LUISTEREN · OPNAME EN PRODUCTIE
EXAMENTRAINING
Opnametechniek en productie: zo pak je examenvragen aan
LUISTEREN · OPNAME EN PRODUCTIE
EXAMENTRAINING
Opnametechniek en productie: zo pak je examenvragen aan
Les 2 van 3. Laat leerlingen in tweetallen overleggen bij de open vragen. Image credit: Steve Knight / Wikimedia Commons, CC BY 2.0
♪ LUISTEREN · OPNAME EN PRODUCTIE
WAT GA JE KUNNEN?
Ik kan in een luisterfragment of een productiegegeven de juiste opname- of productietechniek herkennen en benoemen.
Deze slide heeft geen instructies
♪ LUISTEREN · OPNAME EN PRODUCTIE
ZO PAK JE EEN EXAMENVRAAG AAN
1. Lees: welke techniek wordt gevraagd: een effect, een elektronisch middel, een herhaling of een tijdsaanduiding?
2. Luister: let op één ding tegelijk: de stem, het ritme, de ruimte of het einde.
3. Vergelijk: kies per optie wat je er precies van zou horen.
4. Controleer: past je antwoord bij alles wat je hoort en niet bij een andere techniek?
Deze slide heeft geen instructies
♪ LUISTEREN · OPNAME EN PRODUCTIE
VRAAGTYPE 1: EFFECTEN EN PLAATSING HERKENNEN
Je benoemt een effect of de plek van een geluid in de mix.
Let op herhalingen van noten en op links en rechts.
Deze slide heeft geen instructies
Video: U2: Where The Streets Have No Name (Remastered) (kanaal: U2). Wat hoor je? De gitaar speelt een vlot patroon waarin elke noot kort daarna opnieuw klinkt, in het ritme van het nummer. Dat is delay. Goede antwoord: delay.
Welk effect geeft het gitaarritme zijn herhalende echo?
Delay: de noten klinken kort daarna opnieuw
Autotune: de toonhoogte wordt rechtgezet
Fade-out: het volume zakt langzaam weg
Crossfade: twee nummers lopen in elkaar over
De noten van de gitaar klinken steeds opnieuw: delay. Wie fade-out of crossfade kiest, let op het volume in plaats van op de herhaling.
Een mixer noteert: gitaar 100 procent links, toetsen 100 procent rechts, zang midden. Welke bewerking beschrijft dat?
Quantising
Crossfade
Panning
Dubbing
Een track tussen links en rechts plaatsen is panning. Wie dubbing kiest, denkt aan extra partijen opnemen in plaats van plaatsen.
Een analoge synthesizer (Wasp)
♪ LUISTEREN · OPNAME EN PRODUCTIE
VRAAGTYPE 2: ELEKTRONISCHE KLANKEN
Je benoemt hoe een geluid elektronisch is gemaakt.
Let op strakke, steeds gelijke klanken en op klank uit software.
Image credit: R. Bartz / Wikimedia Commons, CC BY-SA 2.5
Video: Marvin Gaye: Sexual Healing (kanaal: MarvinGayeVEVO). Wat hoor je? Het ritme komt van een drumcomputer: elke slag klinkt precies gelijk en strak op de tel, zonder de kleine verschillen van een drummer. Goede antwoord: een drumcomputer.
Hoe is het ritme in dit fragment gemaakt?
Een drummer speelt een akoestisch drumstel
Met een drumcomputer
Een dj scratcht platen op draaitafels
Een slagwerkgroep speelt live percussie
De slagen klinken precies gelijk: drumcomputer. Wie een drummer kiest, mist de strakke, elektronische klank.
Een toetsenist speelt MIDI-noten in. De klank komt van software in de DAW. Welk begrip past bij die software?
Drumcomputer
Crossfade
Fade-out
VST/virtual instrument
Software die MIDI-noten omzet in klank is een VST of virtual instrument. Wie drumcomputer kiest, denkt aan een apparaat voor ritmes.
♪ LUISTEREN · OPNAME EN PRODUCTIE
VRAAGTYPE 3: HERHALING EN EINDE
Je benoemt een stukje dat steeds terugkeert of hoe een nummer eindigt.
Let op wat precies herhaalt en op het volume aan het eind.
Deze slide heeft geen instructies
Video: Pink Floyd: Money (2023 Remaster) (kanaal: Pink Floyd). Wat hoor je? Aan het begin klinken kassageluiden en munten in een vast herhalend patroon, een loop. Daaronder begint de basriff. Goede antwoord: loop.
Aan het begin klinken geluiden die steeds hetzelfde patroon herhalen. Welk begrip past?
Fade-out
Crossfade
Autotune
Loop
Een steeds herhalend stukje is een loop. Wie fade-out kiest, let op een volume dat wegzakt, en dat gebeurt hier niet.
Video: Fleetwood Mac: Dreams (Official Audio) (kanaal: Fleetwood Mac). Wat hoor je? In het laatste deel van het nummer zakt het volume langzaam weg tot stilte. Dat is een fade-out. Goede antwoord: het volume zakt langzaam weg.
Wat gebeurt er met het volume aan het einde van dit fragment?
Het neemt toe: een crossfade naar een nieuw nummer
Het zakt langzaam weg: een fade-out
Het blijft gelijk tot een laatste slotakkoord
Het verschuift van links naar rechts: panning
Het volume zakt weg tot stilte: fade-out. Wie crossfade kiest, hoort geen tweede nummer opkomen.
Een dj beweegt een plaat op de draaitafel, 2010
♪ LUISTEREN · OPNAME EN PRODUCTIE
VRAAGTYPE 4: TEMPO EN TIMING
Je redeneert met bpm, quantising en crossfade.
Let op wat er in de situatie wordt beschreven.
Image credit: 黃 zero / Wikimedia Commons, CC BY-SA 2.0
Een drummer speelt iets onnauwkeurig. De producer zet alle noten precies op het ritmische raster. Welke bewerking is dat?
Autotune
Panning
Quantising
Dubbing
Noten op een raster zetten is quantising. Wie autotune kiest, verwart timing met toonhoogte.
Een dj laat nummer A (120 bpm) met een crossfade overlopen in nummer B (90 bpm). Wat gaat er hoorbaar mis?
De beats lopen niet synchroon, want de tempo's verschillen
Nummer B wordt automatisch mono
De samples in A verdwijnen uit de mix
Nummer A krijgt een fade-out in plaats van een crossfade
Bij verschillende bpm lopen beats uit de pas. De andere opties volgen niet uit de gegevens.
Welk vraagtype vind jij het lastigst?
Effecten en plaatsing
Elektronische klanken
Herhaling en einde
Tempo en timing
Bespreek de uitslag en laat leerlingen die iets lastig vinden het fragment nog eens beluisteren.
♪ LUISTEREN · OPNAME EN PRODUCTIE
TIPS VOOR OP HET EXAMEN
Benoem eerst wat je hoort en kies daarna pas het begrip.
Delay geeft losse herhalingen, reverb een smeltende nagalm.
Een fade-out gaat over één nummer, een crossfade over twee.
Bij bpm gaat het om het tempo, bij quantising om de timing van noten.
Deze slide heeft geen instructies