Feel it - Een les over gevoelens & emoties

1 / 25
volgende
Slide 1: Tekstslide
MentorlesBurgerschapBasisschoolGroep 7,8

In deze les zitten 25 slides, met tekstslides en 7 videos.

time-iconLesduur is: 60 min
Dit is niet oké

Introductie

Deze les gaat over gevoelens en emoties. De les gaat aan de hand van video’s, vragen, stellingen en opdrachten dieper in op emoties herkennen en hoe je ermee omgaat. Wij adviseren deze les voor groep 7/8 van het PO.

Instructies

Voorbereiding
Lesinstructie
De lesinstructie kun je downloaden bij instructies en staan uitgeschreven per slide in de les. Deze vertelt je precies wat je moet doen en geeft suggesties voor vervolgvragen en bied ruimte of te differentiëren.

Benodigdheden
  • Digibord met wifi
  • Download het werkblad en print die uit voor de leerlingen

Instructies

Werkbladen

Onderdelen in deze les

Slide 1 - Tekstslide

Vertel de leerlingen dat deze les gaat over emoties en gevoelens herkennen. De les gaat aan de hand van video’s, vragen, stellingen en opdrachten dieper in op verschillende onderwerpen die te maken hebben met dit thema, zoals het herkennen van emoties en gevoelens, erover praten en hoe je met emoties om kan gaan.

Tip: maak kort een aantal afspraken met elkaar voor als jullie met elkaar in gesprek gaan over dit onderwerp (luisteren, respect hebben, niet uitlachen, elkaar laten uitpraten, etc.). 

Slide 2 - Tekstslide

Omcirkel het juiste antwoord op je werkblad.
Laat de leerlingen meedoen aan de quiz. De quiz loopt tegelijkertijd met de video’s.

Slide 3 - Video

Bekijk de video met de jongerenexperts.

Slide 4 - Tekstslide

Klassikale vraag
Camilla, de jongerenexpert, vertelt in de video dat zij vaak dingen kapot wil slaan als ze boos is, maar dat ze kalmeert als ze even ademt. Leerlingen mogen rechterhand omhoog doen als ze het herkennen en linkerhand als ze het niet herkennen. Vraag enkele leerlingen om toe te lichten waarom wel of niet.

Vervolgvragen:
  • Wat doe je graag als niemand kijkt?
  • Wat maakt dat je je prettig voelt bij iemand of een plek?
  • Kan je altijd weten wat iemand van binnen denkt?

Slide 5 - Video

Bekijk de video met de jongerenexperts.

Slide 6 - Tekstslide

Bespreek klassikaal

Vervolgvragen:
  • Wat voor emotie zou jij voelen in deze situatie?
  • Bij welke emotie zou iemand kunnen huilen?
  • Zou iemand in dezelfde situatie misschien juist niet huilen? Waarom?

Slide 7 - Tekstslide

Bespreek klassikaal

Vervolgvragen:
  • Wat voor emotie zou jij voelen in deze situatie?
  • Bij welke emotie zou iemand kunnen huilen?
  • Zou iemand in dezelfde situatie misschien juist niet huilen? Waarom?

Slide 8 - Tekstslide

Bespreek klassikaal

Vervolgvragen:
  • Wat voor emotie zou jij voelen in deze situatie?
  • Bij welke emotie zou iemand kunnen huilen?
  • Zou iemand in dezelfde situatie misschien juist niet huilen? Waarom?

Slide 9 - Tekstslide

Bespreek klassikaal

Vervolgvragen:
  • Wat voor emotie zou jij voelen in deze situatie?
  • Bij welke emotie zou iemand kunnen huilen?
  • Zou iemand in dezelfde situatie misschien juist niet huilen? Waarom?

Slide 10 - Tekstslide

Klassikaal: Eens of oneens?
Leerlingen die het eens zijn met de stelling mogen links in het klaslokaal gaan staan en leerlingen die het oneens zijn rechts. Vraag aan beide kanten een paar leerlingen om uit te leggen waarom ze daar staan.

Leg daarna een aantal situaties voor:
  • Iemand lacht de hele dag met vrienden, maar wordt ondertussen gepest in een groepsapp.
  • Iemand krijgt een onvoldoende, haalt zijn schouders op en zegt: “Boeit me echt niks.”
  • Iemand zit tijdens de pauze alleen en zegt weinig.

