Examenopdrachten korte route domein 1



Vak: Rekenen mbo niveau 4
Examenopdrachten domein 3
1 / 32
volgende
Slide 1: Tekstslide
RekenenMBOStudiejaar 1-4

In deze les zitten 32 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

time-iconLesduur is: 120 min

Onderdelen in deze les



Vak: Rekenen mbo niveau 4
Examenopdrachten domein 3

Slide 1 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies


Oefenopdracht 1*
Mevrouw Da Costa maakt iedere dag een wandeling.
Ze zet daarbij in totaal 10.000 stappen. Een stap is
ongeveer 75 centimeter. 

Bereken hoeveel stappen mevrouw Da Costa
nog moet zetten om aan haar doel van 10.000
stappen per dag te komen.
timer
3:00

Slide 2 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies




Bereken hoeveel stappen mevrouw Da Costa nog moet zetten
om aan haar doel van 10.000 stappen per dag te komen.

Slide 3 - Open vraag

Bereken het restant aantal stappen
10000 - 9345 = 655 stappen

Oefenopdracht 2**
Mevrouw Da Costa maakt iedere dag een wandeling.
Ze zet daarbij in totaal 10.000 stappen. Een stap is
ongeveer 75 centimeter.

Bereken hoeveel centimeter mevrouw Da Costa
nog moet lopen om aan haar doel van 10.000
stappen per dag te komen.

timer
3:00

Slide 4 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies




Bereken hoeveel centimeter mevrouw Da Costa nog moet lopen
om aan haar doel van 10.000 stappen per dag te komen.

Slide 5 - Open vraag

Bereken het restant aan stappen
10000 - 9435 = 655 stappen

Bereken het aantal centimeters
655 x 75 = 49125 centimeter


Oefenopdracht 3**
Tijdens een reis door Amerika gaat Mo bungeejumpen.
De afstand van zijn val wordt berekend in feet (1 foot =
0,3048 meter).

Bereken hoeveel meter Mo per seconde valt.

timer
3:00

Slide 6 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies



Een foot is 0,3048 meter.

Bereken hoeveel meter Mo per seconde valt

Slide 7 - Open vraag

Mo valt 350 feet in 5 seconden.

Reken om van ft naar m
350 x 0,3048 = 106,68 m 

Mo valt dus 106,68 meter in 5 seconden.

Bereken het aantal m in 1 seconde
106,68 : 5 = 21,336 m/sec


Oefenopdracht 4*** 
Een foot is 0,3048 meter.

Bereken hoeveel kilometer Mo per seconde valt.

timer
5:00

Slide 8 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies



Een foot is 0,3048 meter.

Bereken hoeveel kilometer Mo per seconde valt.

Slide 9 - Open vraag

Mo valt 350 ft in 5 sec.

Reken om van ft naar m
350 x 0,3048 = 106,68 m

Reken om van m naar km
106,68 : 10 : 10 : 10 = 0,10668

Mo valt dus 0,10668 km in 5 seconden.

Bereken het aantal km in 1 seconde
0,10668 : 5 = 0,021336 m/sec


Oefenopdracht 5*
Lisa bakt 1 chocoladecake. Ze heeft twee pakjes
roomboter van 125 gram. Ze gebruikt het hele
eerste pakje en een deel van het tweede.

Hoeveel gram roomboter moet Lisa uit het
tweede pakje boter gebruiken?
timer
3:00

Slide 10 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies






Hoeveel gram roomboter moet Lisa uit het tweede pakje boter gebruiken?
A
75 gram
B
100 gram
C
125 gram
D
175 gram

Slide 11 - Quizvraag

Bereken de benodigde hoeveelheid
200 - 125 = 75 gram

Oefenopdracht 6**
Een ei weegt ongeveer 60 gram. De vanillesuiker,
het bakpoeder en het snufje zout wegen samen
20 milligram.

Bereken hoeveel gram deze cake weegt. 
timer
5:00

Slide 12 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies





Bereken hoeveel gram deze cake weegt.

Slide 13 - Open vraag

Reken om van mg naar g
20 : 10 : 10 : 10 = 0,02 gram

Tel de gewichten in gr bij elkaar op
250 + 200 + 180 + 180 + 100 + 0,02 = 910,02

Oefenopdracht 7***
Lisa verwacht 9 gasten. Ze wil die allemaal een
plak cake van 100 gram serveren.

Bereken of de cake groot genoeg is om Lisa en
haar gasten een plak cake aan te kunnen bieden.
timer
5:00

Slide 14 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies




Bereken of de cake groot genoeg is om Lisa en haar gasten een plakje cake aan te kunnen bieden.

Slide 15 - Open vraag

Deel het gewicht door aantal personen
910,02 : 10 = 91,002... gram

Trek conclusie
De cake is niet groot genoeg.

Oefenopdracht 8**
Maria bakt viskoekjes naar het recept van haar moeder.
Per persoon heeft ze ongeveer 180 gram vis nodig. Ze
concludeert dat ze 1,5 kilo vis moet kopen als er in 
totaal tien eters zijn.


Bereken of Maria gelijk heeft.
timer
5:00

Slide 16 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies





Bereken of Maria gelijk heeft.

Slide 17 - Open vraag

Reken om van kg naar g
1,5 x 10 x 10 x 10 = 1500 gram

Deel het gewicht door aantal eters
1500 gram : 9 = 166,66.. gram

Trek een conclusie
Maria heeft geen gelijk.


