3.1 Stoffen en eigenschappen

Leerdoel
Je leert aan welke eigenschappen je stoffen kunt herkennen.

1 / 17
volgende
Slide 1: Tekstslide
NatuurkundeMiddelbare schoolvmbo b, k, gLeerjaar 2

In deze les zitten 17 slides, met tekstslides.

time-iconLesduur is: 45 min

Onderdelen in deze les

Leerdoel
Je leert aan welke eigenschappen je stoffen kunt herkennen.

Slide 1 - Tekstslide

Maken
Opdrachten 2 t/m 16 (blz. 75 & 76)

Extra
17 t/m 20 (blz. 76)

Slide 2 - Tekstslide

STOFEIGENSCHAPPEN
Stoffen herken je aan hun eigenschappen. Voorbeelden van stofeigenschappen zijn smaak, kleur, hardheid, brandbaarheid, kookpunt en smeltpunt.

Slide 3 - Tekstslide

noteer 3 stofeigenschappen van suiker
timer
1:00

Slide 4 - Tekstslide

Voorwerpeigenschap
Niet alle eigenschappen van een voorwerp kun je gebruiken om de stof te herkennen waarvan het is gemaakt.
Vorm of gewicht zijn bijvoorbeeld voorwerpeigenschappen

Slide 5 - Tekstslide

3.1 zuivere stof en mengsel
Zuivere stof en mengsel
Zuivere stoffen kun je niet scheiden.
Ze bestaan uit één stof.

zout                  suiker                ijzer.               zuurstof         gedestilleerd                                                                                                         water 

Slide 6 - Tekstslide

3.1 zuivere stof en mengsel
Zuivere stof en mengsel
Mengsels bestaan uit verschillende stoffen door elkaar heen.


Kraanwater          glas                  pindakaas         cola                 lucht  

Slide 7 - Tekstslide

        mengsel        zuivere stof

Slide 8 - Tekstslide

Een belangrijke stofeigenschap
DICHTHEID

Slide 9 - Tekstslide

Volume (V)
Volume is een woord om aan te geven hoeveel ruimte iets inneemt. 

Dit schrijven we op in      

Het volume is dan:

Als je alles in cm invult.


cm3
lengtebreedtehoogte

Slide 10 - Tekstslide

Massa (m)
Er is een verschil tussen massa en gewicht.
Op de maan is je massa hetzelfde, je gewicht niet. 

Massa is de hoeveelheid stof bij elkaar opgeteld, in                     

gram(g)

Slide 11 - Tekstslide

Onderdompelmethode
Bedacht door Archimedes.

Wordt gebruikt om het volume van een lastig voorwerp te bepalen.


1L=1dm3

Slide 12 - Tekstslide

Dichtheid
Dichheid is het aantal gram dat 1 cm3 aan massa heeft
Dichtheid van hetzelfde materiaal is overla gelijk
STOFEIGENSCHAP

Hoe kan je nu bepalen wat de massa is van 1 cm3 van een materiaal als je een blok hebt van 125 cm3


Slide 13 - Tekstslide

Dichtheid
Bijvoorbeeld:   1 cm3 materiaal heeft een massa van 2,7 g
Hoeveel massa heeft dan een blokje van 10 cm3
Hoeveel massa heeft dan een blokje van 50 cm3


Slide 14 - Tekstslide

Dichtheid
Als ik nu 337.5 g van een materiaal heb en het volume van dat materiaal is 125 cm3
Wat is dan de dichtheid (g/cm3)

Slide 15 - Tekstslide

Huiswerk
  • Maken opdrachten 1 t/m 16 (blz. 75 - 76)

  • Extra: 17 t/m 20 (blz. 76)


Slide 16 - Tekstslide

Leerdoel
Je leert aan welke eigenschappen je stoffen kunt herkennen.

Slide 17 - Tekstslide