.


- Zuigkracht bladeren door verdamping

Slide 20 - Tekstslide

Een vaatbundel bestaat uit ...
A
houtvaten en nerfvaten
B
bastvaten en suikervaten
C
houtvaten, suikervaten en nerfvaten
D
bastvaten en houtvaten

Slide 21 - Quizvraag

Wat vervoeren de houtvaten?
A
water en mineralen
B
water en glucose
C
water en zuurstof
D
water

Slide 22 - Quizvraag

Bastvaten vervoeren....
A
van de wortel naar de bladeren
B
van de bladeren naar de wortel

Slide 23 - Quizvraag

Bastvaten bevinden zich aan de .......... van een blad.
A
onderkant
B
bovenkant

Slide 24 - Quizvraag

Transport omhoog in een stengel komt o.a. door....
A
spierkracht
B
zwaartekracht
C
verdamping van water uit de huidmondjes
D
zuigkracht van de bastvaten

Slide 25 - Quizvraag

Waar zitten luizen op een blad?
A
houtvaten
B
vaatbundel
C
bastvaten

Slide 26 - Quizvraag

Een peen is een verdikte wortel die reservestoffen bevat.
Hoe komen de reservestoffen in de peen?
A
via bastvaten
B
via houtvaten
C
via haarvaten
D
via wortelharen

Slide 27 - Quizvraag

Aan de slag
1) Zoek in basisstof 3 op wat assimilatie is. 

2) Bestudeer alvast afb. 2 van basisstof 3 (glucose als grondstof).

3) Maak opdracht 1, 2, 3, 6 en 7 van basisstof 2.

Slide 28 - Tekstslide