Oefenopdracht 9**
Maria kan de koekjes ook maken in een vegetarische
variant. Ze heeft daarvoor per persoon 200 gram tofu
nodig. Die kost € 1,80 voor een blok van 400 gram.

Hoeveel blokken tofu heeft Maria nodig als ze
tien eters verwacht? 


timer
5:00

Slide 18 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies






Hoeveel blokken tofu heeft Maria nodig als ze tien eters verwacht?
A
3 blokken tofu
B
4 blokken tofu
C
5 blokken tofu
D
6 blokken tofu

Slide 19 - Quizvraag

Bereken benodigde hoeveelheid tofu
200 x 10 = 2000 gram

Deel door gewicht van 1 blok tofu
2000 : 400 = 5 blokken

Oefenopdracht 10***
Maria kan de koekjes ook maken in een vegetarische
variant. Ze heeft daarvoor per persoon 200 gram tofu
nodig. Die kost € 1,80 voor een blok van 400 gram.

Bereken wat Maria kwijt is per persoon als ze
deze vegetarische variant zou maken. 


Slide 20 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies




Bereken wat Maria kwijt is per persoon als ze deze vegetarische variant
zou maken.

Slide 21 - Open vraag

Bereken benodigde hoeveelheid tofu
200 x 10 = 2000 gram

Deel door gewicht van 1 blok tofu
2000 : 400 = 5 blokken

Bereken de prijs voor 5 blokken tofu
5 x 1,80 = € 9,00

Deel de prijs door aantal eters
€ 9,00 : 10 = € 0,90

Oefenopdracht 11***
Sjoerd, Hassan en Davy schaatsen de
400 meter.

Hoeveel seconden is Davy sneller
dan Sjoerd? Toon dit aan met een
berekening.

Slide 22 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies


Sjoerd, Hassan en Davy schaatsen de 400 meter.

Hoeveel seconden is Davy sneller dan Sjoerd?
Toon dit aan met een berekening.

Slide 23 - Open vraag

Bereken de snelheid van Davy
60+ 59 = 119 seconden

Bereken de snelheid van Sjoerd
120 + 13,17 = 133,17 seconden

Bereken het verschil
133,17 - 119 = 14,17 seconden

Oefenopdracht 12***
Sjoerd, Hassan en Davy schaatsen de
400 meter.

Hoeveel seconden doet Davy over 
het schaatsen van 1 meter?

Slide 24 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies



Sjoerd, Hassan en Davy schaatsen de 400 meter.

Hoeveel seconden doet Davy over het schaatsen 1 meter?

Slide 25 - Open vraag

Bereken het aantal sec. per 400 meter
60+ 59 = 119 seconden

Bereken het aantal sec. per meter
119 : 400 = 0,2975 sec/m

Oefenopdracht 13***
Sjoerd, Hassan en Davy schaatsen de
400 meter.

Hoeveel seconden doet de langzaamste
schaatser over 200 meter?

Slide 26 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies


Sjoerd, Hassan en Davy schaatsen de 400 meter.

Hoeveel seconden doet de langzaamste schaatser
over 200 meter?

Slide 27 - Open vraag

Bereken het aantal sec. per 400 meter
120 + 28,36 = 148,36

Bereken het aantal sec. per 200 meter
148,36 : 2 = 74,18 sec/m

Oefenopdracht 14***
Milo maakt een wandeling door de Rocky Mountains.
Het is een wandeling van 6 mijl. Normaal wandelt hij
met een tempo van 5 kilometer per uur. Door de
warmte halveert dat tempo. 

Bereken hoeveel kilometer Milo loopt. Schat daarna
hoe lang Milo over deze wandeling zal doen.



1 mijl = 1,609344 km

Slide 28 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies




Bereken hoeveel kilometer Milo loopt. Schat daarna
hoe lang Milo over deze wandeling zal doen.




Slide 29 - Open vraag

Reken om van mijl naar km
6 x 1,609344 = 9,656064 km [1p]

Bepaal het wandeltempo
Dat tempo is 2,5 km/u.

Maak een schatting
Milo doet ongeveer 4 uur over deze wandeling.


Oefenopdracht 15***
Milo maakt een wandeling door de Rocky Mountains.
Het is een wandeling van 6 mijl. Door de warmte
halveert zijn wandeltempo ten opzichte van het
gemiddelde. De wandeling start om 9:25 uur.

Hoe laat komt Milo ongeveer aan op de 
eindbestemming?


1 mijl = 1,609344 km

Slide 30 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies






Hoe laat komt Milo aan op de bestemming?
A
12:25 uur
B
13:25 uur
C
14:25 uur
D
15:25 uur

Slide 31 - Quizvraag

B

Reken om van mijl naar km
6 x 1,609344 = 9,656064 km

Bepaal het wandeltempo
Dat is 2,5 kilometer per uur.

Maak een schatting
Milo doet ongeveer 4 uur over deze wandeling.

Bereken de aankomsttijd
9:25 + 4:00 = 13:25 uur


Dit is het einde van de examenopdrachten.


Wat denk je zelf dat je resultaat is?
A
Zeer goed
B
Goed
C
Voldoende
D
Onvoldoende

Slide 32 - Quizvraag

B

Reken om van mijl naar km
6 x 1,609344 = 9,656064 km

Bepaal het wandeltempo
Dat is 2,5 kilometer per uur.

Maak een schatting
Milo doet ongeveer 4 uur over deze wandeling.

Bereken de aankomsttijd
9:25 + 4:00 = 13:25 uur