Vraag na iedere situatie:
  • Kun je aan deze persoon zien hoe diegene zich echt voelt? Wat zou er vanbinnen kunnen spelen?
  • Heeft iemand iets gehoord waardoor je nu van kant zou willen wisselen? Waarom?

Leerlingen mogen tijdens het gesprek van kant wisselen als ze door een argument of voorbeeld anders over de stelling zijn gaan denken.

De belangrijkste boodschap: je kunt niet altijd aan de buitenkant zien wat iemand vanbinnen voelt. Mensen kunnen hun gevoelens anders laten zien, verbergen of soms zelf nog niet goed weten wat ze precies voelen.

Slide 11 - Video

Bekijk de video met de jongerenexperts.

Slide 12 - Tekstslide

Schrijf voor jezelf op

Vraag enkele leerlingen wat ze hebben opgeschreven.

Slide 13 - Tekstslide

Bespreek in groepjes van vier.

Daarna kort klassikaal: elk groepje geeft één tip die helpt wanneer je boos bent. 

Slide 14 - Video

Bekijk de video met de jongerenexperts.

Slide 15 - Tekstslide

Doe dit in groepjes van 4. De klas gaat raden wat er gebeurt

Vervolgvragen:
  • Waaraan kon je zien dat iemand jaloers was?

Slide 16 - Video

Bekijk de video met de jongerenexperts.

Slide 17 - Tekstslide

Schrijf voor jezelf zoveel mogelijk dingen op die zouden kunnen helpen.

Stel, je moet iets doen wat je heel spannend vindt. Bijvoorbeeld een spreekbeurt geven, een toets maken of voor het eerst ergens naartoe gaan. Je merkt dat je nerveus wordt. Wat kan je doen om jezelf te helpen?

Slide 18 - Video

Bekijk de video met de jongerenexperts.

Slide 19 - Tekstslide

Kies een emotie of gevoel en bespreek alles over dit gevoel in viertallen.

Laat ieder groepje een gevoel kiezen. Bijvoorbeeld verdriet, boosheid, jaloezie, angst en/of stress. Ze bedenken vervolgens:
  • Hoe voelt het als je hiermee alleen blijft zitten?
  • Hoe kan het voelen als je het met iemand deelt?
  • Wat kan die ander zeggen of doen?

Slide 20 - Tekstslide

Schrijf op voor jezelf

Vertel erbij dat ze hun antwoorden niet hoeven te delen.

Bespreek daarna kort klassikaal:
Wat voor mensen kunnen fijn zijn om mee te praten als je ergens mee zit?
Schrijf een aantal antwoorden op het bord. Benoem dat het voor iedereen anders kan zijn bij wie je je prettig en veilig voelt.

Belangrijkste boodschap: het is fijn als je weet bij wie je terecht kunt als je ergens mee zit. Dat hoeft niet altijd dezelfde persoon te zijn en je hoeft niet alles alleen op te lossen.

Slide 21 - Video

Bekijk de video met de jongerenexperts.

Slide 22 - Tekstslide

Steek je hand op bij jouw aantal goede antwoorden.
Bespreek klassikaal hoeveel vragen de leerlingen goed hadden. Laat de leerlingen eerst voor zichzelf tellen hoeveel van de 7 vragen zij goed hebben. Vraag vervolgens wie er 0, 1, 2, 3, 4, 5, 6 of 7 vragen goed had door middel van hand opsteken. 

Slide 23 - Tekstslide

  • Docent
  • Iemand die je vertrouwt (ouders/verzorgers, vrienden, familie) 
  • Kindertelefoon: 0800-0432

Slide 24 - Tekstslide

Dit is een inspirerende quote om de les mee af te sluiten. Lees deze hardop voor in de klas.

Slide 25 - Tekstslide

Vertel dat dit het einde van de les is en vraag of de leerlingen nog vragen hebben. Controleer kort hoe de leerlingen de les afsluiten.
Vraag bijvoorbeeld:
  • Hoe voel je je na deze les?
  • Is er nog iets wat je niet begrijpt?
  • Wil iemand na de les nog even apart praten?

Herinner de leerlingen eraan dat zij na de les bij de leerkracht terechtkunnen wanneer de les iets bij hen heeft losgemaakt.

Dankjewel voor het volgen!