In deze les zitten 20 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.
Lesduur is: 40 min
Onderdelen in deze les
Liquiditeit of exploitatie
Slide 1 - Tekstslide
Op de liquiditeitsbegroting staan
A
ontvangsten en uitgaven
B
omzet en kosten
C
bezittingen en schulden
Slide 2 - Quizvraag
Op de exploitatiebegroting staan
A
ontvangsten en uitgaven
B
omzet en kosten
C
bezittingen en schulden
Slide 3 - Quizvraag
Lonen zijn
A
uitgaven
B
kosten
C
uitgaven en kosten
Slide 4 - Quizvraag
Afschrijvingen op vaste activa zijn
A
uitgaven
B
kosten
C
uitgaven en kosten
Slide 5 - Quizvraag
Inkopen van voorraad zijn
A
uitgaven
B
kosten
C
uitgaven en kosten
Slide 6 - Quizvraag
Aflossingen van schuld zijn
A
uitgaven
B
kosten
C
uitgaven en kosten
Slide 7 - Quizvraag
De voorraad.......
(iwo = inkoopwaarde van de omzet)
A
neemt af met inkopen en toe met iwo
B
neemt toe met inkopen en af met iwo
C
neemt toe met inkopen en toe met iwo
Slide 8 - Quizvraag
Overzicht omzet 1e kwartaal: Januari € 210.000 1/3e van omzet is contant, de rest op rekening februari € 240.000 krediettermijn debiteuren een maand maart € 360.000 Bereken contante omzet in 1e kwartaal
Slide 9 - Open vraag
Antwoord
1/3 X (€ 210.000 + € 240.000 + € 360.000)
€ 270.000
Slide 10 - Tekstslide
Overzicht omzet 1e kwartaal: Januari € 210.000 1/3e van omzet is contant, de rest op rekening februari € 240.000 krediettermijn debiteuren een maand maart € 360.000 Bereken de ontvangsten van debiteuren in maart
Slide 11 - Open vraag
Antwoord
2/3 X € 240.000 = € 160.000
Slide 12 - Tekstslide
Overzicht inkopen 1e kwartaal: Januari € 100.000 De inkopen zijn geheel op rekening. krediettermijn februari € 60.000 van twee maanden maart € 40.000 Wat zijn de uitgaven aan crediteuren in maart
Slide 13 - Open vraag
Antwoord
€ 100.000
Slide 14 - Tekstslide
Overzicht omzet 1e kwartaal: Januari € 210.000 1/3e van omzet is contant, de rest op rekening februari € 240.000 krediettermijn debiteuren een maand maart € 360.000 De inkoopwaarde is 60 % van de omzet Bereken de omzet en de brutowinst in 1e kwartaal
Slide 15 - Open vraag
Antwoord
Omzet € 210.000 + € 240.000 + € 360.000 =
€ 810.000
Omzet € 810.000 100 %
Inkoopwaarde € 486.000 - 60 %
Brutowinst € 324.000 40 %
Slide 16 - Tekstslide
Welke balanspost verandert met het saldo van liquiditeitsbegroting
Slide 17 - Open vraag
Liquide middelen !!!
Slide 18 - Tekstslide
Welke balanspost verandert met het saldo van exploitatiebegroting