Twee woordenboeken, Servisch-Engels en Engels-Servisch
EXAMENSTOF ENGLISH · READING · GUESS THE WORD
Examentraining
Woorden raden: zo pak je examenvragen aan
Twee woordenboeken, Servisch-Engels en Engels-Servisch
EXAMENSTOF ENGLISH · READING · GUESS THE WORD
Examentraining
Woorden raden: zo pak je examenvragen aan
Les 2 van 3. Laat leerlingen in tweetallen overleggen bij de open vragen. Image credit: Milica Buha / Wikimedia Commons, CC BY-SA 4.0
EXAMENSTOF ENGLISH · READING · GUESS THE WORD
Wat ga je kunnen?
Ik kan bij een examenvraag de betekenis van een onbekend Engels woord afleiden uit de zin, uit een lijkend woord of uit de woorddelen.
Deze slide heeft geen instructies
EXAMENSTOF ENGLISH · READING · GUESS THE WORD
Zo pak je een examenvraag aan
1. Lees de zin: lees ook de zin ervoor en erna.
2. Bedenk de woordsoort: een ding, een doen of een eigenschap?
3. Zoek de hint: een plaatje, een voorbeeld, 'but' of 'so'.
4. Kies: de betekenis die in de zin past, niet alleen het woord dat lijkt.
5. Controleer: lees de zin met jouw antwoord erin.
Deze slide heeft geen instructies
EXAMENSTOF ENGLISH · READING · GUESS THE WORD
Vraagtype 1: betekenis uit de zin
Vraag: 'Wat betekent het woord in alinea 2?'
De hint staat meestal in dezelfde zin of de zin erna.
Kies de betekenis die past, ook als je het woord niet kent.
Lees de zin opnieuw met jouw keuze erin.
Deze slide heeft geen instructies
EXAMENSTOF ENGLISH · READING · GUESS THE WORD
Tekst 4: A rainy school trip
(1) Last Friday our class went on a trip to a castle. We left school at eight o'clock and travelled by coach for two hours.
(2) When we arrived, it was pouring with rain. Our teacher, Mr Evans, gave everyone a bright yellow raincoat. "You look like a group of ducks," he joked, and we all laughed.
(3) Inside the castle, a guide showed us the enormous kitchen. The fireplace was so big that you could stand inside it! Then we climbed a narrow staircase to the top of the tower.
(4) The view was wonderful, but my legs were shaking because I am afraid of heights. My friend Zoe held my hand until we were down again.
Eigen tekst voor Examenstof
Fictief schoolreisje. De hints staan dicht bij het onbekende woord.
Wat betekent 'pouring' in alinea 2?
When we arrived, it was pouring with rain.
Zachtjes regenen
Heel hard regenen
Net droog worden
Gaan sneeuwen
Hints: 'bright yellow raincoat' en Mr Evans die grapt over eenden. Je krijgt een regenjas, dus het regent veel. Verwachte fout: 'Zachtjes regenen', omdat 'rain' erbij staat.
Wat betekent 'enormous' in alinea 3?
Inside the castle, a guide showed us the enormous kitchen.
Heel groot
Heel oud
Heel donker
Heel klein
De hint staat in de volgende zin: 'so big that you could stand inside it'. Verwachte fout: 'Heel oud', omdat het over een kasteel gaat. Dat staat er niet.
EXAMENSTOF ENGLISH · READING · GUESS THE WORD
Vraagtype 2: lijkt op, maar let op
Vraag: 'Wat is ... in alinea 2?' bij een woord dat op Nederlands lijkt.
Lijkt het op een Nederlands woord? Test het in de zin.
Past het niet? Dan is het misschien een schijnvriend.
Let ook op but: dat wijst op een tegenstelling.
Deze slide heeft geen instructies
EXAMENSTOF ENGLISH · READING · GUESS THE WORD
Tekst 5: A message from Sam
(1) Hi Lisa! I'm in London with my family. The weather is warm and the city is full of tourists.
(2) Yesterday we visited a famous museum. The tickets were expensive, but the guide was fantastic. In the afternoon I bought a present for my brother in a small shop. It was a T-shirt with a picture of a red bus.
(3) Tonight we are going to a restaurant near our hotel. Tomorrow we take the train to Brighton. I will send you a postcard from the beach!
Eigen tekst voor Examenstof
Fictief bericht van een leerling op vakantie. Veel woorden lijken op het Nederlands, een paar zijn een schijnvriend.
Wat is 'a present' in alinea 2?
I bought a present for my brother in a small shop.
Een presentatie
Een koffer
Een cadeau
Een bezoek
Hints: 'bought ... for my brother' en het was een T-shirt. Verwachte fout: 'Een presentatie', omdat 'present' erop lijkt. Dat is een schijnvriend.
Wat betekent 'expensive' in alinea 2?
The tickets were expensive, but the guide was fantastic.
Goedkoop
Duur
Gratis
Uitverkocht
Het woord 'but' maakt een tegenstelling met 'fantastic': de tickets waren niet goed, de gids wel. Duur past. Verwachte fout: 'Goedkoop', door de tegenstelling niet te zien.
EXAMENSTOF ENGLISH · READING · GUESS THE WORD
Vraagtype 3: woorddelen en voorbeelden
Vraag: 'Wat betekent ...?' bij een woord met een bekend begin of eind.
Haal het woord uit elkaar: un-, -able, well.
Staat er like of such as? Dan volgt een voorbeeld.
Controleer of jouw antwoord bij de rest van de zin past.
Deze slide heeft geen instructies
EXAMENSTOF ENGLISH · READING · GUESS THE WORD
Tekst 6: Rules at the pool
(1) Welcome to Riverside Pool! Please read our rules before you swim.
(2) Always take a shower first. Do not run: the floor is wet and you can fall.
(3) Children under eight must have an adult with them. Lifeguards are here to help, so tell them if you feel unwell.
(4) Please do not leave valuables like phones or wallets in your bag. Use a locker, and keep the key on your wrist.
Eigen tekst voor Examenstof
Fictief zwembad. De context geeft hints bij bijna elk lastig woord.
Wat betekent 'unwell' in alinea 3?
Lifeguards are here to help, so tell them if you feel unwell.
Heel blij zijn
Honger hebben
Te laat zijn
Niet goed voelen
Un- betekent niet en well betekent goed. Het past ook bij 'Lifeguards are here to help'. Verwachte fout: 'Honger hebben', omdat 'feel' erbij staat.
Wat zijn 'valuables' in alinea 4?
Please do not leave valuables like phones or wallets in your bag.
Natte spullen
Vieze spullen
Oude spullen
Waardevolle spullen
Hints: 'like phones or wallets' (voorbeelden) en 'value' in het woord. Een telefoon en een portemonnee zijn waardevol. Verwachte fout: 'Oude spullen', door alleen aan een rugzak te denken.
Welk vraagtype vind jij het lastigst?
Betekenis uit de zin
Lijkt op, maar let op
Woorddelen
Voorbeelden herkennen
Deze slide heeft geen instructies
EXAMENSTOF ENGLISH · READING · GUESS THE WORD
Tips voor op het examen
Een onbekend woord is geen reden om te stoppen: lees de hele zin.
Zoek eerst de hint, dan pas de betekenis.
Lijkt het op Nederlands? Test het altijd in de zin.
Let op but, so, like en such as: dat zijn hints.
Kost een woord veel tijd? Sla het over en ga door met de vraag.
Mag het woordenboek? Gebruik het als laatste stap.
Deze slide heeft geen instructies