Chemie van het leven (Scheikunde havo), les 3: Terugblik quiz

Plantencellen met bladgroenkorrels onder de microscoop (waterpest) (foto: Lilyviolet, CC BY 4.0)

EXAMENSTOF SCHEIKUNDE · LEVEN · VOEDINGSSTOFFEN

Quiz

Terugblik: Chemie van het leven

1 / 14
volgende
Slide 1: Slide
newEditorScheikundeMiddelbare schoolhavoLeerjaar 4,5

In deze les zitten 14 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

time-iconLesduur is: 30 min
Dit is niet oké

Introductie

Quiz van 11 vragen over fotosynthese, aminozuren, koolhydraten, vetten, functies en enzymen.

Onderdelen in deze les

Plantencellen met bladgroenkorrels onder de microscoop (waterpest) (foto: Lilyviolet, CC BY 4.0)

EXAMENSTOF SCHEIKUNDE · LEVEN · VOEDINGSSTOFFEN

Quiz

Terugblik: Chemie van het leven

Les 3 van 3. Leerlingen beantwoorden individueel; bespreek na elke paar vragen kort de antwoorden. Image credit: Lilyviolet / Wikimedia Commons, CC BY 4.0

Welke vergelijking beschrijft fotosynthese?

A

C₆H₁₂O₆ + 6 O₂ → 6 CO₂ + 6 H₂O

B

6 CO₂ + 6 H₂O → C₆H₁₂O₆ + 6 O₂

C

6 CO₂ + 12 H₂O → C₆H₁₂O₆ + 6 O₂

D

CO₂ + H₂O → C₆H₁₂O₆ + O₂

Syllabus L1.2: goede vergelijking. De tweede is de omgekeerde omzetting (ademhaling), de derde klopt niet (links 24 O, rechts 18 O), de vierde klopt niet (1 C links, 6 C rechts). Controle goede: links 6 C, 12 H, 18 O; rechts 6 C, 12 H, 18 O.

Wat gebeurt met koolstofdioxide bij koolstofassimilatie?

A

Het wordt omgezet in zuurstof

B

Het wordt in het celmembraan opgeslagen

C

Het wordt afgebroken tot koolstof en water

D

Het wordt vastgelegd in glucose

Syllabus L1.2: koolstofassimilatie. Verwachte fout: zuurstof kiezen; de zuurstof komt uit het water.

Zet op volgorde, van klein naar groot

1

Water

2

Sacharose

3

Zetmeel

4

Glucose

Syllabus L1.3: water is een klein molecuul, glucose een monosacharide, sacharose een disacharide, zetmeel een polysacharide. Verwachte fout: sacharose en zetmeel verwisselen.

Vul in

Een enzym is een eiwit dat als biokatalysator werkt en alleen het juiste substraat omzet.

enzym
biokatalysator
substraat
product
hormoon

Syllabus L1.6: enzym, biokatalysator, specificiteit. Verwachte fout: product invullen; het substraat is de stof die wordt omgezet.

Welke groepen heeft elk aminozuur?

A

Een NH₂-groep en een COOH-groep

B

Alleen een COOH-groep en een estergroep

C

Een NH₂-groep en een estergroep

D

Twee COOH-groepen

Syllabus L1.3: bouw van een aminozuur. Verwachte fout: een estergroep noemen; die komt voor in vetten.

Welke stof is een disacharide?

A

Zetmeel

B

Glucose

C

Sacharose

D

Glycerol

Syllabus L1.3: sacharose bestaat uit twee monosachariden. Zetmeel is een polysacharide, glucose een monosacharide en glycerol hoort bij vetten.

Welke formule hoort bij een vetzuur met 18 C-atomen en één C=C?

A

C₁₇H₃₅COOH

B

C₁₇H₃₁COOH

C

C₁₇H₃₃COOH

D

C₁₇H₃₇COOH

Syllabus L1.3: onverzadigd vetzuur. Een verzadigde staart met 17 C heeft 2 × 17 + 1 = 35 H (C₁₇H₃₅COOH); één C=C geeft twee H minder: C₁₇H₃₃COOH. C₁₇H₃₁COOH heeft twee C=C. C₁₇H₃₇COOH kan niet. Verwachte fout: de verzadigde formule kiezen.

Welke functie hebben vetten naast energieopslag?

A

Bouwstof in membranen

B

Biokatalysator

C

Opslag van zetmeel

D

Bron van aminozuren

Syllabus L1.5: vetten zijn bouwstof in membranen en energieopslag. Verwachte fout: biokatalysator; dat zijn enzymen.

In welke vorm slaat een plant glucose op als energievoorraad?

A

Cellulose

B

Glycerol

C

Vetzuur

D

Zetmeel

Syllabus L1.5: koolhydraten als energieopslag. Verwachte fout: cellulose kiezen, die zit vooral in celwanden.

Een enzym heeft zijn pH-optimum bij pH 2. Waar werkt het het best?

A

In een neutrale omgeving, zoals water

B

In een zure omgeving, zoals de maag

C

In een basische omgeving, zoals zeepsop

D

Overal even goed

Syllabus L1.6: pH-optimum; pH 2 is zuur. Verwachte fout: neutraal kiezen of denken dat enzymen overal werken.

Waarvoor gebruikt het lichaam aminozuren uit voedsel?

Syllabus L1.4: de producten van de afbraak zijn de basis voor lichaamseigen stoffen. Antwoord: om lichaamseigen eiwitten te maken (bijvoorbeeld enzymen en bouwstof voor spieren). Verwachte fout: alleen energie noemen.

Hoe zeker voel je je over dit onderwerp?

1

Heel zeker

2

Redelijk zeker

3

Niet zo zeker

4

Helemaal niet zeker

Gebruik de uitslag om te bepalen of je een onderdeel herhaalt.

EXAMENSTOF SCHEIKUNDE · LEVEN · VOEDINGSSTOFFEN

Goed gedaan!

Je kent nu de route van licht tot cel: fotosynthese, de bouw van eiwitten, koolhydraten en vetten, hun afbraak en de werking van enzymen.

Deze slide heeft geen instructies